De ‘Taalpolitie’ waakt over het Ests

Tallinn – Estland kent een eigenaardig verschijnsel: de Keeleinspektsioon (taalinspectie), zoals de officiële naam van de ‘politie’ luidt. Deze overheidsorganisatie ziet al sinds 1990 toe op het zuiver houden van de Estse taal en de naleving van de stringente Taalwet. Zo dienen ambtenaren de – niet altijd even eenvoudige (veertien naamvallen) – taal tot in de finesses te beheersen en kan er in het publieke domein alleen plaats zijn voor teksten en omroepberichten in het Ests. De voornaamste reden voor deze ijver en behoudzucht op taalkundig gebied is dat het idee nog immer wijdverbreid is dat het Ests dusdanig te lijden heeft gehad onder de Sovjetbezetting dat het een zorgvuldig begeleid en niet te verstoren genezingsproces behoeft.

Dat de Taalinspectie zich soms op vrij fanatieke wijze van haar taak kwijt, hebben de laatste dertig jaar met name de Russischtalige ingezetenen van Estland mogen merken. Cipiers, leraren op Russische scholen en gemeenteambtenaren die de taal te slecht zouden spreken, kregen een reprimande of ontslag. De gemeenteraad van Maardu, ten oosten van hoofdstad Tallinn, moest zich ten overstaan van de Inspectie verantwoorden voor het matige Ests van Georgi Bõstrov, de toenmalige burgervader. Ook supermarktmedewerkers en taxichauffeurs zijn vermanend toegesproken.

Nu is ook het Engels in het vizier gekomen. Hesburger, een Finse keten die ook in de Baltische landen zijn snelle happen aanbiedt, wordt geacht het ‘drive-in’-bord op de autovriendelijke filialen te voorzien van een Estse vertaling. Het moederbedrijf in Turku, Finland, lijkt echter geen haast te maken met het opvolgen van het dringende advies. Ilmar Tomusk, het hoofd van de Taalinspectie, droeg zelfs een paar suggesties aan, waaronder ‘sissesõidurestoran’. Een kritische redacteur van zakenkrant Äripäev schreef daarop dat dat wel een erg lang en lastig woord is. Volgens hem moet de Taalinspectie geen woorden opleggen die niemand zal gebruiken, woorden moeten zich ontwikkelen en rijpen. En iedere automobilist begrijpt toch al wat hij bij zo’n Hesburger-restoran moet doen, bord of geen bord.

Tomusk lijkt niet voornemens gas terug te nemen. Eind vorig jaar zinspeelde hij in het radionieuws op een verdere aanscherping van de Taalwet: werkgevers moeten verantwoordelijk worden gehouden voor de Estse taalvaardigheid van hun personeel.