Van Dorp zette zich in voor de Eenheids Vak Centrale, hetgeen hem een royement bij het FNV opleverde. En over de reis naar de Sovjet-Unie: ‘Dertigduizend lijken in een massagraf in Rostow. Wat de moffen tegen het Russische volk hebben uitgevreten is onbeschrijflijk.’ De Sovjet-Unie bleek niet de verwachte heilstaat. ‘Ik dacht al snel: zo te moeten leven, dat houdt zelfs geen paard vol.’
Het engagement werd voortgezet in de buurt, met comités tegen verkrotting en speculantenwinst, en met buurthuisactiviteiten om van de Transvaal een meer homogene wijk te maken. Onlangs kreeg hij de stadspenning uitgereikt. ‘Ik beschouw het als een erkenning van de miskenning van al die jaren van noodzakelijke politieke strijd.’