De uivariaties

De uivariaties

Het zeer serieuze tijdschrift Nature kwam, nu al weer twintig jaar geleden, met een geslaagde aprilgrap op de proppen. In een tijdperk waarin je het woord gen aan de straatstenen niet kwijt kon, maakte het bekend dat ze er in het laboratorium in waren geslaagd een koe met een tomaat te kruisen. Er zijn destijds heel wat mensen ingevlogen. Hier hebben we er het woord vleestomaat aan overgehouden.

Negenentwintig trottoirtegels verder vond ik mijzelf terug bij de slager.

Hij kan er ook niet echt iets aan doen. We keken samen naar de worstjes die als evenzoveel apenpiemels onder het glas te kijk lagen. In elke worst kon een andere ziekte verborgen zitten die wij niet of nauwelijks nodig hadden.

Onze oeroude eigen kwalen waren goed genoeg. Sluipende purperen degeneratie zus en slepende violette infectie zo. Zes wachtenden voor en achter ons luisterden beleefd mee. Het detoneerde nauwelijks in deze omgeving.

Toen we tot zaken kwamen nam ik van alle aandoeningen een.

Op naar de sauslepelshop. De vreemdste verlangens kunnen je overvallen. Het was niet makkelijk. Onverbiddelijk was de winkelfee in het aanslepen van lepels. Geen gracieus gebaar daarmee was haar te veel. Ze bood ook aan om met elke lepel afzonderlijk even over het plafond te lopen. Om mij een nog betere kijk op de saus zelf te gunnen. Twee bleven er tenslotte over. Goede keus was niet goedkoop. Andere keus iets duurder. Uit de toegevoegde winkelmuziek probeerde ik aanwijzingen te putten om mijn besluitvaardigheid tot de juiste en enige sauslepel uit te strekken.

Soms werkt dat, maar op de golven van Bewitched, Bothered and Bewildered is het navigatiewise niets gedaan.

Dat ik voldaan gelepeld thuis kwam is tot daar aan toe. Dat de gasten ’s avonds aan die lepel geen woord vuil maakten was een goed teken. Ondermaans zowel als buitengaats.