De uivariaties

De uivariaties

In het dagblad De Waarheid viel destijds met grote regelmaat een kleine advertentie aan te treffen, die mij nooit uit het geheugen is gegleden. De tekst, op verrassende wijze eenvoud aan raadsel koppelend, luidde (en minder ongeveer kan ik het niet produceren): «Wij gaan door! Henk Vuur voor al uw voorbehoedmiddelen.» Voorzien van een vijfcijferig Amsterdams telefoonnummer.

Dat moet omstreeks de tijd zijn geweest waarin ik dacht dat pure zuurkool tot de eerste afrodisiacale levensbehoeften behoorde. Later begreep ik dat het beoogde effect pas echt aanslaat wanneer daar een tot de grond toe, in veel zout en nog meer vet, gesmolten eendenpoot aan wordt vastgeplakt.

Onomwonden omlijst door een Gewürztraminer van de bovenste plank. Dat leunt allemaal op ervaring.

Klinkt ingewikkeld maar is het niet. Zoals de vreugde van de vork in aardappel en vlees op niets anders dan stoffelijke weerstand is gegrondvest.

Maar het mooist van alle is de zwaartekracht. Woord zegt het al. Vooral kundig geïllus treerd op Zorgvlied en nog sierlijker dodenakkers. Ga desondanks niet onquadrillerend voorbij aan het vet wat zo dansant uit de confit en zijn canard druipt. Werp daarbij regelmatig een blik op de, zich bij het minste of geringste uiterst arrogant en middelpuntzoekend gedragende, ui en gedenk tevens het unieke laurierblad.

Laat de vleselijke appel, met onbespoten levenswandel en bij volle maan geplukt, een vast punt in uw leven zijn. Omdat en opdat. De beste zuurkool wordt verkregen door, in een lang geleden gestolen pan, niets anders dan meer appel en minder ui samen in boter te verhitten. Wie denkt beter af te zijn met het tegendeel, late zich niet weerhouden. Waarna, na het laurierblad, nog slechts gevraagd wordt om de ciderfles zelf. De halfvolle fles. Zet de deur op een goed gekozen kier en laat de late januariwind maar komen. Wij gaan door! De rest is zuurkool.