De uivariaties

De uivariaties

Zelf was ik er nooit opgekomen. Weinig gecoördineerde trilling van minstens drie vingertoppen, op die machine waar de u en de i wel erg dicht in elkaars buurt zitten, deed ooievaarspoten verschijnen. Op het scherm. Dacht er niets van. Beetje Moessorgski misschien.

Dacht niets, zelfs tot de seconde voordat, achter het glas en op perron 2b gezeten, zich iemand naar mij overboog en in mijn oor orakelde.

Schermutselende woorden en betekenissen.

«Zaterdag zoutdag, zondag zoetdag, elke dag zuurdag.» Zei de stem. Kwam mij niet onbekend voor. Zo zijn er meer. Van Awater tot azijn. Grapje.

Potentaatrode ooievaars poten. Nog niets in de gaten. Onwetend riep ik onverantwoorde beelden op. Noordwestelijkste borst van de Olympia, toetssteen bij uitstek. Minimale ritmes, als die van zuurkool en gebakken krakeend kwamen voorbij. De consensus voorbij. Had slechts de ui als houvast. IJl als een weeskind. Kwetsbaar als een glasachtig lichaam.

Gelukkig maar dat deze ui in ons landerig land terecht was gekomen. Bekend om gevoelige uibehandeling en poëtische watten alom. Niet uitgelachen en evenmin nagewezen. Want in landen verderop weten ze er wel raad mee. Kop eraf en in de koresh ermee.

Bak in boter een gesneden ui, voeg driehonderd gram kleiner gesneden lamsbout toe. Halve eetlepel kaneel en drie bladeren laurier. Zout en peper.

Water toevoegen tot de rand van het vlees. Deksel erop. Kleine vlam. Een uur lang. Deksel oplichten en driehonderd gram geschilde rabarber in stukken en een eetlepel honing. Perzische zure droom. Zorgzaam gecraqueleerd.

Rondom de bronnen van de Ra, die nu de Wolga is, woonden de barbaren. Ze plukten rode ooievaarspoten, en namen die mee stroomafwaarts. Daar noemden ze het rabarber. De wereld is stroomafwaarts geschapen. Geen tijd om daarbij stil te staan. Een echte ui wil voortdurend stroomopwaarts. Hoewel de rest van de verondersteld eetbare gewassen ook niet deugt. Zelfs heel wat minder dan de ui.

Wie het laatst deugt, deugt het best.