De uivariaties

De uivariaties

Rolde. Rolde tot precies tussen de voeten van een vrouw die daar stond.

Bloemen aan het kopen. Digitalis. Precies tussen de scheef uit elkaar staande hooggehakte schoenen van het hartveroverende merk Prada was die zwerfui tot stilstand gekomen. Ze merkte het niet. Niemand. Een wijd kleed van witte organza vol vulpeninktvlekken. Droeg ze. Loodrecht daaronder lag de verguisde ui. Op de warme stoffige stenen, tussen afgesneden stelen van bergkorenbloem en darwintulp.

Je kunt zeggen dat het was alsof die ui recht van boven naar beneden was komen vallen. Je zou aan anderen kunnen vertellen dat het wel leek alsof ze die ui daar ter plekke had gebaard. Maar vrouwen baren geen uien. Uien wensen ook niet door vrouwen gebaard te worden. Zoiets geks gebeurt alleen in Litouwse sprookjes. Ze had vingerhoedskruid gekocht. Met de beste bedoelingen. Omdat ze het nooit eerder had gezien en niet eens wist dat het vingerhoedskruid was. Giftig. Als je het opeet krijg je hartritmestoornissen. Vertelde iemand in een lift van de kunstacademie. In Den Haag. Had zij nooit van gehoord.

De jonge hond bleef staan, liep niet verder. Keek naar de ui. Ik ook. We wachtten tot ze opzij was gestapt om nog dille en salie te kopen. Ik schopte weer tegen de ui. De hond er achteraan. Het was een geschikte hond. Akelige honden spelen niet met onbehuisde uien.

We waren helemaal alleen op de volle markt. De vrolijke jonge hond en ik, waarvan ik hoopte dat het een Schnautzer was.

«En de ui», kraakte de ui. «En de ui», herhaalde ik. Trachtte er een droog ondergronds lachje aan te laten kleven. Om het vooral ontspannen te houden.

Daar was de hond weer. Hij legde de ui nauwkeurig neer. Voor mijn voeten. Ik aarzelde. Zou ik hem dit keer in de richting van Café Huisman schoppen of juist de andere kant op? In de richting van Het Papeneiland? De kuise ui?