Karmenade en patervlees

De uivariaties

Terwijl de koelkast van mijn bewustzijn met amechtige zucht optrekt uit zwijgende stilstand, alleen maar omdat de buurjongen met een tergende knal de bloedeigen straatdeur achter zich dichttrekt (zo zit de wereld in elkaar), mompel ik maar wat.


Breng ik varken en vrouw en herinnering bij elkaar. Krijg daarom, vanuit mijn betrokken perspectief, nogmaals bloedworst in het vizier.


Waarmee ik teruggrijp op de schone warmoezenierster. Zij was het, met het onderstebovenste uivormigste decolleté dat ik ooit heb gezien, die mij op de Haarlemse bloedworst wees. Niet wetend dat, niet meer dan honderd meter verderop, de beste bloedworst voor het meenemen lag. Niet eens zelf gemaakt, wat toch een belangrijke nieuwerwetse aanbeveling is, maar gewoon geïmporteerd uit het perfide Frankrijk. Waar ze nog weten van de eer die afval toekomt.


Wat wilde ik ook alweer aanschaffen? Ik stond daar maar, met mijn traag afschilferend patina van besluitvaardige man in slagerswinkel, en liet de bliksem mijner bruine ogen bokspringen over karmenade en patervlees, zich voor onderdelen van seconden aan schinkebeen en hamelbout hechten en meer dan kortstondig dralen rondom nierharst en stuitstuk. Tot hij opeens als een spontaan wakker geworden slechtvalk, boven het matte schijnsel op de zwarte boudin hing. Die daar als het berustende uiteinde van een halfaap (ondersoort spiraalstaartigen) op andermans beslissingen lag te wachten.


Van zwart was hij, iets tussen absorberend kraai- en spiegelend moorzwart in.


Witte worst was er ook. Boudin blanc. Zo wit als gewassen kip. De vrouw die voor haar beurt sprak, de vrouw die slakken op alle zout strooide (vrouwen in slagerswinkels weten zelden wat voor vlees zij in de kuip hebben), zei nog dat hij van pens was gemaakt. Maar ik, zelfs in minder stoute dromen heb ik wel eens paardenpensworst gegeten. Dan weet je het wel. Naar adem snakkend keek ik om mij heen. Waar was Pablo Neruda? Hij kon mensen redden. In en uit slagerswinkels. Vrij vertaald: ‘De hitte van de namiddag is onverdraaglijk. In hun kamers masturberen de studenten en de studentes.’