De uivariaties

De uivariaties

Woord, in een oude PC teruggevonden. Pensatief, zo schrijf je het. Het gutste over de rand. Van maag en denken en positief. Van dat laatste vooral eerste en laatste letter. Kwast een beetje, en sensatie zonder start. Muziek op minstens vijf balken tegelijk. Zo'n woord mag voor anderen niets betekenen, maar ik kan mij dat nooit meer voorstellen.

Ze wilde met mij trouwen. Op een avond, op een terras en dat willekeurige nu even niet als literair gegeven, waar we op een middag ooit, niet meer dan een half jaar eerder, hadden gezeten. Zij had destijds een schrikbarend blote rug, als kleding dan. Die had ik eerder gezien, die jurk dan. Toen was het zo heet dat je knieën bijna in brand vlogen als je langs een stationair draaiende auto liep. De halve wereld daar keek haar na. Op die avond wilde ze later met mij trouwen. Om precies te zijn in oktober. Nu wilde ze wat eten en dat werden de kroketten van Holtkamp, die verkochten ze daar. Kroket spreek je in haar taal uit alsof dat rolletje paardenvet op hetzelfde moment levend en gewelddadig overreden wordt: korrrokkkkettt! «Maar niets mis met mijn pianissimo», zei ze er bevestigend in het Engels tussendoor. Alleen als ze wel eens eightthirty zei, hoorde ik een Schotse tongval. In cafés drinkt ze altijd rode port, soms vraag ik per ongeluk of ze bier wil. Ze drinkt het wel op maar hoelang dat nog duurt, weet ik natuurlijk niet.

Van haar kreeg ik het verhaal waarin de schrijver het heeft over mensen die hem zien als een pan bouillon. Vlak voor haar vertrek maakte ze mij attent op een ander woord, maar niet met moedwil. Geloof ik. Het klinkt op zijn best geroepen vanaf lege vluchtheuvels, bij voorkeur de enig overgebleven oostelijke op de Martelaarsgracht. Op de zuidelijkste punt. Eenzame vogels zingen het zo: «Samishiiii!»