Jorge non grata?

De vader van de bruid

De omstreden vader van Máxima is zo vaak in Nederland dat hij een publiek figuur is geworden. Maar het koningshuis wacht nieuwe problemen. Het net sluit zich om Jorge Zorreguieta.

HET WAS geen groot feest, de viering van het tienjarige huwelijk van kroonprins Willem-Alexander en Máxima Zorreguieta afgelopen week, al besteedden vrijwel alle media er uitvoerig aandacht aan. De toon van de artikelen was luchtig, de aankleding van de tv-reportages sfeervol. Het beeld dat bleef hangen was dat van een jong stel dat in tien jaar tijd een gezin heeft gesticht met drie dochtertjes en nu zo langzamerhand wel klaar is voor de zware taak die wacht. Wat opviel was dat nergens werd ingegaan op de stille dreiging die nog altijd uitgaat van Jorge Zorreguieta, Máxima’s vader, die een week eerder 84 jaar werd. Zijn regeringsdeelname tijdens de Argentijnse militaire dictatuur, waarbij van 1976 tot 1983 op grote schaal de mensenrechten werden geschonden en duizenden tegenstanders van het regime werden vermoord, kan Nederland en de monarchie nog altijd schade berokkenen.
Tien jaar geleden bleef hij na een indringend gesprek met Max van der Stoel weg bij wat misschien wel zijn finest hour had moeten worden: het huwelijk van zijn dochter met de kroonprins. Als Máxima’s vader wel was gekomen zou dat een ‘samenleving splijtende discussie’ met 'desastreuze effecten’ hebben opgeleverd, aldus toenmalig premier Wim Kok in 2001, die Van der Stoel eropuit had gestuurd om koste wat het kost te voorkomen dat Zorreguieta bij het huwelijk aanwezig zou zijn. Kok stelde na het huwelijk vast dat hij het draagvlak onder de monarchie had gered. Maar de beslissing of Zorreguieta aanwezig kon zijn bij toekomstige staatsplechtigheden schoof hij door naar zijn opvolgers. Eén zo'n moment nadert met rasse schreden: de troonsopvolging. Hoewel Beatrix nog geen aanstalten lijkt te maken de troon op te geven, nemen de speculaties over haar abdicatie elk jaar toe. Dat was ook eind januari weer het geval, toen zij 74 jaar werd - de oudste vorst die Nederland ooit had.
Tegelijk met het naderen van de kroning van Willem-Alexander neemt de omstredenheid van Jorge Zorreguieta toe. In 2001 kon het Openbaar Ministerie een aanklacht tegen Zorreguieta nog naast zich neerleggen wegens 'een gebrek aan rechtsmacht’. Dat is er nu niet meer bij, wegens de inwerkingtreding van de Wet Internationale Misdrijven en een internationaal verdrag aangaande 'gedwongen verdwijningen’, die in Argentinië aan de orde van de dag waren toen Zorreguieta eerst als onderstaatssecretaris en later als staatssecretaris van Landbouw en Veeteelt deel uitmaakte van de regering-Videla. In september vorig jaar werd opnieuw aangifte gedaan, onder meer door de Argentijns-Nederlandse Alejandra Slutzky, wier vader in 1977 in haar bijzijn werd opgepakt. Er is nooit meer iets van hem vernomen.
De militairen, onder wier vleugels Zorreguieta en andere burgerbestuurders hun werk deden, beukten de Argentijnse samenleving murw met een systematische terreur waarbij tussen de twintig- en dertigduizend mensen werden vermoord. De meesten werden gemarteld in geheime detentiecentra, waarna ze werden gedood. Lijken verdwenen in massagraven of werden verbrand. Van een uitgekiende gruwelijkheid waren de dodenvluchten waarbij gedrogeerde gevangenen boven open zee uit vliegtuigen werden gegooid.

KERN van de aangifte tegen Zorreguieta is de bepaling dat gedwongen verdwijningen een 'voortdurend misdrijf’ zijn als iemand met kennis van de verdwijningen weigert daarover opheldering te verstrekken. Dat geldt ook als diegene een 'command responsibility’ had waardoor hij van de verdwijningen had moeten weten en niets heeft gedaan om die te voorkomen, op te helderen of de verantwoordelijken te straffen.
Minder dan een week voor de tienjarige huwelijksviering verscheen in NRC Handelsblad een kort artikel over twijfels van het Openbaar Ministerie om tot vervolging over te gaan. In een brief aan de hoogleraar en advocaat Liesbeth Zegveld en haar collega Göran Sluiter, die namens onder anderen Alejandra Slutzky de aanklacht indienden, schrijft officier van justitie Hester van Bruggen nog 'verschillende vragen’ te hebben over 'het toepasselijk recht en de feitelijke haalbaarheid van een eventueel strafrechtelijk onderzoek’. Zij meent dat Zorreguieta alleen kan worden vervolgd als er bewijs is dat hij 'persoonlijk betrokken is geweest bij of op de hoogte is geweest van concrete verdwijningen’. Ook vraagt ze zich af waarom de belanghebbenden zich niet tot Argentinië hebben gewend, aangezien Zorreguieta daar woont.
De brief, gezien door De Groene Amsterdammer, ademt een niet onwelwillende toon. Bovendien stamt hij al van eind oktober vorig jaar en hebben Zegveld en Sluiter de vragen van het OM inmiddels uitvoerig beantwoord in een brief van 25 januari. Daarin wijzen ze er fijntjes op dat in de zaak-Zorreguita meer aanknopingspunten zijn voor strafrechtelijk onderzoek dan bij veel andere zaken betreffende internationale misdrijven. In hun brief benadrukken Zegveld en Sluiter ook de command responsibility van Zorreguieta. En ze wijzen op de Nederlandse verplichting tot aanhouding en strafvervolging die tegenwoordig geldt als Zorreguieta op Nederlands grondgebied is. Volgens de advocaten is Zorreguieta hier inmiddels een publiek figuur en woont hij hele delen van het jaar in Nederland. 'Je kunt zeggen dat hij verweven is geraakt met de samenleving’, vertelt Liesbeth Zegveld. Ze verwacht dat de reacties in Nederland op een eventuele vervolging twee kanten op zullen gaan: 'Het koningshuis is van ons allemaal. Er zal een groep zijn die zegt: laat het koningshuis met rust. Een andere groep zal juist het tegendeel betogen: vervolg die man zodat ons koningshuis van smetten vrij blijft.’

SINDS het huwelijk van zijn dochter is Zorreguieta verscheidene keren in het openbaar in Nederland verschenen. Zo was hij met zijn vrouw Maria bij de doopplechtigheden van elk van zijn drie kleindochters. Ook verscheen hij bij de veertigste verjaardag van Willem-Alexander in 2007 en die van Máxima, vorig jaar. Vooral bij dat laatste bezoek viel op hoe vrij Zorreguieta zich voelde. Breeduit lachend en zwaaiend begaf hij zich op de rode loper van het Concertgebouw, waar Máxima en haar familie werden vergast op een verjaardagsconcert. Hij werd gefotografeerd gezeten op de voorste rij, naast de koningin. 'Dat leek een proefballonnetje. Zien of het sentiment al was weggeëbd’, zegt Michiel Baud, historicus en hoogleraar Latijns-Amerikastudies. Hij zit ontspannen achter een tafel in zijn werkkamer in het Centrum voor Studie en Documentatie van Latijns-Amerika aan de Amsterdamse Keizersgracht, waar hij directeur is.
Professor Baud onderzocht in 2000 in opdracht van toenmalig premier Kok de rol van Zorreguieta tijdens het bewind. In het rapport Militair geweld, burgerlijke verantwoordelijkheid concludeerde hij dat 'praktisch is uit te sluiten’ dat Zorreguieta persoonlijk betrokken was bij de repressie. 'Anderzijds is het ondenkbaar dat hij er niets van wist.’ Daarmee was de weg vrij voor een toestemmingswet voor het huwelijk, maar werd de aanwezigheid van Zorreguieta bij de plechtigheid omstreden.
'Ik ben geen jurist. Maar met mijn boerenverstand denk ik dat er met de juridische zaak weinig eer te behalen is in Nederland’, zegt Baud. 'Als er ergens iets zou moeten gebeuren zou het in Argentinië moeten zijn, maar daar is men er nog niet aan toe gekomen. Ik heb wel het idee dat als de discussie in Nederland gaat over de aanwezigheid van Máxima’s vader bij de troonopvolging je niet alleen naar juridische zaken moet kijken, maar ook naar morele elementen. Ik vind zelf dat daar een veel groter probleem ligt. Zijn grootste fout was dat hij is blijven zitten vanaf het begin in 1976 totdat Videla wegging in 1981.’ Tijdens zijn onderzoek vertelde een ambtenaar aan Baud dat veel regeringsfunctionarissen al snel zagen dat het de verkeerde kant op ging. Ze maakten zich met smoesjes uit de voeten. 'Dat had Zorreguieta ook kunnen doen. Zeker toen in 1979 de Organisatie van Amerikaanse Staten een rapport publiceerde waarin de moorden en verdwijningen al stonden vermeld.’

VERVOLGENS ging Zorreguieta opnieuw in de fout. In de ruim tien jaar sinds het onderzoek is er veel gebeurd in Argentinië. De omstreden amnestie voor de militairen is ingetrokken, er zijn rechtszaken, er is discussie. 'Maar Zorreguieta heeft nooit iets laten blijken van spijt, of van meegevoel met de slachtoffers.’
Jorge Zorreguieta houdt vol dat hij niet wist van de verdwijningen. Tegen Baud, maar ook tegen zijn dochter Máxima. Tijdens een tv-interview kort voor het huwelijk zei ze tegen Paul Witteman dat ze het hem gevraagd had. 'Hij zei: “Ik had geen idee waar het over ging.” Ik heb hem geloofd toen hij dat zei, want hij heeft geen reden om tegen mij te liegen.’
Maar het is vrijwel onmogelijk dat hij van niets wist. In hun antwoord aan het Openbaar Ministerie voeren Liesbeth Zegveld en Göran Sluiter aan dat Zorreguieta wist van verdwijningen, onder meer op een landbouwinstituut waarover hij de scepter zwaaide. In een uitzending van Brandpunt in oktober vorig jaar werd daar aandacht aan besteed. Het ging onder anderen om Marta Sierra (36), moeder van twee kinderen, van wie één pasgeboren. 'Videla is berecht, maar Zorreguieta niet. Hij was als burgerbestuurder medeverantwoordelijk voor de wreedheden en de ontvoering van mijn moeder’, zei de zoon van Marta Sierra in de Brandpunt-uitzending. Zorreguieta wist ook van de verdwijning van Lidia Inés Amigo, de 22-jarige dochter van een goede bekende en oud-collega. Haar ouders smeekten hem om hulp. De moeder van het verdwenen meisje zei in Brandpunt: 'Zorreguieta heeft altijd gezegd niks van verdwijningen te hebben geweten. Hij wist van ons meisje en heeft niets meer van zich laten horen.’ Rodolfo Yanzón, de belangrijkste mensenrechtenadvocaat van Argentinië, is ervan overtuigd dat Zorreguieta voor de rechter zal worden gedaagd.
In zijn werkkamer legt hoogleraar Michiel Baud uit dat naarmate je positie hoger is het morele oordeel strenger uitvalt. 'Als je macht hebt krijgen je gedragingen groter gewicht en kunnen ze ook harder beoordeeld worden dan die van anderen. Ik vind het onbegrijpelijk dat het koningshuis en de Nederlandse regering deze zaak niet al lang geleden hebben afgerond. De troonsopvolging is geen privé-kwestie, maar iets statelijks. Als direct duidelijk gemaakt was dat Zorreguieta daar niet bij zou zijn, dan was die discussie nu niet meer nodig geweest.’