Gastcolumn

De verleiding van Facebook

Wat is er toch zo aanlokkelijk aan die tenenkrommend serieuze en tegelijkertijd jammerlijk lichtvoetige kijk op het leven die Facebook uitstraalt?

Medium 025 dga42

IK WAS ZEVENTIEN, zij zestien. Het duurde een jaar of drie voordat het misging. Daarna zag ik haar nooit meer - totdat ik een paar maanden geleden een vriendschapsverzoek van haar kreeg op Facebook, de sociale netwerksite waarvan ik even tevoren om nog altijd volstrekt onduidelijke redenen lid was geworden. Na een kwart eeuw was ze er weer: ‘V. wil vrienden met je worden op Facebook.’ En om te reageren was er de uitnodigende, groene knop - aanklikbaar. Eén klik om het verleden terug te halen. Zo verleidelijk. Eén klik. Ik klikte.
Facebook. Je leven, maar dan digitaal. Zo beschrijft een personage in David Finchers film The Social Network het fenomeen van een profiel van jezelf op een internetsite maken en vanaf dat punt contact leggen met anderen die je vervolgens je 'vrienden’ noemt. Dat is misleidend, want de meeste van die 'vrienden’ heb je nog nooit gezien of zul je ook nooit zien of zag je jaren geleden voor het laatst. Deze verwijdering tussen jezelf en je vrienden máákt Facebook: het is een virtueel leven zonder de beslommeringen van afspraken maken en misschien pas tijdens de derde of vierde ontmoeting afdoende op dreef zijn met kwinkslagen of intelligente opmerkingen of boeiende anekdotes. In de film is overigens mooi te zien dat juist die verlokkelijke eigenschap voor oprichter Mark Zuckerberg de aanleiding was om Facebook te ontwikkelen: de virtualiteit van het medium bevrijdde hem, zij het tijdelijk, van zijn eenzame leven.
Sindsdien is de site een vrijplaats voor ideeën en debat geworden, maar ook een locatie waar vriendschap soms overgaat in onschuldig flirten, maar even vaak ontaardt in dubieuze stalkingspraktijken waar sommige vrouwen, maar vaak ook mannen, last van hebben. Regels zijn er nauwelijks; zelfregulering is aan de orde van de dag. Wie over de schreef gaat, wordt 'ontvriend’, geblokkeerd zodat alle contacten worden verbroken.
De verleiding van Facebook zit ’m in de illusie dat alles mogelijk is in de droomwereld van enen en nullen. We zijn nog altijd vrienden, V. en ik, maar nu slechts Facebook-vrienden. Want ik ben verslaafd aan dit Facebook dat zoveel vragen oproept: als Facebook slechts een droom is, want onwerkelijk, wat betekent dat dan? Zijn de emoties die er ontegenzeggelijk aanwezig zijn dan even onwerkelijk en dus van nul en generlei waarde? De antwoorden lijken te maken te hebben met een kernprobleem van onze tijd: het steeds ontwijkende zoeken naar authenticiteit. Een paar weken geleden draafde schrijver en Facebook-vriend Joris van Casteren in Nieuwsuur op, omdat inwoners van Lelystad hem voor de rechter probeerden te slepen. Hij zou hen diep hebben beledigd in zijn bekroonde boek over dat griezelige stadje. Van Casteren kondigde zijn optreden aan in een statusupdate. En kijken bleek de moeite waard: in een hilarisch interview beschuldigden oude buurkinderen Van Casteren ervan in zijn boek de waarheid over hun moeder te hebben verdraaid. Moeder heeft namelijk nóóit mentholsigaretten in een groen pakje gerookt! Tijdens het discussiëren over dit incident in Van Casterens Facebook-update trof het mij dat het helemaal niet uitmaakte of die moeder die sigaretten in het echt had gerookt, want het gaat om literatuur, onecht als de pest, en dus mag je verzinnen wat je wil.
Hetzelfde mechanisme is aanwezig in sociale media. Oók Facebook draait om een symbolische werkelijkheid waarin je net als in literatuur met woorden en zinnen een 'echte’ persoonlijkheid, een echt maar nog altijd digitaal leven creëert. Wat maakt het dan uit als je niet in het echt groene mentholsigaretten rookt? Wie van fictie houdt, komt aan zijn trekken op Facebook.
En wie van debatteren houdt des te meer, vooral wanneer dat in een ruzie ontaardt. Recent was er een schitterende 'fittie’ tussen de schrijvers Anil Ramdas en Joost Zwagerman over de vraag of er zoiets als white trash in Nederland bestaat en of deze mensen dan meer dan 'normale mensen’ op de Partij van de Vrijheid hadden gestemd.
Het werd een klassiek Facebook-debat: iemand maakt een statement, vaak onderbouwd met hyperlinks naar krantenberichten of essays. Waarna de eerste reacties binnenstromen. Dat zijn soms korte, nietszeggende zinnen of steekwoorden, maar dikwijls ook lange alinea’s met inhoud. Hierdoor krijgt zo'n statusupdate het karakter van een openbaar debat over relevante maatschappelijke thema’s. En wie snel kan tikken en ook nog een iPhone of iets dergelijks met een mobiele versie van Facebook heeft, zit al helemaal midden in de discussie. Nadeel is wel dat er nauwelijks tijd voor reflectie is; Facebook eist dat je in snelvuurtempo meningen afvuurt.
Maar of de inhoud van zo'n debat lang blijft hangen? Niet echt, want nog een verleidelijke eigenschap van Facebook is de diversiteit van de updates. Vlak na de 'fittie’ met Ramdas ging Zwagerman door met updates over vaak heerlijk foute muziek. Bijvoorbeeld Telly Savalas die If zingt. Waarop ik riposteerde met Who Loves Ya Baby. Vergeefs. Want niemand reageerde op mijn toch wel erg leuke (dacht ik zelf) referentie aan Savalas in de televisieserie Kojak.
Wie te slim probeert te zijn op Facebook komt er bedrogen van af. Een lange, filosofische beschouwing als update wordt makkelijk genegeerd terwijl een update over een man die zijn hond uitlaat pagina’s lange discussies kan ontketenen.
Het gaat over van alles en nog wat, maar wat thema’s betreft schitteren vooral God en Jezus op mijn Facebook. Ik sta er versteld van hoeveel keer 'God is groot’ en 'dank God’ voor dit en dat en waar zouden we toch wel niet zijn zonder Jezus opduiken als statusupdates. Ik laat ze allemaal hun gang gaan, ik sta open. Facebook biedt een gelijk speelveld; de Jezusfreaks verschillen weinig van de politicus die voor de zoveelste keer rechts aanvalt of de grote dichter die alweer zijn afschuw van het establishment met trieste metaforen kenbaar maakt. Ik vergaap me aan hen, ik kan er niet meer zonder. Sterker, ik doe mee. Ik ben verslaafd aan deze tenenkrommend serieuze en tegelijkertijd jammerlijk lichtvoetige kijk op het leven. Zo absurd. Nét echt.

Beeld:Chris Jackson/ Getty Images