Het wonder in het Aziatische voetbal

De verlosser van Zuid-Korea

In het Aziatische voetbal zijn corruptieschandalen schering en inslag. Waarom dan niet in Zuid-Korea, een na een politieke en monetaire crisis geblesseerd land dat snakt naar een wonder, het wonder wellicht van Hie Dung-Gu (Vrolijk bij de Reis naar Boven)?

Voor de Zuid-Koreaanse president Kim Dae-Jung komt de cultus rond Hie Dung-Gu, alias Guus Hiddink, als een geschenk uit de hemel. De president zit als een kat in het nauw bij een kettingreactie aan corruptieschandalen, die steeds dichter bij hem in de buurt komen. Nadat eerder tal van hoge regeringsfunctionarissen voor de bijl waren gegaan, werd vorige week vrijdag zoon Kim Hong-Up gearresteerd op grond van verdenking van grootschalige witwas- en smeergeldpraktijken. Hij zou miljoenen hebben opgestreken van een bouwconsortium dat zich zo wilde verzekeren van regeringssteun voor een grote bedrijfsreorganisatie. Kims andere zoon, Kim Hong-Gul, belandde eerder deze maand al achter de tralies, verdacht van belastingontduiking en het toucheren van smeergelden. Direct na de arrestatie van Kim Hong-Up kwam de president, de confuciaanse traditie van zijn land indach tig, met een schuldbekentenis: «Ik schaam me en voel me schuldig dat ik niet in staat ben geweest om behoorlijk te zorgen voor mijn kinderen.»

In de Koreaanse traditie is een vader verantwoordelijk voor het gedrag van zijn zonen, hoe oud die ook zijn. Hoewel Kim Dae-Jung zelf tot op heden buiten de aanklachten is gevallen, is zijn blazoen toch ernstig besmet. In Zuid-Korea fungeert de president als een nationale vaderfiguur, aan wie een hoog moreel gezag is verbonden. Zo’n rol rijmt niet met twee op fraude betrapte zoons in de gevangenis. Vandaar dat de president zich wanhopig heeft vastgeklemd aan zijn laatste reddingsboei: Guus Hiddink, de verlosser uit Varsseveld. Via Hiddink blijft het imago van de president op peil. Zelf merkte Kim Dae-Jung al op dat Hiddink de aangewezen man zou zijn om hem als president op te volgen.

De minzame Achterhoeker wordt niet alleen door de president naar voren geschoven. Vorige week verscheen het boek CEO Hiddink: Domination of the Game, dat het trainerschap van Hiddink vertaalt naar nieuwe strategieën voor Samsung, Hyundai en al die andere kwakkelende reuzen van het Zuid-Koreaanse bedrijfsleven. Hier worden allerlei uitspraken van Hiddink op het trainingsveld verheven tot mantra’s van eeuwenoude wijsheid uit de exotische Achterhoek, die toegepast kunnen worden door de Koreaanse captains of industry. Een kleine bloemlezing, aan de hand van de hoofdstuktitels: «Je zal alles weten als het tijd is» (Een visie ontwikkelen en een doel), «Vergeet het verleden en vind een nieuwe vorm» (Het nieuwe paradigma), «Concentreer je op je kracht» (Co-succes factoren), «Pak sterke tegenstanders hard aan» en «Een voor een, en volhouden».

President Kim Dae-Jung kan ook wel wat van dat soort peptalk gebruiken. Hij heeft nog maar een paar maanden te gaan als president. Een tweede ambtstermijn is hem constitutioneel niet toegestaan. Zoals het er nu naar uitziet zal de door hem opgerichte Millennium Democratische Partij (MDP) bij de landelijke verkiezingen aan het eind van dit jaar worden weggevaagd. Bij de recente lokale verkiezingen verloor de MDP al met dramatische cijfers van de conservatieve Grote Nationale Partij (GNP). Die nederlaag hield nauw verband met een serie onthullingen over betrokkenheid van mensen uit de kring rond de president bij corruptieschandalen.

Ironisch genoeg werd Kim in 1998 binnengehaald als de sterke man die de natie zou bevrijden uit de ketenen van het nepotisme dat het land in een ongekende recessie had gestort. Als verklaard tegenstander van de estafette aan presidenten uit het leger die Zuid-Korea decennialang regeerden, was Kim de eerste oppositiekandidaat uit de geschiedenis van het land die de verkiezingen won. Het was hoop gevend voor het democratische kamp. Zijn opdracht luidde: de ineengestorte Koreaanse economie saneren en een halt toeroepen aan de steeds dieper in het hart van de Zuid-Koreaanse economie woekerende corruptie.

Kim loodste het vaderland door de IMF-crisis, knoopte — zeer tegen de zin van president Bush — betrekkingen aan met Noord-Korea en won in dezelfde vaart een Nobelprijs voor de vrede. Ter consolidatie van zijn macht diende hij echter wel een faustiaanse deal te sluiten met de machtigste man achter de schermen van de Zuid-Koreaanse politiek: dominee Sun Myung Moon, de zelfbenoemde nieuwe Jezus en de puissant rijke voorman van de Unification Church. Tot aan 1987, zo stellen Amerikaanse inlichtingenrapporten, deed Moon op politiek gebied alleen maar zaken met rechts en de militairen. Een verkoeling in de onderlinge verhoudingen deed zijn voorkeur toen plots uitgaan naar de oppositie, en wel in de figuur van Kim Jong-Pil, niet te verwarren met de leider van Noord-Korea, Kim Jong. Zo kwam Moon uiteindelijk ook op het pad van Kim Dae-Jung. De twee mannen zijn geen natuurlijke bondgenoten, maar koesteren niettemin een hechte band.

Met dominee Moon — bekend van de massale trouwpartijen van zijn volgelingen — bevindt men zich meteen op de F-side van het geopolitieke leven. Hij is een onvervalste Aziatische tijger, gestoken in een New Age-domineejasje. De invloed van deze aartsconservatieve houwdegen reikt van Seoul tot Washington, terwijl het Zuid-Amerikaanse continent reeds aan zijn voeten ligt. In de VS schaarde Moon zich als eigenaar van de ultrareactionaire krant Washington Times achter Ronald Reagan en de twee Bushen. Zijn journalistieke bijdrage aan de verkiezingsstrijd van Reagan bestond uit het prominent brengen van een vals verhaal over de zorgelijke psychische gesteldheid van de democratische kandidaat Dukakis. Ook Al Gore probeerde de krant op gelijksoortige wijze beentje te lichten.

Daarnaast stak Moon miljoenen dollars in de Republikeinse verkiezingskas en kon ex-pre sident George Bush sr. na zijn vertrek uit het Witte Huis gigantische bedragen verdienen door een door Moon ondersteunde lezingenreeks.

Tegelijkertijd verkondigt Moon een anti-Amerikaans geluid in de Aziatische verhoudingen. Hij is tenslotte een Aziatische tijger, en ziet de verbroedering van de twee Korea’s dan ook goedkeurend aan. Een machtige vriend, kortom, die voor weinig terugdeinst om zijn doel te bereiken. Een nadeel is wel dat overal waar eerwaarde Moon een stap zet een walm van corruptie en politieke list en bedrog opstijgt.

Ook president Kim Dae-Jung zou dat ervaren. Zijn imago als vader des vaderlands smoorde in een web van corruptieschandalen. Zijn politieke toekomst was geen cent meer waard toen het WK-voetbaltoernooi in Zuid-Korea en Japan begon. Maar toen geschiedde het wonder van Guus Hiddink, wiens drieste elftal voetbalkarateka’s de Latijnse voetbaltrots vermorzelde door achtereenvolgens Portugal, Italië en Spanje naar huis te sturen. In alle drie wedstrijden speelde de arbitrage een cruciale rol. Hoeveel doelpunten de Zuid-Europeanen ook wisten te scoren, telkens weer werd de goal om duistere redenen afgekeurd. De beslissingen waren flagrant in tegenspraak met de televisiebeelden, en een en ander leidde bij de geslachtofferde vedettes van Zuid-Europa dan ook tot grote woede en wanhoop.

Vooral in de wedstrijd met Spanje speelde de — Oegandese — grensrechter een uiterst actieve rol. Uit protest verliet Spanje met onmiddellijke ingang de internationale arbitragecommissie van de Fifa, de wereldvoetbalorganisatie onder leiding van de beruchte Sepp Blatter. De Italiaanse sportpers speculeerde openlijk over een grote conspiratie in Fifa-kringen, erop gericht de Aziatische groeimarkt voor de voetbalsport aan te boren ten koste van de toch al volledig ingepakte Zuid-Europeanen. Of zoiets tot de mogelijkheden behoort? Zonder enige twijfel.

De Fifa deinst helemaal nergens voor terug om de wereld te veroveren, zo berichtte David Yallup al in zijn boek De voetbalmaffia. De Britse onderzoeksjournalist citeerde onder meer een uitspraak van Henry Kissinger, die ooit stelde dat de politiek van het Midden-Oosten een peulenschil is in vergelijking met wat zich in het milieu van de voetbalgoden van de Fifa afspeelt.

Het Aziatische voetbal — dat nog maar in de kinderschoenen staat — is daarbij een verhaal op zich. Corruptieschandalen zijn er schering en inslag. Zelfs de Chinese voetbalcompetitie ontkomt er niet aan. Enige jaren geleden werd bekend dat alle 26 clubs in de hoogste Chinese divisie knoeiden met hun boekhouding om betalingen aan scheidsrechters voor gearrangeerde wedstrijden te verbergen. Waarom zou dat dan niet kunnen in Zuid-Korea, een land dat volop geblesseerd is als gevolg van een politieke en monetaire crisis en snakt naar een wonder, het wonder van Hie Dung-Gu (vrij vertaald: Vrolijk bij de Reis naar Boven)? De burleske estafette aan scheidsrechterlijke dwalingen riep in elk geval wel de geur op van nepotisme op dit WK 2002 en zal ongetwijfeld nog voor maanden onrust zorgen in de voetbalwereld.

Nederland zit echter hoe dan ook in een win-win-situatie: niet alleen is via Hiddink het gekwetste nationale voetbalpathos enigszins hersteld, economisch zit men helemaal goed na de Duitse overwinning. Het Centraal Plan bureau rekende onlangs uit dat Nederland financieel zeer gebaat is bij een Duits wereldkampioenschap. Dat zou de Duitse consument uiteindelijk weer prikkelen tot aankopen, en dat brengt geld in het laatje voor Nederland. In feite heeft het Koreaanse wonder van Guus Hiddink dus precies lang genoeg geduurd.