De vierde wand

Op de sociale media zijn we de vertellers van ons eigen verhaal. Maar wat nu als ons verhaal is veranderd?

Wat is uw grootste angst? Wat is uw dierbaarste bezit? Wat is uw huidige gemoedstoestand? Wanneer bent u optimaal gelukkig? Met welke historische persoon vereenzelvigt u zich het meest? Met welk fictief personage? Marcel Proust stelde de naar hem genoemde Questionnaire niet zelf samen, maar populariseerde hem wel. Het idee was dat als je eerlijk antwoord gaf op alle vragen je ware natuur zich zou openbaren.

Injectienaalden. Mijn horloge. Ongeduldig. Als ik de hond uitlaat (ik heb geen hond). Kaptein Louis Nolan van de Lichte Brigade. Waarschijnlijk Zack Morris, de net-te-zelfverzekerde blonde puber uit Saved by the Bell wiens kraagje altijd omhoog stond, wiens sneakers zo groot waren als moonboots en die continu in de camera praatte, rechtstreeks door de vierde wand heen, tegen de kijkers thuis.

Er zijn niet heel veel personages die de vierde wand doorbreken, maar degenen die het doen neig je te onthouden. Woody Allen in Annie Hall, Matthew Broderick in Ferris Bueller’s Day Off, Ryan Reynolds in Deadpool. Wat die personages gemeen hebben is dat ze cocky zijn, sarcastisch, zo zelfbewust dat ze heel goed door hebben dat ze fictieve personages zijn en dat jij naar ze zit te kijken. Ze zijn zowel de helden in als de vertellers van hun verhaal.

In zekere mate, kun je denken, hebben we allemaal die vierde wand doorbroken in ons online leven. Nooit eerder zijn mensen zo bewust geworden in hun zelfpresentatie als wanneer ze door hun sociale media swipen en met minutieuze aandacht voor de glamour hun stralende online persona verzorgen. We zijn de helden van dat verhaal en de verteller tegelijk; op het podium en tegelijk in de lichtbak om het spotlight te bedienen.

En het verhaal dat we vertellen, in die incidentele anekdotes die we posten, is eigenlijk het antwoord op de Proust Questionnaire. Wat is je favoriete reis? Vakantiefoto op Instagram! Welk levend persoon veracht je? Woedende tweet! Welk levend persoon bewonder je? Like op Facebook! Terwijl wat ooit het web 2.0 werd genoemd nu bijna zijn derde decennium in gaat, zijn we allemaal volleerde verhalenvertellers geworden, performers van ons eigen zelf.

Maar wat nu als je erachter komt dat je al die tijd het verkeerde verhaal hebt verteld? Of dat je verhaal is veranderd?

‘Facebook is the novel we are all writing’, schreef Katie Roiphe eens – al voegde ze daaraan toe: ‘It is not, alas, The Sun Also Rises.’ Maar in een roman is er zoiets als verlossing, of loutering. Lezers verwachten karakterontwikkeling. De vraag is of het verhaal online dat toestaat. Twee voorbeelden:

‘Laten we ook accepteren dat mensen dingen doen die niet slim zijn’, zei Klaas Dijkhoff heel liberaal

James Gunn regisseerde de eerste twee delen van het superheldenepos Guardians of the Galaxy – met gusto. Niet alleen deden de films wat ze moesten doen (dat wil zeggen, rond de achthonderd miljoen dollar omzet), ze werden ook nog eens door critici geprezen om het droge, laconieke gevoel voor humor dat in superheldenfilms nogal eens ontbrak. Deze zomer diepte iemand flauwe, incorrecte tweets van tien jaar terug van hem op en filmproducent Disney, met als argument dat het een familiebedrijf was, ontsloeg Gunn.

Thierry Aartsen vond het grappig – stoere jongen – om wat lompe dingen over zelfmoord en over Sylvana Simons te tweeten. Afgelopen maand kreeg hij die dingen terug in zijn gezicht gesmeten, omdat hij voor de VVD de Kamer in gaat. Verschillende VVD’ers zeiden dat Aartsen zijn zetel aan zich voorbij moest laten gaan, maar de fractievoorzitter vond de tweets geen onoverkomelijk probleem. ‘Laten we ook accepteren dat mensen dingen doen die niet slim zijn’, zei Klaas Dijkhoff heel liberaal, een uitspraak die hij gezien het percentage gedwongen aftredende VVD’ers allicht op een ansichtkaartje moet laten drukken. Groetjes uit Den Haag.

In zijn excuses beriep Gunn zich op karakterontwikkeling: hij excuseerde zich voor wie hij toen was, ‘een onzekere jonge regisseur die met een grote mond naam voor zichzelf probeerde te maken’. Inmiddels was hij iemand anders, zei hij. Aartsen daarentegen bleef achter zijn tweets over Simons staan. Het was ‘gewoon humor’ en ‘ik ben wie ik ben’.

Je kunt de twee reacties bekijken vanuit Silicon Valley-pionier Jaron Laniers nieuwe pamflet Tien argumenten om je sociale media-accounts nu meteen te verwijderen. Gunn ziet zijn tweets in de context van het verhaal van zijn leven, dat – want het leven gaat alleen vooruit – inmiddels hoofdstukken verder is. Alleen schrijft Lanier dat een definiërende eigenschap van het internet is dat het geen context kent. Wanneer hij openbare lezingen geeft past hij zijn presentatie instinctief aan aan zijn publiek, dat de context van zijn betoog maakt. Hij spreekt op een andere manier tegen scholieren dan tegen nerds. Maar, zegt Lanier, ‘spreken via sociale media is helemaal niet spreken’. Want wat je zendt krijgt zijn betekenis in hoe het wordt ontvangen. Maar online zie je je publiek niet, slechts een miniem deel van je volgers reageert. Een held in een verhaal is alleen een held in de context van het verhaal – zonder die context is er geen betekenis.

In die zin reageert Thierry Aartsen veel realistischer, namelijk door alle verantwoordelijkheid van zich af te schuiven en te zeggen dat wat hij roept geen enkele morele of inhoudelijke betekenis heeft. Waarmee hij meteen mijn antwoord illustreert op de vraag: ‘Welke karaktertrek irriteert u het meest bij anderen?’