De vijf beste Rembrandts volgens Rudi Fuchs

‘Wat een onbeschofte vraag.’ Dat is het antwoord van kunstcriticus Rudi Fuchs als je hem naar de beste werken van Rembrandt zou durven vragen. Antwoorden wil hij wel, maar dan alleen onder groot voorbehoud. ‘Als ik er vandaag vijf kies, zijn het morgen vijf andere.’

Donderdag opent in het Rijksmuseum de tentoonstelling over het late werk van de Nederlandse grootmeester. Fuchs kon de tentoonstelling alvast voorproeven.

1. De drie kruisen

Medium rp p ob 616

De drie kruisen etste Rembrandt met een droge naald. Door die techniek kon hij strakke rechte lijnen trekken. Als je met droge naald in metaal krast, ontstaan er een soort gekartelde randjes – in vakjargon heet dat braam – waardoor de lijnen langzaam maar zeker vervagen bij het herdrukken.’

Dat gebeurde ook bij de drie kruisen, waar Rembrandt vier versies van produceerde. De drie kruisen in de eerste staat is een klassiek bijbels tafereel. De gekruisigde Jezus staat tussen twee andere gekruisigden in. Jezus’ moeder Maria valt in zwijm en wordt opgevangen door Maria Magdalena. Je ziet de joden verzameld in de buurt van de Romeinse ruiters met hun speren.

‘De latere etsen worden steeds donkerder. De personages uit het eerste stadium van de ets zijn in de vierde staat niet meer allemaal zichtbaar en Rembrandt krast met harde lijnen donkere vlakken in de ets. De verduistering van de ets is niet zomaar weg te zetten als een gevolg van de techniek. Rembrandt heeft het zo gewild. Dat weet ik zeker. Hij was niet zomaar overgeleverd aan de techniek, maar gebruikte hem bewust.’

2. Het joodse bruidje

Medium de joodse bruid 2c rijksmuseum

Het joodse bruidje is een goed voorbeeld van de evolutie die Rembrandt als schilder doormaakt. Je zou er bijna zijn karakter in kunnen lezen. ‘Kijk maar eens naar de parels’, wijst Fuchs, terwijl hij een klein leesbrilletje opzet. Zijn brillen zijn opvallend robuust. Fuchs smijt ze onverbiddelijk op de tafel of de bank telkens wanneer hij er een verruilt voor een andere. Maar ze blijven heel. Fuchs is nu eenmaal geïnteresseerder in de parelarmband van het joodse bruidje dan in zijn bril.

‘Rembrandt heeft de parels heel eenvoudig geschilderd, maar toch zijn het overduidelijk parels. Hetzelfde geldt voor de jurk. Hij gebruikt stugge verf en maakt voornamelijk rechte streken met een dikke kwast.

Toen hij nog een jonge kerel was, besteedde Rembrandt juist veel aandacht aan details zoals bijvoorbeeld stoffen en juwelen. Hij had in zijn jonge jaren natuurlijk nog van alles te bewijzen. Als je ouder wordt, trek je je minder aan van wat anderen over je zeggen of denken. De oude Rembrandt deed lekker zijn eigen zin.

De beroemde beeldend kunstenaar Henry Moore zei daarover iets dat volgens mij helemaal klopt. Hij bleef op oude leeftijd beelden creëren. Toen iemand hem vroeg hoe hij erin slaagde telkens weer mooie kunstwerken af te leveren zei hij dat dat kwam doordat hij zich van niemand iets aantrok. Voor mij geldt hetzelfde: als ik nu stukjes schrijf, maal ik er niet om wat anderen ervan denken. Vroeger was ik veel bedachtzamer over wat ik opschreef. Nu schrijf ik wat ik zelf wil.’

3. De Samenzwering van de Bataven onder Claudius Civilis

Medium rembrandt claudius civilis

‘Dit schilderij maakte Rembrandt voor het stadhuis van Amsterdam – nu het paleis op de Dam – maar het heeft daar niet lang gehangen.’

Claudius Civilis was een van de Bataafse stamhoofden die in opstand kwamen tegen de Romeinen. De Nederlanders vergeleken hun eigen strijd tegen de Spanjaarden graag met de opstand van de Batavieren. Otto Venius heeft de Bataafse Opstand verbeeld in een aantal tekeningen. Die prenten vormden als het ware de canon voor de Nederlandse herinnering aan Civilis.

Wat had Rembrandt nu verkeerd gedaan? ‘Kijk maar eens naar dit schilderij, van een andere kunstenaar, maar met hetzelfde thema.’ Fuchs wijst naar het schilderij van Govert Flinck. ‘Flinck kreeg eigenlijk eerst de opdracht om het schilderij voor het stadhuis te maken. Maar toen hij stierf, konden ze niet meer om Rembrandt heen en mocht hij het doen. Flinck baseerde zijn werk op de tekeningen van Otto Venius. Let bijvoorbeeld op hoe de stamhoofden elkaar bij Flinck de hand schudden: dat is een Romeinse handdruk, geen Bataafse.

Maar Rembrandt keek niet naar Otto Venius. Hij baseerde zich op de Historiën van Tacitus. Die beschreef dat Civilis maar één oog had, dus tekende Rembrandt hem ook zo. De afspraak bezegelden de samenzweerders niet met de Romeinse handdruk, maar Tacitus beschreef niet exact hoe dan wel. Rembrandt heeft bedacht dat ze dat deden met hun zwaarden. Dat alles klopte niet met het beeld dat Otto Venius had geschetst, dus moest het schilderij verdwijnen.’

De Samenzwering van de Bataven onder Claudius Civilis is het grootste schilderij dat Rembrandt ooit gemaakt heeft. ‘Hij heeft nooit zulke enorme werken gemaakt als Rubens of Rafaël. Dat is omdat Rembrandt geen assistenten had die delen van zijn schilderijen voor hem schilderden. Hij had wel leerlingen, maar Rembrandt maakte zijn eigen werken altijd zelf. Reusachtige werken zoals die van Rubens en Rafaël kun je natuurlijk onmogelijk zelf schilderen, dus maakten zij een tekening van bijvoorbeeld een personage, die een assistent dan namaakte. Rembrandt had overigens misschien wel graag grotere schilderijen gemaakt, maar de Nederlandse huizen waren te klein voor echt grote doeken.’

4. Badende vrouw

Medium a woman bathing 2c national gallery london

‘Sommige mensen beweren dat Rembrandt hier Callisto tekende, maar het is volgens mij zijn vrouw Hendrickje. Hij tekende wat hij kende en je ziet hier dat Rembrandt een fijnzinnige kijker is.

Vergelijk ook de stof van Hendrickje’s onderjurk met die van het joodse bruidje. Je ziet meteen dat het andere stoffen zijn. Er kan geen twijfel over bestaan dat de badende vrouw een linnen kledingstuk draagt.

Rembrandt maakte ook heel wat tekeningen van zijn vrouw. Opvallend is dat zijn tekeningen nooit uitdrukkelijk dienen als voorstudie voor een schilderij terwijl dat bij de meeste schilders wel zo is. Bij Rembrandt zit de compositie in zijn hoofd.’

5. De Staalmeesters

Medium de staalmeesters 2c rijksmuseum

‘Dit vind ik zijn absolute meesterwerk! Althans, vandaag.’ Het groepsportret van zes mannen rond een tafel is qua thema niet bijzonder, maar de compositie die Rembrandt ervoor bedacht is dat des te meer. Opnieuw haalt Fuchs er een portret van een andere schilder bij om Rembrandts genialiteit beter te kunnen aantonen. Hij stuit op De overlieden van de Kloveniersdoelen van Bartholomeus van der Helst. Ook hierop prijken een aantal hoge heren die samen aan tafel zitten.

‘Het probleem met groepsportretten is het kluwen van handen en voeten.’ Inderdaad bij Van der Helst kun je er niet langs kijken. ‘Rembrandt heeft dat door zijn ingenieuze compositie weten te vermijden.’

Op het portret van de staalmeesters is inderdaad geen enkele voet te bespeuren en het aantal afgebeelde handen is beperkt tot vijf. En die vijf handen hangen er niet zomaar bij: ‘Elke hand is iets aan het doen. Over de gezichten van de heren valt een schaduw, die contrasteert met de witte kragen. Daardoor legt Rembrandt een soort melodie in het schilderij.

Er zou een soort publieke vergadering aan de gang kunnen zijn. Iemand uit de zaal heeft mogelijk iets geroepen, waardoor de ene staalmeester recht gaat staan, de andere wijst met platte hand op een bladzijde: “Het staat in het boek.” En daar rechts is er iemand zo kwaad dat hij zijn handschoenen al heeft gepakt, klaar om weg te gaan.’ En zo wordt een groepsportret ineens een schilderij dat een verhaal vertelt.


De tentoonstelling Late Rembrandt is van 12 februari t/m 17 mei 2015 te zien in het Rijksmuseum


Beeld: (1) De drie kruisen in de eerste staat_, Rembrandt Harmensz. van Rijn, 1653, Rijksmuseum (2)_ Isaak en Rebekka_, bekend als ‘Het Joodse bruidje’, _Rembrandt Harmensz. van Rijn, ca. 1665 - ca. 1669, Rijksmuseum (3) De samenzwering van de Bataven onder Claudius Civili_s, Rembrandt van Rijn (1661-62). De koninklijke Zweedse Academie voor Schone Kunsten, Zweden (4)_ Badende vrouw_, Rembrandt Harmensz. van Rijn, 1654. The National Gallery, Londen (5)_ De staalmeesters_, Rembrandt Harmensz. van Rijn, 1662, Rijksmuseum (Rijksmuseum)_