Kunstverzamelingen wereldwijd

De vijf beste volgens Edmund de Waal

Met een mengeling van trots en bescheidenheid staat Edmund de Waal voor An Idea (for a journey), zijn installatie die sinds kort in het Rijksmuseum hangt, vlak voor de ingang van de nieuwe vleugel voor Aziatische kunst. Als haastige bezoeker zou er je bijna langs lopen.

Medium edmundbreed

Het is een verstild stuk. Twee glazen vitrines waarvan het glas dan weer transparant, dan weer haast ondoorschijnend is, afhankelijk vanaf welke afstand en vanuit welke hoek je het bekijkt. Achter het glas: smalle potjes van keramiek in witte tinten, sommige met een haarfijn gouden randje. ‘Het goud verwijst naar de gewoonte in China en Japan om gebroken porselein te repareren met een klein lijntje goud’, vertelt De Waal. ‘Die gebruikssporen maakten een object bijzonder, hun waarde werd daarmee als het ware gevalideerd door het leven zelf.’

An Idea (for a journey) is gemaakt door een typische Brit: zachtaardig, beleefd en een tikje excentriek. Maar het werk verwijst in alles naar Azië. Het doet denken aan Chinese kamerschermen. En, oriëntalistisch cliché, maar toch: het spel van tonen en aan het zicht onttrekken in dit werk van De Waal heeft een oosterse mystiek

De schenking van dit werk aan de Vereniging van Vrienden van Aziatische kunst, die hun collectie in bruikleen geeft aan het Rijks, is in zekere zin te danken aan Edmunds grootvader, Hendrik de Waal, de Nederlander die met Edmunds Engelse grootmoeder trouwde. Als kind van acht logeerde Edmund de Waal bij verre familie in Amsterdam en bezocht hij het Rijksmuseum. De uitgebreide keramiekcollectie van het museum maakte meer indruk op hem dan de schilderijen van Vermeer of De Nachtwacht. ‘Toen wist ik al dat ik potten wilde maken’, aldus De Waal. Het schenken van een werk deed De Waal, zoals hij het in onvertaalbaar Engels noemt, ‘out of a sense of fillial duty’. ‘Mijn grootvader kwam naar Engeland vanuit Amsterdam’, zegt hij, ‘en ik wilde graag iets terugbrengen naar deze stad.’

Het familieverhaal van de andere tak van Edmund de Waals voorgeslacht staat opgetekend in The Hare with the Amber Eyes, het boek uit 2010 waarmee hij wereldwijd succes had. Het is de geschiedenis van de Netsuke-verzameling die Edmund de Waal erfde van zijn oudoom Ignace ‘Iggie’ Ephrussi, een telg uit een joodse familie van bankiers en graanhandelaars die, net als de Rothschilds, tot een van de meest spraakmakende dynastieën van het negentiende-eeuwse Europa behoorde.

The Hare with the Amber Eyes volgt de verzameling Japanse miniatuurtjes (de meeste ter grootte van een luciferdoosje) in hun reis door de stamboom van de Ephrussi-familie. Edmund de Waals overgrootvader, Charles Ephrussi, kocht de 264 beeldjes van ivoor en hout in één keer bij een Parijse galerie in de jaren 1870. In Japan hebben de Netsukes behalve een esthetische ook een praktische functie. Gesneden in de vorm van een haas, een aap met jong, een vrijend paartje en andere wonderlijke voorstellingen, worden de Netsukes gebruikt om een kimonokoord vast te knopen. Voor het bemiddelde publiek in fin de siècle Parijs, bezeten door japonisme, waren het gewilde hebbedingen om van hand tot hand te laten gaan op salonavondjes.

In het boek van De Waal wordt deze verzameling Japans antiek een drager van de turbulente geschiedenis van Europa. Vers één is het uiteenvallen van het Habsburgse keizerrijk, waardoor de tweede volgende eigenaar van de verzameling, Viktor Ephrussi, wordt geruïneerd. Daarna volgt de opmars van het Derde Rijk en de annexatie van Oostenrijk door de Duisters, die de joodse Ephrussi’s al hun bezit ontnamen. De Netsukes overleefden de oorlog in een matras van een dienstmeid die de collectie aanvankelijk gapte, maar later teruggaf aan de familie. In de koffer van Edmunds oudoom, Iggie Ephrussi keerden de poppetjes terug naar Japan, waar Edmund ze voor het eerst ziet als hij daar als leerling-keramist voor twee jaar naartoe gaat.

Behalve een familie-epos is The Hare with the Amber Eyes een verhaal over verzamelen, een verhaal dat doorklinkt in de kunstwerken van De Waal. Zo ook bij het stuk dat nu in het Rijksmuseum hangt. De individuele potten zijn klein, onaanzienlijk bijna, maar samen vragen ze als verzameling, tentoongesteld achter glas, de aandacht.

Op de vraag waarom mensen verzamelen is Edmund de Waal even stil. Dan: ‘Heb je twee uur de tijd? Het antwoord op die vraag is zo ongelooflijk complex.’ Hij denkt hardop. ‘Verzamelen is een manier om grip te krijgen op de vluchtige tijd, misschien. Een verzameling verbindt je met andere plekken, met anderen.’

**De vijf favoriete kunstverzamelingen van Edmund de Waal:

Medium nihonmingeikan


Kettles Yard
, Cambridge, Verenigd Koninkrijk

The Frick Collection, New York

The Louisiana Museum of Modern Art, Humlebæk, Denemarken

Eames House, Los Angeles

The Japan Folk Craft Museum, Tokyo,

Edmund de Waal aan het werk


Edmund de Waal, De haas met de amberkleurige ogen, Mistral, € 10,00