Een demonstrant in Shanghai wordt gearresteerd, 27 november 2022 ©  Associated Press/ANP

Op het partijcongres in oktober werd Xi Jinping tot keizer van China gekroond, een maand later eisen wanhopig geworden onderdanen zijn aftreden. Die onderdanen, dat zijn de mensen die in tien miljoenensteden en op tientallen universitaire campussen hebben geprotesteerd tegen het rampzalige coronabeleid. In Shanghai eisten ze meer dan alleen een versoepeling van de anticovidmaatregelen. Daar werd geroepen dat Xi en de Communistische Partij weg moeten en dat er een democratische rechtsstaat moet komen. Ongehoord en levensgevaarlijk. Maar ook de demonstranten die die eis niet uitspraken keerden zich in feite tegen het regime. Want Xi heeft zich zo geïdentificeerd met de door hemzelf ontworpen zerocovidstrategie dat een aanval op dat beleid neerkomt op een aanval op de almachtige Xi.

De aanleiding voor de woede-ontlading was een brand in een woonflat in Urumqi, de hoofdstad van het geteisterde Xinjiang. Veel inwoners van die provincie zitten al sinds meer dan honderd dagen in lockdown. Er waren geen coronabesmettingen in de flat, maar hij was toch gebarricadeerd. Daardoor konden de bewoners er niet uit, en kon de brandweer er niet bij. Er vielen zeker tien doden, onder wie vier kinderen uit hetzelfde Oeigoerse gezin. Hun dood deed de woede herleven over een drama in 1994. Oeigoerse schoolkinderen voerden in een theater in de stad Karamay een show op voor partijbonzen. Plotseling brak er brand uit. De kinderen kregen bevel te wachten tot de bonzen het gebouw hadden verlaten. 288 kinderen verbrandden levend.

De man-made ramp in Urumqi was de zoveelste tragedie die voortkwam uit de draconische maatregelen waarmee nu al bijna drie jaar lang corona wordt bestreden. Veel mensen, niet alleen Oeigoeren maar ook Han-Chinezen, gingen de straat op. De protesten sloegen over naar andere miljoenensteden, verspreid over heel China. Nu wordt er in de Volksrepubliek veel meer geprotesteerd dan de buitenwereld denkt. De sociale media WeChat en Weibo staan soms zo bol van de kritiek dat het de censoren boven het hoofd kan groeien. Op straat zijn er iedere dag wel een paar honderd protestacties. Meestal zijn ze klein, ze gaan altijd over een lokaal probleem en ze zijn nooit gecoördineerd met acties elders. Als ze weinig voorstellen, grijpt de politie hard in. Als er veel aandacht voor is, gaat de overheid vaak overstag, maar de protestleiders worden opgepakt, vooral om te voorkomen dat ze school maken.

Nu is het anders. Honderden miljoenen Chinezen hebben ervaring met het zerocovidbeleid. Het heeft hun bestaan ontwricht. Niets is hun bespaard gebleven. Onafgebroken tests. Eindeloze lockdowns, die neerkomen op huisarrest. Opsluiting in quarantainekampen, fabrieken of universitaire campussen. Digitale gezondheidscodes die ieders gangen nagaan en zo nodig aan banden leggen. Strenge reisbeperkingen, verlies van banen, gewelddadige handhaving van vaak absurde of tegenstrijdige regels. Die gedeelde martelgang heeft iets gecreëerd wat sinds de Tiananmen-revolte van 1989 niet meer mogelijk leek: een nationale band tussen mensen die burgerlijk ongehoorzaam zijn geworden.

Iedereen hoopte dat na het partijcongres de teugels gevierd zouden worden. Vergeefs gehoopt. De twintig versoepelingsmaatregelen ter ‘optimalisering’ van het coronabeleid moesten de economie stimuleren en tegelijk covid smoren. Er is niets van terechtgekomen, want zelfs Xi kan het onverenigbare niet verenigen. De wanhoop werd massaal zichtbaar toen grote groepen migrantenarbeiders ontsnapten uit de grootste iPhone-fabriek van de wereld, die veranderd was in een gigantisch quarantainekamp. De beelden van het WK voetbal maakten de boosheid nog groter: de stadions in Qatar zitten vol mensen zonder mondkapje en zonder sociale afstand. Daarom brengt de Chinese tv niet meer de fans in beeld, maar alleen de spelers en trainers.

Aan de demonstraties deden mensen uit alle lagen van de bevolking mee, net als tijdens de protestbeweging van 1989 – die zich, zoals nu, niet alleen in Beijing maar ook in veel andere steden afspeelde. En net als toen staan de studenten in het protest vooraan. Maar de repressie is al begonnen. De censuur werkt op topcapaciteit. Zelfs de namen van de steden waar demonstraties zijn geweest, zijn taboe. Shanghai bijvoorbeeld, een stad van 28,5 miljoen inwoners, is op internet nauwelijks meer te vinden.

De term ‘blanco papier’ evenmin. Veel demonstranten hielden immers lege velletjes omhoog, een woordeloos protest dat ook door de betogers in Hongkong in 2020 was aangeheven en eerder dit jaar door de Russen die protesteerden tegen de invasie van Oekraïne. De politie is volop gemobiliseerd. Een eerste arrestatiegolf is al begonnen. Alle demonstranten kunnen vroeg of laat worden opgepakt, want geen politieapparaat is op het gebied van gezichtsherkenning en andere vormen van hightech-identificatie zo geavanceerd als het Chinese.

Hoe heeft het zo ver kunnen komen? Direct na het uitbreken van corona in Wuhan probeerden de autoriteiten de plaag te verzwijgen of te bagatelliseren. De woedende reacties verstomden toen Xi besloot covid radicaal de kop in te drukken. Dat beleid werkte: terwijl de pandemie in het klungelende Westen menselijke en economische ravages aanrichtte, leek China er zich nauwelijks geschonden doorheen te slepen. Xi riep de overwinning in de oorlog tegen corona uit, concludeerde dat het Chinese systeem superieur was aan de chaotische westerse democratie, en bereikte een toppunt van populariteit.

En toen kwam omikron. Daar bieden de Chinese vaccins weinig bescherming tegen. Dertig procent van de ouderen heeft maar twee vaccinaties gekregen. Velen zijn helemaal niet ingeënt en hebben vanwege het relatief geringe aantal besmettingen ook geen immuniteit opgebouwd. Westerse mRNA-vaccins komen er om nationalistische redenen niet in. Wat nu? Nu het roer omgooien zou de bekentenis inhouden dat Xi gefaald heeft, en Xi is per definitie onfeilbaar. Na drie dagen betogingen liet de Partij dan ook weten dat het zerocovidbeleid met minimale aanpassingen gehandhaafd blijft.

Dat houdt in dat het verregaande, door Xi opgelegde centralisme blijft gelden, terwijl een effectieve bestrijding van covid schreeuwt om een gedecentraliseerde aanpak. Het houdt ook in dat de protesten tegen zerocovid meedogenloos de kop moeten worden ingedrukt. Maar zelfs als Xi gezichtsverlies voor lief zou nemen, dan nog kan hij niet versoepelen. Het zou immers een enorme golf van infecties en grote sterfte teweegbrengen, en dat zou weer tot een golf van protesten leiden. Bovendien is de Chinese gezondheidszorg, die nu al aan alle kanten kraakt, volstrekt niet berekend op een invasie van patiënten. En zo heeft Xi zichzelf klem gezet. Hij lijkt wat dat betreft op Vladimir Poetin: beiden kunnen hun oorlog – de een tegen corona, de ander tegen Oekraïne – niet winnen, maar ze kunnen er ook niet mee stoppen. Er blijft maar één weg over: de vlucht vooruit.

Sinds het laatste partijcongres is Xi omringd door jaknikkers, dus van hen kan geen druk worden verwacht om bij te sturen, laat staan een exit-strategie te verzinnen. Maar er onttrekt zich veel aan onze ogen. Wat zit er bijvoorbeeld achter de plotselinge afwezigheid in de partijmedia van Xi’s titel Volksleider? Waarom zijn de stellingen dat Xi de absolute leider is en zijn Denken partijfilosofie op het partijcongres geen officiële leerstukken geworden? Hier en daar is geconcludeerd dat de dictatuur van Xi binnen de Partij wel degelijk op weerstand stuit. Maar we weten het niet. Wat we wel weten is dat Xi niet alleen grote buitenlandse problemen heeft, maar ook binnenlandse. Er is in China een forse economische, sociale en wellicht ook politieke crisis in de maak. Met dank aan de dictator.