De vragende kinderen van de medea

Medea voor kinderen. Dat is geen geringe opgave. Euripides’ stuk gaat weliswaar over het herkenbare probleem van ouders die uit elkaar gaan, maar het slot is minder huiselijk: uit woede over de ontrouw van haar man doodt Medea hun twee zoons. Het perspectief van Pauline Mols Medea-versie bij Theater Artemis, Vertel Medea vertel, is verrassend. De gebeurtenissen zijn in feite al achter de rug. Medea moet haar relaas echter nog een keer doen, voor haar kinderen. Haar zoons staan aan de kant van de dodenrivier waar de levenden hen nog kunnen horen. Zeker Medea. Die kon toch al toveren. De twee jongetjes vragen moeder naar het waarom van hun plotse dood. Met de berusting dat ‘het’ gedaan is en de woede over dat ‘het’ uit wraak gedaan moest worden, herbeleeft de trotse vrouw nog een keer haar hele verhaal.

Medea geldt als een emotionele toneelfiguur. Hier niet. En als ze al huilt, dan is het stilletjes, in een hoekje, onder haar kleed. Ze heeft het allemaal al gehad. Met haar verhaal wil ze haar zoontjes aan de Hades overleveren. Dat moet rustig gebeuren. De grondtoon van de voorstelling is van een wonderlijke, troostende rust: het heeft zo moeten zijn. En doodgaan is hard werken.
Medea’s kinderen (Hans Somers en Has Drijver) zijn de motor van de voorstelling. In het helle licht spelen ze lichtvoetig twee radertjes in een vertelling. In het gebroken licht dolen ze niet begrijpend aan de randen van de Hades. Ze stellen daar aan moeder hun nuchtere vragen. Waarom heb je ons niets verteld? Waarom heb je ons dood gemaakt? Doen moeders dat? Kan ik alsnog een andere moeder nemen? In de actualiteit van het verhaal stoeien ze door de pijnlijke echtscheiding heen. Aan gene zijde proberen ze wanhopig het ondenkbare: de terugkeer naar de aarde, naar hun moeder. Medea (Manon Nieuweboer) probeert hun kalm uit te leggen dat dat niet meer kan.
Zelden zo'n mooie, zo'n rustige Medea gezien. Naast Medea zet Folmer Overdiep effectief de mannen in Medea’s leven neer. Trotse Jason, die met Medea aan zijn zijde alles won, behalve macht, een troon, een rijk. Twijfelende Kreon, die zijn dochter Glauke aan Jason gaf, en daarmee Jason zijn macht, zijn troon en zijn rijk. Daarna verbande hij Medea. De voedster (Jolien Wanninkhof) kijkt verbijsterd toe. Zij wil als enige de harmonie tussen iedereen bewaren. Maar ze is aardig. En daar kom je in deze heksenketel niet ver mee.
Regisseur Jos van Kan heeft de vertelling strak en afstandelijk gehouden. Jan Ros ontwierp daartoe een kaal decor: een donkere, verschuifbare achterwand. En twee tuimelobjecten - afwisselend troon, speeltuin voor de kinderen, en de plek waar Medea haar kindermoord pleegt, in een strakke beweging, de jochies tuimelen als het ware speels naar hun dood. Een keelsnoerende scene. De kostumering (ontwerp: Dorien de Jonge) en de muziek van Micha Hamel, vertonen associaties met Noordafrikaanse culturen (Medea was in Griekenland een vreemdelinge). Door afstand en kaalslag in spel en vorm worden de emoties bij het publiek (vanaf tien jaar) gelegd. Vertel Medea vertel is een emotionerende ervaring. Alle elementen van de voorstelling zijn perfect in balans, je wordt door niets afgeleid. Waardoor de schrijnende vraag onder de vertelling voortdurend op scherp staat: wij begrijpen het niet. Dat is niet alleen de vraag van de kinderen. Het is ook de onmacht van alle figuren. Vertel Medea vertel gaat constant over die onmacht.
De voorstelling toont opnieuw hoe rijk ons jeugdtheater is: een overrompelende tekst, goeie chemische verbinding tussen de uitvoerders, een regie die staat als een huis, zichtbaar een vruchtbare werksfeer in een van onze kleinste theater
‘huizen’. Nagenietend van de gebeurtenis bedacht ik me: wat had ik dit graag zelf gezien toen ik klein was en van ruzies en doodgaan niets begreep. Wat had ik graag gewild dat mensen toen woorden gaven aan wat onzegbaar of onduidbaar leek. Ook daarom is het belangrijk, moedig en vooral troostrijk dat voorstellingen als deze worden geschreven en gemaakt.