Urk kan doorgroeien

De vruchtbaarste gemeente

Het is maar goed dat vissersdorp Urk geen eiland meer is. Voorlopig kan de vruchtbaarste gemeente van Nederland doorgroeien: de polder in. Er is genoeg ruimte voor de jonge Urkers. Het scheppen van werkgelegenheid wordt een lastiger opgave.

De winkeliers op Urk moeten het hebben van de baby’s. De plaatselijke drogisterijen hebben grote straten met zuigelingenproducten en tussen de supermarkten in het dorp woedt een permanente luierprijzenoorlog. Elke dag wordt een Urkertje geboren in de volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek vruchtbaarste gemeente van Nederland. Vrouwen krijgen hier gemiddeld 3,23 kinderen, tegen het landelijk gemiddelde van 1,73. Het einde van de Urker babyboom is nog niet in zicht. De Urker bevolking is de jongste van Nederland. De helft is jonger dan 24 jaar.

Nog steeds varen iedere week Urker vissermannen uit, om in het weekeinde terug te keren naar vrouw, kinderen en de kerk. Maar het uiterlijk van de christelijke vissersgemeente is de afgelopen jaren sterk veranderd. Door de sterke bevolkingsgroei dijt de gemeente uit aan de oostkant. De visafslag is vanwege de verkeersdrukte al uit de oude haven verhuisd naar een industrie terrein.

De haven is het hart van het oude dorp. Direct daar achter liggen de smalle straatjes met kleine huisjes. Vanuit zijn kantoor in het oude centrum wijst projectontwikkelaar Maarten Taal naar de overkant: «Op die zolders kon je een heleboel kinderen kwijt. Alle kinderen van één tot twintig jaar lagen naast elkaar.» Tegenwoordig wonen de meeste Urkers in grotere huizen in een nieuwbouwwijk. Toch zijn ook die vaak te klein om alle kinderen een eigen kamer te geven. Het stapelbed is daarom populair op Urk.

Ook de kerk merkt de gevolgen van de Urker baringsdrift. De doop is in de sterk christelijke gemeente lopendebandwerk geworden, vertelt de gereformeerde dominee Arend-Wim Estié. Zijn kerk houdt eens per maand in alle drie de gebouwen een doopdienst. Dan worden drie of vier baby’s tegelijk gedoopt, soms zelfs meer. Estié: «De afgelopen maand had ik er acht. Mijn record is tien.» Het lijkt wat onpersoonlijk, maar het is pure noodzaak: «Anders zou elke kerkdienst een doopdienst worden.»

Johannes Koffeman, wethouder van Economische Zaken, presenteerde vorig jaar de Structuurvisie 2025+. Hierin wordt een toekomstbeeld voor het sterk groeiende vissersdorp geschetst. Volgens de prognoses neemt de bevolking van Urk voorlopig niet af. Het hoge geboortecijfer zal aanhouden, en bovendien willen de meeste Urkers in hun geboorteplaats blijven wonen. Hierdoor zal het aantal inwoners in 2025 zijn verdubbeld tot 35.000. De wethouder voorziet dat zijn collega’s tegen die tijd met dezelfde vragen zullen zitten, als hij nu: «Hoe kan ik mijn inwoners een plek geven om te wonen en te werken? Je blijft met dezelfde problemen geconfronteerd worden.»

Het is maar goed dat Urk geen eiland meer is. In 2000 dreigde de gemeente te klein te worden, en kon de groeiende bevolking niet meer herbergen. Een grenscorrectie ten koste van buurgemeente Noord-Oost polder bood uitkomst. Met de annexatie van bijna vijfhonderd hectare polderland verdubbelde het landoppervlak van Urk. Nu kan het dorp doorgroeien. Weg van het IJsselmeer, de polder in. Tot 2025 mag de gemeente 3750 nieuwe woningen bouwen, ongeveer 150 per jaar.

Het werkgelegenheids probleem dat door de komst van zo veel baby’s wordt veroorzaakt, is lastiger. Vorig jaar waren in de gemeente vijfduizend fulltime arbeidsplaatsen beschikbaar. Met een verdubbeling van de Urker bevolking is het zeer de vraag of de gemeente ook in de toekomst voldoende werk te bieden heeft. Urk was en is vis. Maar de gezichtsbepalende industrie heeft het moeilijk. Door Europese regelgeving staan de visvangsten, vooral van tong en schol, de laatste tien jaar steeds meer onder druk. Ook de automatisering in de fileer industrie kost banen. «We zoeken daarom een verbreding van de visserijketen. Vanaf de vangst van de vis totdat die op transport gaat», legt wethouder Koffeman uit: «Bijvoorbeeld door schol niet meer zomaar aan te bieden, maar te verwerken tot tournedos. Ook op de langere termijn zal deze branche heel veel voor Urk blijven betekenen.» Toch denkt Koffeman niet dat de oplossing alleen uit het water kan komen: «Een eenzijdige economie is kwetsbaar. We moeten verbreden, bijvoorbeeld door uitbreiding van het toerisme. Alleen al in de horeca kan dit tot 2010 negentig arbeidsplaatsen opleveren.» Waar de andere noodzakelijke extra banen op Urk vandaan moeten komen, is onduidelijk. Het is de bedoeling dat daarop aan het eind van dit jaar in een economische beleidsnota antwoord komt.

Naar verwachting zal de luier prijzenoorlog intussen nog wel enkele jaren aanhouden. Door de gestage bevolkingsgroei zal Urk naar verwachting in 2025 opnieuw uit zijn jasje zijn gegroeid. «Op een gegeven moment loop je weer tegen de grenzen op», kijkt wethouder Koffeman vooruit: «Net als in 2000 zullen we dan de oplossing moeten vinden in een grenscorrectie. Daar zullen we dan met buurgemeente Noord-Oost polder afspraken over moeten maken.»