De waarde van afschuw

Nu Cannes weer gewoon een soort Scheveningen met wat meer zon is geworden, zijn ook de meeste films weer een stuk gewoner. Het is maar een enkele film gegeven om nog weken op het netvlies na te gloeien.

Een film die me nu nog nagenoeg beeld voor beeld voor ogen staat, is de nieuwe film van Michael Haneke, de maker van het onbehaaglijk indrukwekkende Benny’s Video. Behagen is ook wel het laatste wat Haneke in zijn nieuwe film doet. Dat begint al bij de titel: 71 Fragmente einer Chronologie des Zufalls.
De film is streng en hoekig als zijn titel en is opgebouwd uit een afgemeten reeks scenes die weinig elegant maar zeer effectief door korte momenten zwart van elkaar zijn gescheiden. Het duurt lang voordat Haneke de kijker toestaat om samenhang tussen de diverse fragmenten te ontdekken, maar zodra die eenmaal bestaat, wordt de samenhang een fatale onontkoombaarheid.
Het uitgangspunt van de film is een faits divers-achtige gebeurtenis: op de avond voor kerstmis schiet een negentienjarige student zonder aanwijsbare reden een willekeurig aantal voor hem volslagen vreemde mensen dood. Het is een gegeven dat Haneke enkele jaren geleden al aanzette tot het maken van Nachruf fur einen Morder, een soort experimenteel televisieprogramma. Voor een discussieprogramma naar aanleiding van ook zo'n onverklaarbare moordpartij door een jongeman in Wenen monteerde hij een mathematisch ingedikte hoeveel M****** Einde Kolom 0 m heid flitsen uit alle programma’s van de diverse zenders die op de dag van de moorden waren uitgezonden. Deze door het (rekenkundige) toeval geselecteerde beelden demonstreerden juist door hun willekeurigheid hoeveel geweldsbeelden er dagelijks over de buis trekken.
We zijn het meest afschuwelijke gewoon gaan vinden en via een tamelijk banale afschuwelijkheid lijkt Haneke daarop te willen wijzen. In 71 Fragmente komt ook de televisie weer aan het woord, maar nu zijn de beelden niet bepaald door het toeval, al ogen ze wel zo. Het lijkt of Haneke zijn film opent met zomaar een journaaluitzending met beelden van Somalie, Bosnie en de staking bij Air France, maar in feite is het een zorgvuldige collage van onberedeneerde woede en geweld die de opmaat voor het thema van de film vormen.
Haneke doet geen enkele poging om de nieuwsbeelden concreet met zijn verhaal te verbinden, maar kleurt zijn vertelling door hun naklank. Je zou deze nieuwe film van Haneke kunnen zien als een reeks introducties. Hij toont steeds nieuwe personages die door middel van gedetailleerde observaties worden geplaatst in hun dagelijkse omgeving. Hij volgt een Roemeens zwervertje op zijn omzwervingen door de stad, een vrouw die heen en weer jaagt tussen haar baan en haar huishouden, een oude man die met moeite doelloos zijn eenzame dag volmaakt, een student die zijn tafeltennistechniek oefent, een bewaker die zich zorgen maakt om zijn zieke kind en een kinderloos echtpaar dat de adoptieobstakels probeert te overwinnen.
Kleine gebeurtenissen met kleine noodlottigheden. Maar het grote noodlot schuift inmiddels tergend langzaam dichterbij. Steeds meer wordt duidelijk dat deze mensen zich aan het einde van de film toevallig op de plek zullen bevinden waar bij de student de stoppen zullen doorslaan. Haneke heeft geen haast om bij dat fatale moment uit te komen. De oude man voert een lang telefoongesprek met zijn ongedurige dochter om zijn eindeloze avond korter te doen lijken. De student slaat steeds op dezelfde manier een aanhoudende stroom tafeltennisballen terug dat een apparaat op hem afvuurt. Het zwervertje slentert door oneindige metrogangen.
Nee, Haneke wil zeker niet behagen, hij wil tergen. De kilte en oppervlakkigheid van de huidige samenleving bestrijdt hij met eigen middelen. Zijn blik is koel als een bewakingscamera. Hij zwijgt over wat zijn protagonisten drijft. Warmte en diepte zal de kijker zelf moeten aanbrengen. En dat is natuurlijk ook het belang van 71 Fragmente einer Chronologie des Zufalls: het is een film die de waarde van afschuw voelbaar maakt.