De wankele eurozone

De grote economieën hebben lange tijd boven hun stand geleefd en door de financiële crisis zijn de overheidsschulden dramatisch opgelopen. Nu komt de rekening, maar niet alle landen zullen het kunnen betalen. Europees noodplan of niet.

De eurozone vestigt haar hoop op de rijzige Deen Poul Thomson, hoofdonderhandelaar namens het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Met een streng bezuinigingsprogramma moet de hoofdinspecteur het vrijwel failliete Griekenland disciplineren dat, door middel van manipulatie en financiële inefficiëntie, de Europese eenheidsmunt in de ergste crisis ooit heeft gestort. Een maatregel waar de Europese politici op eigen kracht niet toe in staat bleken. En er staat meer op het spel dan alleen de euro, Europa zou politiek kunnen eroderen. Het historische project van Jean Monnet voor een verenigd Europees continent zou door de eurocrisis onherstelbare schade kunnen oplopen. Tegelijkertijd toont de eurocrisis dat de financiële wereld nog lang niet uit de gevarenzone is. Sterker nog de financiële crisis is slechts een nieuwe fase ingegaan, alleen deze keer wel op een hoger niveau. De wereld wordt op dit moment bedreigd door de schulden van regeringen, de zwakke banken zijn ingeruild voor exorbitant hoge overheidsschulden. Dit roept de vraag op: Kan een schuldencrisis worden opgelost door nog meer schulden te maken?

Griekse toestanden zijn er in veel landen, vandaar dat de hele wereld gespannen toekijkt hoe Europa greep op de crisis probeert te krijgen. Vooral Duitsland, die een centrale rol speelt in het reddingsplan voor Griekenland, kreeg internationaal veel kritiek voor hun koppige houding. Terwijl de Griekse problematiek uitgroeide tot een mondiaal risico, bleef de regering zich blindstaren op verkiezingen in de eigen deelstaat Noordrijn-Westfalen met als strijdkreet ‘Geen geld voor Athene’. Een ongekende Franse pr-campagne met IMF-managing director Dominique Strauss-Kahn en Europese Centrale Bank-president Jean-Claude Trichet, was nodig om de aarzelende Bundestag-leden ervan te overtuigen hoe ernstig de situatie is. Andere landen zouden aangestoken kunnen worden met het Griekse virus als nog langer werd gewacht.

Dat het besmettingsgevaar realistisch is blijkt uit onderzoek dat de economen Kenneth Rogoff en Carmen Reinhart deden naar de kritische grens van overheidsschulden: negentig procent van het bbp. De VS staan op 84 procent, gelijk aan de eurozone. Maar landen als Italië en België zitten boven de honderd procent en de Amerikaanse schuld zal naar verwachting binnen twee jaar ook daar bovenuit stijgen. De tijd dringt. Dit is de laatst mogelijke zeepbel, Of regeringen slagen erin om langzaam de lucht eruit te laten lopen, of de zeepbel barst. In dat geval staat de wereld daadwerkelijk aan de rand van de afgrond.

Lees het volledige artikelin de Groene Amsterdammer van deze week (tot woensdag 19 mei in de winkel)