Een geval van Pentagon-kul?

De wereld vergaat niet

Staat Nederland op het punt te worden verzwolgen door een vloedgolf van ijskoud water? Als zo’n opmerkelijke boodschap zou komen van een of andere vage waarzegger die de kaarten legt op de Wallen in Amsterdam, zouden de meesten van ons hem ongetwijfeld hebben afgedaan als onzin. Maar de krantenkoppen van een paar dagen geleden met precies dat bericht waren een voortvloeisel van een rapport dat was gefinancierd door «het Pentagon». Ondergetekende heeft enige ervaring met werken voor «het Pentagon», in het bijzonder ook met de man en het departement die verantwoordelijk zijn voor het bewuste rapport. En daarom is dit een uit gelezen gelegenheid om lezers uit te leggen hoeveel van zulke rapporten verschijnen en hoe geloofwaardig ze zijn.

Hoe ongeloofwaardig het ook klinkt, het begin van dit verhaal ligt bijna exact dertig jaar geleden. Nadat de Verenigde Staten de oorlog in Vietnam hadden verloren, was een van de gevolgen dat serieuze twijfel rees over de competentie van het Pentagon om gebeurtenissen te beoordelen en de toekomst te voorspellen. Op dat moment was de minister van Defensie (Secretary of Defense, of Sec/Def, zoals hij kortweg werd genoemd) James R. Schlesinger. Schlesinger was een echte intellectueel — opgeleid als econoom — die niet uit de toon zou zijn gevallen aan het hoofd van een grote onderzoeksuniversiteit, en beroemd was om zijn gave om kwesties «uit te spreken». Zijn oplossing voor het probleem was de oprichting van een nieuwe organisatie die we kennen als Office for Net Assessment (ONA). Schlesinger noemde het bureau het «Net» en liet het rechtstreeks voor hem werken, waarmee hij het hoopte te bevrijden van het normale bureaucratische ellebogenwerk dat zo vaak andere departementen van het Pentagon ertoe aanzet rapporten te publiceren die weinig méér weerspiegelen dan hun eigen belangen.

De man die Schlesinger uitkoos om het nieuwe Departement te leiden was Andrew Marshall. Marshall, destijds 52 jaar oud en opgeleid als natuurwetenschapper, had met de beroemde Edward Teller gewerkt aan de ontwikkeling van de waterstofbom voor hij hoofd onderzoek bij Rand Corporation werd, de denktank die de US Air Force van ideeën voorzag. Hij draagt een bril, ziet eruit als een doorgewinterde uil, en heeft, net als Schle singer zelf, de reputatie een intellectueel te zijn. Eens, toen hij in een bijzonder contemplatieve bui was, vertelde hij me dat hij waarschijnlijk de enige man in het gebouw was die daadwerkelijk een kernwapen had zien exploderen, een ontzagwekkend schouwspel dat staatshoofden, als ze het hadden kunnen zien, misschien enig benul had kunnen bijbrengen. Normaal gesproken was zijn meest opvallende talent echter dat hij zijn mond kon houden; wat hij ook moest doen als hij wilde dat degenen die aan hem rapporteerden hun eerlijke mening gaven in plaats van voortdurend op zoek te zijn naar het volgende contract dat hij ze kon geven. In essentie was zijn opdracht om problemen te onderzoeken die de nationale veiligheid van de VS konden schaden en daarover verslag uitbrengen aan de Sec/Def. Om dat te kunnen doen kreeg hij de autoriteit, en de financiële middelen, om briljante geesten in de VS en in het buitenland aan te trekken.

Sindsdien zijn Marshalls prestaties van wisselende kwaliteit geweest. Op het Pentagon wordt iedereen die langer dan drie jaar in dezelfde kamer zit beschouwd als een mislukkeling. Het feit alleen dat hij al dertig jaar meegaat, was voldoende om hem tot een legende te maken. Des te meer omdat veel van de briljante mensen die hij in dienst had, op zoek naar nieuwe contracten, de loftrompet over hem staken; aan de andere kant kreeg hij nooit promotie en doet hij nog steeds wat hij altijd heeft gedaan. Veel rapporten waar hij opdracht toe gaf, trokken nooit enige aandacht, zoals bijvoorbeeld gebeurde met een rapport over scheepvaartpatronen in de Baltische Zee dat hij me liet zien. Andere rapporten hadden echter een grote impact zowel binnen het Pentagon als erbuiten. Dat gold in het bijzonder voor een rapport dat in 1975-77 werd opgesteld en dat, gebruik makend van nieuwe methodes, beweerde dat de Sovjet-Unie economisch en militair veel sterker was dan voorheen werd gedacht. Aangezien dat impliceerde dat het Pentagon meer geld moest krijgen, was dit precies de muziek die de mensen wilden horen; in tegenspraak met zijn gangbare methode schreef Marshall zelf een artikel over deze kwestie. Toen de Sovjet-Unie begon te imploderen, midden jaren tachtig van de vorige eeuw, bleek het in het geheel niet te kloppen, maar dat deed er niet toe. Tegen die tijd had het zijn werk gedaan en de regering-Reagan had het budget voor het Pentagon verhoogd met vijftig procent, grotendeels ten faveure van de staatsschuld.

In het begin van de jaren negentig begon de invloed van Marshall duidelijk te tanen en sommige mensen dachten zelfs dat hij, door zijn net te ver en te breed uit te gooien en heel veel verder te gaan dan zijn oorspronkelijke missie, nationale veiligheid, het Departement waarvoor hij verantwoordelijk was had «geruïneerd». Clintons minister van Defensie, William Cohen, wilde hem ontslaan, maar werd uiteindelijk overgehaald dat niet te doen en stelde zichzelf tevreden met het beperken van het budget van zijn onder geschikte. De neiging om verder te kijken dan nationale veiligheid in strikte zin kan ook een weerspiegeling zijn van het feit dat, met het eindigen van de Koude Oorlog, de Verenigde Staten geen monster meer hadden om tegen te vechten. Voor de zekerheid bleef het Net Assessment een stroom onderzoeken publiceren. Sommige gingen over oorlogvoering per computer, sommige over de impact die nieuwe militaire technologieën konden hebben, en sommige over het gevaar dat China, dat steeds sterker werd, op een kwade dag zou kunnen vormen voor de Verenigde Staten. Maar tegen die tijd hadden alle andere departementen en alle denktanks in Washington DC de achterstand ingehaald en speelden hetzelfde spel als Marshall. Allemaal wilden ze geld en aandacht, en allemaal genereerden ze rapporten over uiteenlopende aspecten van nationale veiligheid die, zo hoopten ze, een zekere hoeveelheid van beide zouden aantrekken. Als gevolg daarvan kreeg veel van Marshalls werk geen speciale aandacht.

Begin 2001 betekende de aanstelling als minister van Defensie van Donald Rumsfeld, van wie bekend was dat hij goed bevriend was met Marshall sinds de tijd dat hij dezelfde positie had bekleed onder president Gerald Ford, een stimulans voor Marshall. Plotseling begonnen drie- en viersterrengeneraals van wie jarenlang niets was vernomen zijn kantoor binnen te vallen, nummer 3 A 930, in het Pentagon, om te horen wat hij zou kunnen denken. Veel van wat hij dacht had te maken met iets wat bekend was als de Revolution in Military Affairs (Revolutie in Militaire Aangelegenheden, RMA kortweg); in essentie hoe nieuwe wapens te gebruiken, gekoppeld door nieuwe computernetwerken, met het doel veel efficiënter oorlog te kunnen voeren tegen lagere kosten. Maar dat duurde niet lang. Al gauw was Marshall weer aan het doen wat hij dertig jaar lang gedaan had: opdracht geven voor rapporten over onderwerpen die hij interessant vond en proberen anderen ervoor te interesseren. Hoeveel succes hij daarbij had, is stof voor discussie; sommige mensen vonden dat, wanneer hij uiteindelijk zou opstappen, het Net Assessment moest en zou worden geëlimineerd.

Voor degenen die in meer of mindere mate vertrouwd zijn met de manier waarop hij opereert, ziet het Rapport over het Opwarmen van de Aarde dat onlangs is gepubliceerd eruit als klassiek, vintage Marshall. Allereerst, laat iemand een voorstel indienen, laat het beoordelen door leden van jouw staf — en misschien ook nog een paar buitenstaanders — en keur het goed. Laat vervolgens de persoon die de leiding heeft zijn onderzoek doen; hierover moet ik opmerken dat ik nog nooit heb gehoord dat Marshall iemand onder druk zette om tot een bepaalde conclusie te komen. In dit geval is een van Marshalls geselecteerde onderzoekers, Doug Randall, een beroemde life science-deskundige. De andere, Peter Schwartz, is een ingenieur die, na te zijn weggegaan bij Royal Dutch Shell waar hij de leiding had over de planning, zijn eigen zakenadviesbureau oprichtte. In 1999 publiceerde hij met een collega The Long Boom, een boek dat eindeloze voorspoed beloofde. Schwartz, die Hollywood hielp om films te maken zoals War Games (waarin een jonge hacker en zijn vriendin, na te hebben ingebroken in het commandocentrum van de Air Force in Colorado en bijna een kernoorlog te hebben ontketend op het laatste moment de wereld redden) is duidelijk ook gezegend met een levendige verbeelding. Samen stelden ze een groep deskundigen samen en vroegen ieder daarvan naar zijn of haar ideeën over klimaatverandering en de gevolgen die die zou kunnen hebben voor de veiligheid. Het onderhavige Rapport is het resultaat.

De bevindingen die aan Marshall werden overlegd, zijn geen opwekkende lectuur. Aangezien de Poolkap verder zal blijven smelten, zal al in 2007 koud water dat van de Noordpool komt botsen met de Golfstroom en die doen terugkeren. Er zal geen regen meer vallen, en een groot deel van Afrika zal veranderen in een woestijn. Engeland en Scandinavië zullen te koud worden voor menselijke bewoning, en Nederland zal overstromen. Gedreven door gebrek aan water, honger, of angst om te verdrinken, zullen miljoenen wanhopige mensen proberen te vluchten naar Noord-Amerika en Centraal-Europa, misschien hun toevlucht zoekend tot kernwapens om de weg voor ze vrij te maken en regeringen in die regio’s te dwingen zichzelf te verdedigen door hetzelfde te doen. Vergeleken bij die dreiging, stelt het onderzoek, «valt de dreiging van terrorisme absoluut in het niet». Tot op dit moment werd die beschouwd als de grootste van allemaal.

Omdat hij inmiddels 82 jaar oud is, is dit waarschijnlijk de laatste keer dat Marshall in staat zal zijn de inzet te verhogen en een klapper te maken. In het verleden werden sommige van de voorspellingen die van zijn Departement kwamen, werkelijkheid, andere niet; waar het om gaat is dat hun nauwkeurigheid weinig te maken had met de hoeveelheid aandacht die ze kregen. Ook in dit geval kunnen we niet weten of Marshall en degenen die voor hem werken het bij het rechte eind hebben. Maar voor de mensen die bang zijn, is het misschien interessant om te weten dat nog niet zo lang geleden, in 1980, wetenschappers zich geen zorgen maakten over het opwarmen van de aarde maar juist over het tegenover gestelde, het afkoelen van de aarde, waarvan men veronderstelde dat het werd veroorzaakt door de verspreiding, in de atmosfeer, van door mensen gecreëerd stof alsmede het stof afkomstig van vulkanen. In de woorden van een artikel in Newsweek: «Er zijn onheilspellende tekenen dat het weerpatroon van de aarde drastisch aan het veranderen is en dat deze veranderingen kunnen uitmonden in een ingrijpende daling van de voedselproductie en ernstige politieke implicaties kunnen hebben voor vrijwel elk land op aarde.» Een bekend boek verkondigde het bestaan van iets dat de «Mondiale Weer Samenzwering» heette en die, tenzij hij aan banden werd gelegd, zou kunnen leiden tot een «Nieuwe IJstijd»; Newsweek plaatste die catastrofes «misschien slechts tien jaar vanaf nu». Het feit dat deze voorspellingen waren gebaseerd op zoveel «bewijs» dat meteorologen «zwaar onder druk stonden om ze bij te houden» kon niet voorkomen dat ze volkomen verkeerd bleken te zijn. Pentagon of geen Pentagon, precies hetzelfde zou in dit geval heel goed het geval kunnen zijn.

Vertaling: Rob van Erkelens

_______________________

De belangrijkste bevindingen van het Pentagon

Toekomstige oorlogen zullen vooral worden gevoerd om te overleven en niet zozeer om religie, ideologie of nationale eer

Tegen 2007 zullen verschrikkelijke vloedgolven de kusten treffen, waardoor grote delen van Nederland onbewoonbaar worden. Steden als Den Haag raken verlaten

Tussen 2010 en 2020 wordt Europa het zwaarst getroffen door klimaatveranderingen met een daling van de gemiddelde jaartemperatuur van vier graden Celsius. Het klimaat in Groot-Brittannië wordt kouder en droger en gaat lijken op dat van Siberië

Het aantal doden als gevolg van oorlog en hongersnood loopt in de miljoenen

Rellen en binnenlandse conflicten verscheuren India, Zuid-Afrika en Indonesië

Water wordt een belangrijke reden voor strijd. De Nijl, Danube en Amazone worden allemaal genoemd als gebieden met verhoogd risico

Rijke gebieden als de Verenigde Staten en Europa zouden «virtuele forten» worden, die miljoenen migranten proberen te weren die werden gedwongen hun land te verlaten na het stijgen van de zeespiegel of die niet langer in staat zijn voedsel te verbouwen

Proliferatie van kernwapens is onvermijdelijk. Japan, Zuid-Korea en Duitsland ontwikkelen nucleaire capaciteiten, net als Iran, Egypte en Noord-Korea. Israël, China, India en Pakistan zijn eveneens klaar om de bom te gebruiken

Tegen 2010 zullen de VS en Europa een derde meer dagen kennen met maximumtemperaturen boven 32 graden Celsius. Het klimaat wordt een «economische plaag» aangezien stormen, droogtes en hittegolven ravages brengen voor de boeren

Meer dan vierhonderd miljoen mensen in subtropische streken lopen ernstige risico’s

Europa zal enorme binnenlandse conflicten kunnen verwachten omdat het ontzaglijke aantallen migranten moet verwerken die aan de kusten aanspoelen. Immigranten uit Scandinavië zoeken een warmer klimaat in het zuiden. Zuidelijk Europa wordt bestormd door vluchtelingen uit zwaar getroffen landen in Afrika