Freeman Dyson over kernwapens en zwarte gaten

De wetenschapper als rebel

Hij is ‘oneindig slim’ en miste de Nobelprijs. Fysicus Freeman Dyson klimt graag in bomen, ontwerpt ruimteschepen en haalt gemeenplaatsen onderuit. ‘Het grootste deel van mijn leven heb ik dingen gedaan zonder enig praktisch nut.’

Medium freeman dyson

U WAS IN EEN KAMER met tweeënveertig waterstofbommen?
‘Ja.’
Gewoon in een kamer?
'Ja.’
En ze lagen op de vloer?
'Ja. Een kamertje zo groot als dit, ja.’
Dit is moeilijk te geloven.
'Ja. Maar zo is de echte wereld.’
Dat is jaren geleden, natuurlijk. Dat is niet meer.
'I don’t know.’

Freeman Dyson glimlacht verlegen voor zich uit, met grote, verwonderde ogen. Veel is mogelijk in een wonderlijk universum. Hij wordt door collega’s 'oneindig knap’ genoemd. Maakte zich onsterfelijk door op zesentwintigjarige leeftijd de kwantumtheorie te verenigen met de wetten van de elektrodynamica, in een even briljante als elegante wiskundige formule die hem, samen met zijn vriend en leermeester Richard Feynman, de Japanner Tomonaga en de Amerikaan Julian Swinger tot de vader van de kwantumelektrodynamica maakt. Al zegt hij zelf, wat papieren schikkend om plaats te maken voor de taperecorder, dat hij 'alleen maar wat losse eindjes aan elkaar knoopte’. Tomonaga, Feynman en Swinger ontvingen in 1965 de Nobelprijs - zo niet de relatief jonge Dyson. 'De Nobelprijs is ’m door de neus geboord’, vindt collega-fysicus en Nobelprijswinnaar Steven Weinberg. 'Nee nee’, zegt Freeman Dyson (86). 'Ik heb er volkomen vrede mee. We kunnen er lang of kort over praten: ik denk dat het helemaal terecht is. Ik heb geen enkel origineel idee gehad. Nobelprijzen gaan naar diepe denkers, dat is het hele idee - en ik was nooit een diepe denker.’

PRINCETON JUNCTION, NEW JERSEY. Op het stationnetje op de lijn New York-Washington DC staat een boemeltreintje klaar. Op het perron flarden van gesprekken over gasplaneten en - zowaar! - over de Laatste Stelling van Fermat. Met een vaart van dertig kilometer per uur tuft het treintje in de richting van de Amerikaanse top-universiteit. En daarachter, onafhankelijk van Princeton University, half verscholen in de bossen, het Institute for Advanced Study: ’s lands meest eminente denktank, het 'centrum voor theoretische research en intellectueel onderzoek’ waar, tot zijn dood, Albert Einstein werkte. En Kurt Gödel, de grondlegger van de moderne logica. En ook: J. Robert Oppenheimer, de vader van de atoombom. Het IAS, een intellectuele vrijplaats voor topwetenschappers en aanstormend talent uit de wiskunde, de natuurwetenschappen, de geschied- en sociale wetenschappen. Waar iedereen gelijk is en iedereen voortdurend met elkaar discussieert. Dyson kwam er in 1953 en is er nooit meer weggegaan.

Na zijn grote unificatieformule houdt hij zich in Princeton bezig met sterrenkunde, ruimtevaart, biotechnologie en wat er zo verder op zijn weg komt. En zo zagen, along the way, een Dyson Number, een Dyson Conjecture, Dyson’s Transform, een Dyson Tree, een Dyson Sphere, een Dyson Series, een Dyson Scenario en een Dyson Operator het licht. Voor het Pentagon ontwierp hij door overtollige kernbommen aangedreven ruimteschepen in het geheime Orion Project. Op straat betoogt hij tegen de oorlog in Irak. In de organisatie JASON onderhoudt hij in opdracht van het Congres het nucleaire wapenarsenaal van de Verenigde Staten; voor het Capitool demonstreert hij voor de totale afschaffing van kernwapens.

'Hij is diep en raadselachtig’, zeggen vrienden en collega’s. Op het eind van het boemeltje staat hij al te wachten, van verre reeds herkenbaar aan de bumpersticker Women over 50 for Obama - hij deelt de auto met zijn vrouw.

'Hell broke loose on earth. That sadness and that passion are part of our lives’, noteert hij. Engeland, 1943. De twintigjarige Freeman Dyson werkt als analist bij het beroemde Bomber Command van de RAF. Hij houdt van cijfers. Het is zijn taak om de effectiviteit te berekenen van de strategische bombardementen op nazi-Duitsland. En de cijfers zijn schokkend: meer dan veertigduizend hoogopgeleide piloten en boordschutters zijn gedood. Bij honderden worden de bommenwerpers uit de lucht geschoten. In de laatste weken van de oorlog is de kans om levend terug te komen een op vier.

Hij trekt zijn conclusies: 'Het was duidelijk dat we de oorlog zo niet aan het winnen waren. De jongens die ik zag opstijgen, vlucht na vlucht. Ik wist dat het zinloos was en ik kon het ze niet zeggen. Er was geen mogelijkheid… Ik kon ze niet nabij zijn, want ik wist allerlei dingen die zij niet wisten en niet móchten weten. De vooravond van opstijgen: het drinken en het zingen; er lag een diepe desolaatheid in. Proberen vrolijk te zijn als je het niet was.’

Hij stelt voor de Lancasters te ontdoen van een van de geschutskoepels om ze zo meer wendbaar te maken: het sneeft op het achterhaalde beeld van een ridderlijk luchtgevecht van man tegen man. Hij wordt depressief. 'De oorlog was niet anders dan een reusachtige machine. And I wasn’t doing anything of consequence.’

'Pak m'n arm maar beet, m'n handen zijn zo smerig.’ Ze is de oven aan het schrobben. Met rubberen handschoenen neemt Imme Dyson (73) de bos tulpen aan. Hij woont met zijn vrouw naast het huis waar vroeger Oppenheimer woonde. Zij is kampioen hardloopster. Hij klom tot niet zo lang geleden graag in de bomen rond het huis.

Amerika is vluchthaven van vrijheid voor de public school boy die huiveringwekkende verhalen weet te vertellen over kleine jongens die ’s nachts door grote jongens met schuurpapier worden bewerkt. 'Certainly, ik kwam zeer zeker naar Amerika om aan het Britse klassensysteem te ontsnappen. Ik herinner me hoe ik toen ik hier kwam de prachtige ontdekking deed dat ik zomaar met een taxichauffeur kon praten. Zoiets was is Engeland onbestaanbaar. I was definitely upper class en dat betekende dat ik was afgesloten van negen tiende van de mensen.’

ENGELSEN ZIJN PRETTIG IN DE OMGANG: wellevend, beleefd, humoristisch. Zeer aangenaam in hun manieren. Maar ze lijken nooit volkomen vrij te zijn…

'Ik denk dat dat waar is. Maar het verandert. Afgelopen jaar bezocht ik mijn oude school, ik was er tweeënzeventig jaar niet geweest. Dezelfde gebouwen, totaal andere mensen. They have girls now. Imme en ik zijn er een halve dag geweest en we werden rondgeleid door een jongen en een meisje, met zoveel enthousiasme! Je had duidelijk de indruk dat deze kinderen werkelijk als mensen behandeld worden: zo volkomen op hun gemak. Het was eenvoudigweg geweldig.’

We moeten echt naar nul. Helaas vereist het een Republikein om dat te doen. De Democraten kunnen dat niet, ze genieten niet het vertrouwen van boven elke verdenking verheven te zijn.'

Winchester College. Een school als in een Harry Potter-film. In zijn boek The Scientist as Rebel beschrijft hij hoe de jongens met een subversieve scheikundeleraar het dak van de kapel beklimmen. Ze laten de formules de formules en lezen tussen de pinakels Auden en Isherwood en meer moderne dichters 'die spraken voor een jongere generatie in die eerste, desperate jaren van de Tweede Wereldoorlog’. De liefde voor gedichten is altijd gebleven. Als ook de smaak van rebellie.

'Als er ergens consensus lijkt te ontstaan, zal Freeman zijn uiterste best doen om gaten in het ijs te slaan’, zegt collega Steven Weinberg in The New York Times. 'Hij vindt het behoorlijk belangrijk om niet alleen onorthodox maar ook subversief te zijn’, zegt in diezelfde krant zijn vriend de neuroloog Oliver Sacks. ’

Als wetenschap ophoudt een opstand tegen het gezag te zijn, verdient het niet de talenten van onze briljantste kinderen’, schrijft Dyson in zijn boek en schetst in een angstaanjagend beeld van een gedoemde gevangene, opgejaagd tot in de dood, de condition humaine. 'We moeten proberen onze kinderen kennis te laten maken met wetenschap als een rebellie tegen armoede en lelijkheid en militarisme en economisch onrecht.’

Wetenschap is kunst, vindt Dyson: het zoekt de transcendente schoonheid van de natuur; maar het is zeker ook een ambacht en in hoge mate een sociaal gebeuren. 'In mijn activiteiten als theoretisch fysicus zie ik mezelf meer als een ambachtsman dan als iemand die een bepaalde methode volgt. Na mijn belangrijkste werk als jongeman, het bij elkaar brengen van de ideeën van Sin-Itiro Tomonaga, Julian Swinger en Richard Feynman, teneinde tot een versimpelde versie van de kwantumelektrodynamica te komen, ben ik bruggen gaan bouwen’, zegt Dyson. 'Er zijn twee methodes van wetenschap: idea-driven en tool-driven.’ Hoewel als theoreticus van huis uit in het eerste geschoold, houdt hij zich voornamelijk bezig met het tweede: het zoeken naar oplossingen voor de meer praktische vragen waarvoor de mensheid staat. In 1958 bouwde hij TRIGA, een piepklein kernreactortje voor de opwekking van isotopen. Het was zijn streven dat de reactor 'ook in handen van een eerstejaars student volkomen veilig zou zijn’. Tot op de dag van vandaag staan er tientallen in ziekenhuizen en universiteiten. Glimlach: 'Ze werken nog steeds. Zonder ooit een ongeluk.’

VIJFTIG JAAR NA DATO. Dus het ís mogelijk om veilige kerncentrales te bouwen?
'O zeker. Technisch is het geen enkel probleem.’

Waarom gebeurt het dan niet?
'Well… Politics. Volgens de Amerikaanse wet moet het kernafval honderd procent veilig én permanent én ontoegankelijk worden opgeslagen. Die drie eisen zijn onverenigbaar. Je hebt een goed geïsoleerd gebouwtje nodig, je doet het spul erin en je draait de sleutel om, zo simpel is het. Maar dat is niet permanent. De rest van de wereld doet het gewoon. Het spul vervalt sowieso.’

Een wat omstreden optie…
'Het is een feit. Feiten spelen in de discussie vaak geen overheersende rol en soms irriteert me dat. Mensen zijn altijd bang voor de verkeerde dingen. Zijn bang voor kleine gevaren en niet voor de grote. Ik woonde in de jaren zeventig in München en op dat moment lagen er in Duitsland tienduizend kernwapens her en der verspreid. Vijfduizend in het Westen, vijfduizend in het Oosten. Je kon het de mensen niet aan ’t verstand brengen, somehow they were in denial. En de hele campagne werd tegen kerncentrales gevoerd. Het kwam me voor als totaal absurd.’

En dús beheert hij kernkoppen in de organisatie JASON - een vertrouwelijke werkgroep van wetenschappers genoemd naar de Griekse held. 'JASON houdt zich niet direct bezig met het afschaffen van kernwapens, maar met het onderhoud van de kernraketten. We zijn waardevol omdat we onafhankelijk zijn: we behoren niet tot het leger, we behoren niet tot de wapenindustrie. We houden ons bezig met stewardship, met zorg voor de bommen. We verzekeren dat ze betrouwbaar zijn en veilig en dat alles werkt zoals het moet.’ Dus heeft hij zich er bij de Amerikaanse regering van verzekerd dat er voor het staande nucleaire arsenaal voldoende reserveonderdelen voorhanden zijn. 'Met het doel om het vertrouwen in de werking van de wapens op peil te houden zonder ze te hoeven testen.’

Privé demonstreert u voor ontwapening…
'Voor de totale afschaffing van kernwapens, ja. Ze zijn levensgevaarlijk. En van een totaal andere orde dan al het andere. En ze kunnen behoorlijk gemakkelijk gebruikt worden, hetzij door staten, hetzij door terroristen. We hebben er geen idee van… Dingen gebeuren altijd onverwacht. Zelf had ik in de tijd rond 11 september verwacht dat de aanval nucleair zou zijn - dat ze conventioneel bleek, was voor mij een gelukkige verrassing.
Ik pleit voor de totale en eenzijdige afschaffing van kernwapens. Het is mogelijk. Er waren nog niet zo lang geleden vier nucleaire onderdelen in de Verenigde Staten: het leger, de luchtmacht, de marine en de onderzeevloot. Vandaag zijn er nog maar twee van over: de luchtmacht en de duikboten; het leger is non-nucleair en de marine is non-nucleair. Met één handtekening heeft George Bush senior er een einde aan gemaakt. Hij schafte ze af, just like that. Ik geef hem hiervoor enorm credit.

U stemde voor Obama.
'Ja, dat is een probleem.’

'KLIMAAT KETTER’ opende The New York Times vorig jaar een tien pagina’s groot profiel van de dwarse denker. Door openlijk de global warming in twijfel te trekken, heeft Dyson nietsvermoedend de communis opinio tegen zich ingenomen. Er zijn gewoon te veel onbekende grootheden in het spel om er iets zinnigs over te kunnen zeggen, meende de geleerde, losjes puttend uit zijn mathematisch-thermofysische-vloeistofdynamische-wetenschapsfilosofische kennis. 'De bestaande klimaatmodellen doen goede dienst in het beschrijven van de stromingen in de oceanen en in de atmosfeer; ze doen een very poor job in het beschrijven van de wolken, het stof, de chemie en de biologie van bossen, velden en landbouwbedrijven. Ze hebben zelfs nog geen begin gemaakt met het beschrijven van de werkelijke wereld waarin we leven. De echte wereld is muddy and messy en vol van dingen die we nog niet begrijpen.’ Culminerend in de volzin: 'The polar bears are doing well.’

U neemt Al Gore niet serieus. Twijfelt u aan zijn motieven?
'Nee… Ik denk dat hij een oprecht gelovige is.’

En oprechte gelovigen studeren niet?
'O, misschien wel. Maar als je écht in iets gelooft, doet ’t er niet toe wat je leest.’

Voelt u zich als wetenschapper verplicht zich uit te spreken?
'Ja. Want het kan het verschil maken. Wetenschap bestormt the forts of folly.’

Kun je niet volkomen gelukkig zijn als een nerd, zonder je fundamentele werk te verbinden aan de praktische noden van vandaag?
'Zeker, dat is zeer wel mogelijk. Het grootste deel van mijn leven heb ik dingen gedaan zonder enig praktisch nut. Ik krabbel voornamelijk vergelijkingen op papier - en het zijn práchtige vergelijkingen, maar dat is het.’

Sommige collega’s vinden dat hij onderpresteert. Hadden, na die briljante proeve van 1949, meer van hem verwacht. De vraag of hij beter kan, omzeilt hij consequent. 'Als wetenschapper bespeelde ik strikt gesproken slechts de viool. Oefende een ambacht uit dat me veel genoegen schonk en schiep mooie kunstwerken en dat was het wel zo'n beetje. Op de wereld had het geen invloed - en dat was goed. Door de Tweede Wereldoorlog raakte ik betrokken bij Oorlog en Vrede, vrij los van de wetenschap. Ik modelleerde me een beetje naar Andrew Carnegie, de staalfabrikant. Die spendeerde de eerste veertig jaar van zijn leven aan rijk worden en de tweede veertig jaar aan het uitgeven van geld. En verklaarde steevast dat het harder werken was het geld uit te geven dan om het te verdienen. Ergens tussen mijn veertigste en mijn vijftigste besloot ik dat ik niet ging concurreren met de bright young people in het vak. Ik bleef de wetenschap beoefenen voor mijn eigen plezier, zonder hierin verder nog al te serieus te zijn.’

'Wetenschap als vrije handeling van ’s mensens goddelijke vermogen van Rede en Verbeelding. Als het antwoord van de Weinigen op de eisen van de Velen van rijkdom en victorie. Als de geleidelijke verovering van Tijd en Ruimte, daarna van Materie als zodanig, dan van het eigen lichaam en, tenslotte, de onderwerping van de duistere en duivelse elementen in de eigen ziel’, citeert Dyson graag de bioloog J.B.S. Haldane in een lezing in Cambridge in 1923 voor de Society of Heretics.

De onderwerping van de duistere en duivelse elementen in de eigen ziel… 'I felt in myself the glitter of nuclear weapons. It is irrisistable if you come to them as a scientist. To feel that it is in your hands. To release the energy that fuels the stars. To let it do your bidding’, verwoordt Dyson de bekoring in de documentaire The Day after Trinity. 'Wonderen te verrichten, één miljoen ton steen de lucht in te stuwen: het is iets wat mensen de illusie geeft van ongelimiteerde macht - en het is in zekere zin verantwoordelijk voor al onze problemen, deze technische arrogantie, die bezit neemt van mensen wanneer ze zien wat ze kunnen doen met hun geest.’

Faust. De almacht en de glorie. In Nederland hadden wij Professor Sickbock; Mad Scientist, kwaadaardig genie.
'Het is een waarschuwing. Nucleaire energie is de basiskracht van de wereld en wanneer we er de hand op leggen, passen we liever op. Afgelopen zomer was ik in Moskou en zag een oude vriend die zijn leven lang een loyaal burger van de Sovjet-Unie was. We lunchten en spraken vrijelijk en hij vertelde me dat het allergrootste dat hij in zijn leven had gedaan het ontwerpen van een twaalf megaton zware bom was. Dat is even groot als de grootste bom die wij in het Westen ooit tot ontploffing brachten. En niet alleen had hij die bom ontworpen, hij zag haar ook daadwerkelijk exploderen - voor hem was dat het opperste moment. Hij beschreef het in soortgelijke woorden als ik heb geschreven. Er schuilt iets echts in. Al het andere in het leven is onbeduidend daarbij vergeleken. En het is een zachtmoedig mens. Hij ziet eruit als een ouderwetse Russische aristocraat, met een prachtige baard en zo. Wetenschap is een menselijke activiteit en de beste manier om die te begrijpen is de individuele mensen te begrijpen die het uitoefenen.’

ZIJN KAMERTJE VAN DRIE BIJ VIER op het IAS is volgeplempt met syllabi en papieren, niet met tweeënveertig kernbommen. Het wandvullende schoolbord is volgeschreven met wiskundige vergelijkingen. 'Ik kan ze je niet zo een, twee, drie uitleggen’, zegt hij verontschuldigend, een stapel boeken wegschuivend om een zitplaats te maken. 'Ze zijn van een van de jonge members hier. Ik begrijp ze zelf maar ten dele.’

Schetsen, formules, ontwerpen. Een liefhebberij van de tweede helft van zijn leven is het kijken in de toekomst. De beroemde Dyson Tree is een genetisch gemanipuleerde plant die op kometen kan groeien, als een broeikas de zon vangt en in een gesloten ecosysteem zuurstof produceert. Greening the Universe. Zodat de mensheid aan de buitenrand van het zonnestelsel voort kan leven in een nieuwe toekomst. De verovering van de ruimte als menselijke plicht?
'They will serve tea at three 'o clock. It is nice not to miss that. Nee, niet zozeer als plicht. Meer omdat het mógelijk is. Je kunt het desgewenst ook laten. Er zijn twee manieren om naar ruimtevaart te kijken: de Russische en de Amerikaanse, en ze staan diametraal tegenover elkaar.
Op Amerikaanse wijze denk je in decades; alles is min of meer gepland in units van tien jaar. Je begint een project als Space Shuttle of Apollo en het kost je tien jaar om het te plannen, tien jaar om het te bouwen en tien jaar om ermee rond te vliegen. Het is de typische manier waarop Amerikanen denken en het is prima voor alles waarbij geen mensen betrokken zijn. Neem een missie als Cassini, die op dit moment Saturnus verkent: het is een geweldig apparaat, het werkt subliem en het blijft een jaar of tien op weg. En als ’t klaar is, ga je wat anders doen. Je blijft op de grond en je zendt instrumenten naar boven. Het is een goede manier van wetenschap bedrijven. Maar ga naar Rusland, naar de kosmodroom van Bajkonoer, waar de sovjetruimtevaart begon en de grote ingenieur Koroljev woonde en Joeri Gagarin. Voor hen is ruimtevaart destiny, bestemming. Op Russische wijze ga je de ruimte in met ménsen. Je praktiseert geen wetenschap; je gaat de ruimte in omdat die er is. Het is als met het beklimmen van de Mount Everest, het is deel van onze lotsbestemming. Bij de lancering voel je dat sterk: het hele stadje loopt uit. De burgemeester houdt een speech op het dorpsplein. De bemanning staat recht tegenover hem aangetreden en verklaart: 'Wij zijn gereed om te vliegen.’ Ze krijgen de zegen van de burgemeester en van de priester en begeven zich naar het lanceerplatform. Het hele gebeuren lijkt meer op een religieuze ceremonie dan op een wetenschappelijk experiment. Het is een menselijke onderneming, op een schaal van eeuwen, niet op een schaal van decades. En het zál eeuwen duren. Maar we zijn op weg.’

Time will come, no doubt,
When the sun too shall die; the planets will freeze,
And the air on them; frozen gases, white flakes of air
Will be the dust: which no wind will ever stir

Het ijzingwekkende scenario van de verre toekomst. Een leeg heelal. De glinstering van de Melkweg voorgoed gedoofd. And vast is the night.
'Het is een gedicht van Robinson Jeffers van vlak na de oorlog. Hij kon het niet gepubliceerd krijgen.’

Denkt u over het heelal in dezelfde dimensies?
'Oh yes. Very much, yes…’ Lange stilte.

Het is straks allemaal voorbij, nietwaar?

'Ja.’

Met niemand die getuige is, natuurlijk…
'Well… misschien toch wel.’

Met alleen maar vlokken lucht en geen wind om die te beroeren?
Oplichtende ogen: 'Ja! Daar heb ik juist een paper over geschreven, “Hoe te overleven in een koud heelal”. Op de lange termijn zijn we verspreid over gigantische afstanden, groter dan je je kunt voorstellen. Het leven zal zich moeten aanpassen.’

Aanpassen of ten onder gaan…
'Het antwoord is dat je niet ten onder hóeft te gaan. Deze paper is een van de weinige van mijn stukken die echt verbeeldingskracht heeft. Ik heb het nooit willen uitgeven. Ik vond het te speculatief. Maar op vreemde wijze werd het gepubliceerd, zonder dat ik het wilde. In het zeer gerespecteerde tijdschrift Reviews of Modern Physics. Ja, we kunnen overleven. Yes we can! Dingen als de Dyson Tree, de oude methodes van bomen en planten en zuurstof, niets van dat alles werkt beneden een bepaalde temperatuur; alles is dan van een totaal andere orde. Er is slechts stof en stof doet niets. Je zult voortbestaan in een vorm van plasma. Extreem wijd uitgespreid. Het is een erg abstract soort van leven.’

Is er bewustzijn in dat plasma?
'Ja. Natuurlijk kunnen we al deze dingen niet vatten: het enige dat ik bewijzen kan is dat het niet indruist tegen de wetten van de fysica.’

Als het ooit zal bestaan, noemen we ’t het Dyson Plasma. Maar wat maakt dat het leven is?
'Organisatie. Deze levensvorm heeft dezelfde soort organisatie als het menselijk brein, alleen vertaald in totaal andere materialen. Je neemt aan dat je op een of andere manier een brein kunt kopiëren. We weten niet wat bewustzijn is, we weten alleen dat het bestaat. En dat het daarom gekopieerd kan worden naar een ander medium. Er is binnen de wetten van de fysica niets wat het onmogelijk maakt aan te nemen dat je een plasma werkelijk kunt vormgeven zodat het op dezelfde wijze voelt als wij voelen. Natuurlijk kan het straks in het echt totaal anders zijn, kunnen er veel geavanceerdere schepsels zijn. Maar er is geen enkele reden om aan te nemen dat wij het laatste woord zijn.’

In zijn boek Infinite in All Directions (1988) ontwikkelt Dyson een kosmische metafysica van de geest. 'Het universum geeft bewijs van werking van de geest op drie niveaus. Het eerste niveau is het niveau van elementaire fysische processen in de kwantummechanica. Materie in de kwantummechanica maakt constant keuzes tussen verschillende mogelijkheden volgens wetten van waarschijnlijkheid. Het tweede niveau waar we werking van de geest kunnen ontdekken, is het niveau van de directe menselijke ervaring. Het is redelijk om te geloven in het bestaan van een derde niveau van geest, een mentale component van het heelal. Wanneer we in deze mentale component geloven en we het God noemen, dan kunnen we stellen dat we kleine stukjes zijn van Gods geestelijke apparaat.’

AAN DE OVERKANT van de gang houdt de hogepriester van de snaartheorie, Edward Witten, zich bezig met de hyperkleinste dingen. 'Een elegant idee’, vindt Dyson de snaartheorie waarin feiten en mogelijkheden één zijn, en verder houdt hij zich er niet mee bezig. Hij wijst naar buiten: 'Einstein maakte hier z'n dagelijkse ommetje, precies onder dit raam. Met in het kielzog zijn assistent. En verdween dan in z'n lab. Hij sprak nooit met ons jongeren. Wij vonden dat niet erg, we waren jong. De arrogantie van de jeugd: Einstein, Oppenheimer, Bohr - we zagen die oude dwazen stomme dingen doen. Hij liep hier langs het raam en je dacht: old fool! We hielden seminar na seminar, over de opwindende nieuwe ontdekkingen die er om ons heen gedaan werden. Hij kwam nooit. Was simpelweg niet geïnteresseerd. Het is misschien waar dat mensen hun grootste ontdekkingen doen rond de leeftijd van vijfentwintig. Het is zéker waar dat het met ons uit is als we veertig zijn. Maar we gaan langer mee dan tennisspelers.’

Vanwaar?
'Wel, ik denk dat je voor grote ontdekkingen onwetend moet zijn. De arrogantie van de jeugd moet hebben. Als je te veel tijd besteedt aan leren van bestaande zaken kom je nooit tot nieuwe dingen.’

Toen u Robert Oppenheimer het sluitende bewijs leverde dat zwarte gaten daadwerkelijk bestaan, gleed dat langs z'n koude kleren af…
'Dat was inderdaad verbijsterend. Dat heb ik nooit begrepen. Ik praatte als brugman en probeerde hem te overtuigen dat zwarte gaten belangrijk waren. Hij had ze vijfentwintig jaar eerder tenslotte zelf ontdekt. Maar het interesseerde hem totaal niet. Misschien waren het z'n psychische problemen, misschien was het zijn nauwe blik op wat wetenschap is. Hij vond dat wetenschap ten diepste het ontdekken van de fundamentele formules is. Dát is wat een echte geleerde doet, dát is diep denken: het vinden van de fundamentele Wetten van de Natuur. Oppenheimer zocht grote wetten en vond zwarte gaten. Het zwarte gat was een wonderschoon bewijs van een formule, en dus was het voor hem volkomen onbelangrijk; iedere student had het gekund. Het ontwikkelen van de atoombom: hij was er ongelooflijk goed in, maar hij moet het ervaren hebben als een soort second-rate science. Het was opnieuw het oplossen van een probleem, niet fundamentele wetenschap. Het woord “fundamenteel” betekende onnoemelijk veel voor hem. Het is een vreemde paradox dat sommige van de grootste en meest creatieve geesten in de wetenschap, na tot prachtige ontdekkingen te zijn gekomen door de vrije loop van hun fantasie te volgen, in hun latere jaren geobsedeerd raakten door een reductionistische gedachtegang - de formule die alle natuurwetten zal verbinden - zonder oog te hebben voor de stortvloed aan nieuwe ontdekkingen die zo'n Theorie van Alles uiteindelijk zou moeten kunnen verklaren. Vooruitgang in de wetenschap vereist naar mijn mening een dubbele beweging: theorie én experiment. Naar beneden: vanuit het geheel naar de delen. En naar boven: vanuit de delen naar het geheel.’

Maar de superelegante oplossing van de snaartheorie interesseert u niet.
'Klopt. Ik gedraag me op dezelfde wijze als Einstein. Nee, echt: er komt een moment dat je oud wordt en dat je het gewoon niet meer op kunt brengen te begrijpen waarmee de jongere mensen bezig zijn. Overigens is het een veel te druk bevolkt speelveld. Ik kreeg laatst een briefkaart van een vriend uit Ürümgi, aan de grens met Mongolië: “Weet je dat er hier een groep snaartheoretici zit?” Nee, serieus, oude mensen zijn vervelend. Niet irrelevant, maar boring. Op de een of andere manier verloor Einstein de schoonheid van zijn eerdere werk. Shakespeare was zo slim te beseffen dat hij alles gezegd had wat hij te zeggen had. Er is een punt waarna je niet verder komt. Einstein bereikte dat - veel te snel.’

Zijn de fundamentele wetten van de natuur niet allereenvoudigst? In een van uw boeken bezingt u de 'transcendente schoonheid van de dubbele helix’, de grondvorm van het DNA. Zoals de zeventiende-eeuwse natuurwetenschapper Jan Swammerdam het stelde: 'Gods vinger in de anatomie van een luys’?
'Die uitspraak ken ik niet, wat mooi! Het is wonderlijk hoe dit alles al eerder bedacht is. De natuur zelf, niet de wetenschapper, beslist wat van belang is. Niemand ontkent de waarheid van Einsteins triomfantelijke woorden: “Het geheim van de schepping schuilt in de mathematiek. Daarom houd ik het voor waar dat louter het Denken de werkelijkheid kan vatten, zoals de Antieken droomden.” En ja, de fundamentele wetten zijn simpel en prachtig. De natuur gebruikte deze dubbele helix om schepsels voort te brengen als ons. Er bestaat ook een drievoudige helix - een wiskundige curiositeit die helemaal niets te doen heeft met alles wat wij van belang vinden.’

Kon alles dan niet anders zijn? Zou, als er ook maar één element anders was, alles in de chaos storten?
'Nee, het kon gerust anders zijn. Het is aardig dat God besloot het heelal op deze wijze in te richten, maar hij had net zo goed kunnen besluiten het anders te doen.’

Ik begrijp het niet…
'Nee hoor, je begrijpt het prima. Het wonder is dat wiskunde werkt.’

En wat zegt dat?
'Deze prachtige structuren bestaan en we ontdekken ze. Het is als met Michelangelo’s beeld in het marmer - in zekere zin was het er altijd al. Op de een of andere manier hakken we een of twee slagen en dan, bang!, alles breekt open en daar is het! So shall we get a cup of tea?’