Voetbal

De wil van Maradona, en Schopenhauer

In Cuba is de voetballegende Diego Armando Maradona ten prooi gevallen aan de verwoes tende werking van de wilszwakte. Zelfs voor de première van de musical over zijn leven kwam hij vorige week niet uit de Cubaanse kliniek waar hij tevergeefs probeert van zijn cocaïne- en eetverslaving af te komen. In de musical is hij veertig jaar ouder maar komt hij nog altijd zijn bed niet uit. Hij krijgt zichzelf alleen nog rechtop om naar de vijf televisies om hem heen te kijken.

Het is ook geen geringe taak waar de oud-voetballer de Cubaanse specialisten voor betaalt. Wat heeft het voor zin jezelf pijn te doen, om «er boven op te komen», als je nooit meer kunt doen waar je goed in bent, waarin je uitblinkt zelfs, het enige waarvoor je op aarde lijkt te zijn gezet?

Ik schrijf deze woorden in een vliegtuigstoel. Op minder dan veertig centimeter afstand hangt een klein televisieschermpje, bevestigd in de rugleuning van de stoel voor me. Ik zie op het schermpje van mijn buurman dat ik mezelf de komende uren kan verliezen in een goedgevoelfilm met Jennifer Lopez. Rechts van me leest iemand Schopenhauers Die Welt als Wille und Vorstellung. Schopenhauer was geen opgewekt typje. Evenmin was hij van zins het zijn lezers makkelijk te maken. Lopez is aantrekkelijker. Indrukwekkend dat buurman niet bezwijkt onder de verleiding. De wil vormt nota bene bij juist deze Duitse filosoof de grondslag voor al het handelen en denken. En is hij niet van het lekkere citaat «een mens kan doen wat hij wil, maar hij kan niet willen wat hij wil»?

Afgelopen week heeft ene Timothy Dumouchel zijn kabelmaatschappij gedreigd met een rechtszaak. Toen hij vroeg om afgesloten te worden van het standaardpakket aan netwerken werd hem het aanbod verstrekt vier jaar lang gratis te kijken. Dumouchel, een Amerikaanse burger uit de staat Wisconsin, meent dat dit aanbod de oorzaak is van zijn rookgedrag, van zijn drankzucht en van het overgewicht van zijn vrouw. Niet één avond heeft het echtpaar de verleiding kunnen weerstaan om urenlang televisie te kijken.

Hoe belachelijk een mogelijke rechtszaak ook is, Dumouchel heeft gelijk dat wilszwakte leeft van geboden kansen. Ten overstaan van een verbouwereerde Michaël Zeeman verklaarde de Amerikaanse romancier Jonathan Franzen in een Amsterdams etablissement dat hij zijn televisie de deur uit had gedaan, omdat hij «anders de hele dag naar sportprogramma’s kijkt». En Pierre van Hooijdonk klaagt sinds zijn vertrek naar de Turkse voetbalclub Fenerbahçe over het bestaan van computerspelletjes, waardoor hij nooit meer «een kaartje kan leggen» met zijn teamgenoten. «Die zitten allemaal op hun kamer, met die stomme computerspelletjes.»

Naar verluidt heeft Maradona zelfs daar geen zin in. Hij kijkt televisie, slaapt, eet en snuift. En dat alles doet hij veel. Voor Schopenhauer is dat, geloof ik, eigenlijk helemaal niet zo slecht. Want alhoewel de wil alles regeert, is uitdoving ervan het hoogste streven. Het doel is nirwana: niets meer willen, met of zonder tv.