De zwijgende meerderheid moet spreken

Het weekblad The Economist noemde Nederland vorige week ‘the hipsters of the European neurosis’.

Medium commentaar 3

Wij hadden hier al vroeg zorgen over de gevolgen van de euro en het multiculturalisme en hadden ook al eerder dan in de rest van Europa populisten die ageerden tegen de gezamenlijke munt, tegen de Europese Unie en tegen buitenlanders. The Economist signaleert met recht dat dit soort zorgen en populisme inmiddels de algemene trend zijn in Europa.

De PVV van Geert Wilders bestaat in februari inmiddels tien jaar en is zeer populair bij de kiezer, althans volgens de peilingen van Maurice de Hond. Voorafgaand aan het tijdperk-Wilders waren Pim Fortuyn en zijn LPF al in trek bij de kiezer vanwege het onverbloemd benoemen van problemen in de samenleving waar de zittende politieke elite geen oog voor zou hebben.

De politiek heeft geprobeerd de kiezers van LPF en PVV een stem te geven in het landsbestuur. CDA en VVD gingen onder leiding van cda’er Jan Peter Balkenende met de LPF regeren. Het werd een ramp, de LPF-ministers vochten elkaar de tent uit. Later smeedden VVD en CDA onder leiding van VVD-leider Mark Rutte een kabinet met gedoogsteun van de PVV. Ze kregen de kous op de kop, Wilders trok de stekker uit het kabinet toen hem dat beter uitkwam.

Nederland mag dan voorop hebben gelopen toen het anti-EU- en anti-buitenlandersvirus opstak, bij het vinden van een omgang daarmee is het net zo zoekende als andere landen. Ook na tien jaar heeft het geen antwoord op Wilders, die dat virus bewust aanwakkert. Wie in politiek Den Haag tegen de PVV-leider ingaat, zoals D66-leider Alexander Pechtold, helpt de PVV juist vooruit. Wie Wilders liever zoveel mogelijk negeert, zoals de PVDA, helpt de PVV echter ook aan aanhangers.

De opkomst van IS, de angst voor aanslagen zoals die in Parijs, en de vluchtelingenstroom geven Wilders inmiddels extra wind in de zeilen. In de Volkskrant noemde de Ierse filosoof David Kenning mensen als Wilders en de Franse voorvrouw van het Front National Marine Le Pen onlangs de demagogen van extreem-rechts. Kenning vergeleek hun demagogie met die van IS: beide zijn erop uit om ‘de bevolking te verdelen, te polariseren, het gematigde midden te radicaliseren’. In Noord-Ierland leidde precies dat soort demagogie tot de ‘troubles’, de met aanslagen gepaard gaande strijd tussen protestanten en katholieken. Hier in Nederland worden moslims en niet-moslims door Wilders tegen elkaar opgezet.

Om te voorkomen dat deze polarisatie uit de hand loopt, zullen de andere politieke partijen moeten blijven zoeken naar wegen om juist dat gematigde midden te bereiken. Zij zullen Wilders’ demagogie moeten pareren met feiten. En de nu nog zwijgende meerderheid moet laten zien dat zij zich daadwerkelijk om de zorgen en de daaruit voortkomende bestaansonzekerheid van de PVV-stemmers bekommeren. Zorgen over werk, inkomen, de toekomst van de kinderen en de komst van mensen met een andere taal en achtergrond in hun wijk.

Maar burgers hebben ook een eigen verantwoordelijkheid in het voorkomen van verdere polarisatie. De zwijgende meerderheid moet haar mond opendoen, thuis, op straat, op het werk en in de school, als groepen tegen elkaar worden opgezet en wantrouwen wordt aangewakkerd. Het gematigde midden moet laten zien hoe vreedzaam samenleven in de praktijk mogelijk is. Niet alleen politici hebben er belang bij Wilders te verslaan.