Deftige Vegetariërs

Jonathan Safran Foer, Dieren eten. € 19,95

Dieren eten. Dat is waar. Mieren, gieren, pieren en Ieren eten ook. Een boek over wat dieren allemaal eten leek mij wel interessant. Apen krijgen in dierentuinen altijd menseneten, maar in wilde wouden eet elke aap alleen zijn eigen speciale plantensoort. Ik doe het boek open en ontdek een walgelijke vergissing. Het boek van Foer gaat over ‘Het eten van dieren door mensen’. Het is geschreven door iemand die ‘afwisselend vegetariër en vleeseter’ wordt genoemd. Die benaming geldt natuurlijk voor elke vleeseter, want een vleeseter eet toch ook wel eens een koekje of een appel?
Het boek is het resultaat, zo staat trots vermeld, van enorme research. Dat is waar: de schrijver trekt met een dierenactivist stiekem in de nacht naar loodsen vol koeien of varkens of kalkoenen. Bij de kalkoenenloods klaagt Foer dat de deur ervan op slot zit. Alsof in Amerika niet elke deur van elke loods in de nacht op slot zit. Die deur zit niet op slot om vegetariërs tegen te houden die de kalkoenen willen bevrijden, maar om de kalkoenliefhebbers tegen te houden die een kalkoen willen stelen.
Bij de koeien en varkens ziet Foer de vreselijkste martelingen. Hij beschrijft het (korte) leven van die beesten met grote precisie en compassie. Prachtig! Hij heeft gelijk. Roald Dahl beschreef het al ijzingwekkend in een kinderboek over de slachterijen van Chicago.
Welke conclusie trekt Foer uit die verschrikkingen? Dat hij vegetariër wil worden. Prachtig! Maar Foer wil alleen maar geen dieren eten die in loodsen vreselijk behandeld worden. Een koe die heerlijk in een zonnige wei mag lopen, een varken dat zich vrolijk knorrend in een mesthoop wentelt, een kalkoen die boven een vijver vliegt, die wil Foer graag netjes laten doden en braden en dan zelf opeten.
Over vegetarisme heb ik veel gelezen. Ik herinner me een bespottelijk groen boekje van iemand die zich Eetgeenvlees noemt. Na een reeks van stomvervelende kletspraatjes eindigt het boek met: ‘Eetgeenvlees is echt niet iemand die wil dat u zich gaat schamen. Maar het kan nooit kwaad om eens na te denken.’ Foer dacht na.
Tachtig procent van de vissen die een vissersboot met zijn net uit de oceaan naar boven haalt zijn vissen die mensen niet lusten en dus niet kopen. Ze worden vermoord teruggegooid in het water. Koeien en varkens worden op een verschrikkelijke manier gevangen gehouden en vermoord. Daarom, en daarom alleen, vindt Foer dat hij geen vis, rund of zwijn moet eten. Als hij een boer kent die aardig is tegen koe en kalf, dan wil hij daar best een hapje van nemen.
Ik ben vegetariër omdat mijn ouders toen ze zeventien waren vegetariër zijn geworden en ik dus nooit vlees te eten kreeg. Ik ben dus echt geen haar beter dan die Amerikaanse zogenaamde vegetariër, die alleen maar tegen het eten van een dier is als dat dier onaangenaam behandeld werd. Het vermoorden van een beest vindt hij kennelijk geen onaangename handeling. Het doet mij denken aan de foto’s in de kranten, jaren geleden, van stapels doodgeschoten Nederlandse varkens die een doodgevaarlijk ziekenvirus hadden. Dat virus maakte dat de varkens een paar weken eerder dan de bedoeling was geëxecuteerd en opgestapeld werden en dat de kranten foto’s van hun lijken publiceerden.
J.J. Voskuil belde mij of ik mee wou doen aan een actie tegen het mishandelen van varkens. ‘Wat, ben jij vegetariër?’ zei ik. Nee, maar het vermoorden en opstapelen van varkens vond Voskuil mensonterend. Ik lachte en zei: ‘Nee, aan die actie doe ik niet mee. Smakelijk eten.’ Mijn twee vrienden Maarten ’t Hart en Rudy Kousbroek probeerden mij te overtuigen. Ik snap nog steeds niet waarom ze in de voskuil trapten.
Vegetariër worden omdat de dieren die je eet tijdens hun korte leven slecht behandeld werden is onzin. Foer wil nog wel eten wat wij ‘biologisch voedsel’ noemen, dus dieren die een prettig leven hadden, en een zachte dood moesten sterven. Dat biologische voedsel is natuurlijk duurder dan het normale slagersvoer. Het doet mij denken aan de versregels van J.H. Speenhoff:

’t Is zo deftig en zo fijn
Vegetariër te zijn!

Het boek van Foer is geen roman. Ik mag het dus over de argumentatie in zijn boek hebben. Het zou leuk zijn als het een goed geschreven boek was. Het is helaas een slecht geschreven boek, vol idiote pagina’s, zoals de vijf pagina’s die het getal 21.000 moeten illustreren door twee woorden van samen 20 letters duizend keer achter elkaar af te drukken.
Mensen tellen, dat is waar. Maar dit boek zou ‘Mensen eten dieren’ moeten heten. En dat mag van de schrijver alleen als we de dieren voor de slacht aardig behandelen. Een vergelijking met een concentratiekamp ligt voor de hand, maar die ga ik niet maken, want dat doet de auteur al om de haverklap. Als u van slecht proza houdt met een idiote inhoud, lees dan dit boek.

JONATHAN SAFRAN FOER
DIEREN ETEN
Vertaald door Otto Biersma en Onno Voorhoeve,
Ambo/Manteau, 334 blz., € 19,95