Donald Antrim, De waarheidsvinder

Demonen van de voortplantingsdrift

De ik-vertellers in de boeken van Donald Antrim zijn reizigers in het rijk van de gestoorde psyche. Magische uitvinders van een werkelijkheid waar volwassenen niet zo gemakkelijk bij kunnen.

De New Yorkse auteur Donald Antrim heeft drie psychologische romans geschreven over malende eenlingen, verstoorde gezinnen en gestoorde families die de lezer angstwekkend vertrouwd voorkomen. Zijn «wrede» verhalen over ontspoorde geesten hebben een absurd surrealistische inslag en doen denken aan de The New Yorker- verhalen van Donald Barthelme, de handpalmromans van Richard Brautigan en de zielenknijpvertellingen van David Foster Wallace. Gewelddadig-literaire slapstick over de rare sprongen die de geest kan maken, zo zijn Elect Mr Robinson for a Better World (1993), The Hundred Brothers (1997) en The Verifca tionist (2000) te omschrijven. Die laatste roman is nu als De waarheidsvinder vertaald.

Maar Antrims hoofdpersoon, de psychotherapeut Tom, kan met zijn topzware psychoanalytische bagage helemaal geen waarheid meer vinden. Hij ziet fictie voor feit aan en verzint een werkelijkheid die er helemaal niet is. Met andere woorden: hij ziet ze vliegen. Wat is er aan de hand? Collega-psychoanalytici komen samen in een pannenkoekenhuis om daar te eten. Een van hen wil verhinderen dat Tom met eten gaat gooien en neemt hem in een houdgreep, alsof Tom nog een kind is dat via een levende dwangbuis voor kattenkwaad moet worden behoed. Toms vluchtgedrag neemt Antrim letterlijk: hij laat hem uit zijn lichaam treden en naar het plafond van het pannenkoekenhuis opstijgen. Vanuit dit perspectief beschouwt Tom zijn collega’s en probeert hij de serveerster Rebecca als een door seks geobsedeerde puber in te palmen. Deze tragikomische scène krijgt een dramatische afsluiting in het ziekenhuis, dat hij als een ruimteschip beziet. Daar fantaseert Tom hoe zijn kinderloze vrouw Jane zich zou gedragen «als ze me naakt op een metalen bed op een koude afdeling vindt…» Tot het bittere einde blijft de angstige psychoanalyticus vol verdringingsmechanismen trouw aan wat hij een jungiaans idee noemt: «Wat zijn ruimteschepen anders dan substituten van de menselijke erotische begeerte?»

De ziekelijk besluiteloze Tom is niet Jane’s Tarzan. Hij zou vader moeten worden maar is zelf nog een jongeling die verdwaalt in het erotische spel van aantrekken en afstoten. «Ik ben niet normaal», bedenkt de therapeutische angsthaas. «Ik besteed al mijn tijd aan bang zijn.» En aan gedachteprojecties en seksuele obsessies die hem nergens brengen, die niets van hem overlaten. Ook pannenkoekenhuisserveerster Rebecca blijkt meer nuchter inzicht in het dagelijks bestaan te hebben dan de tegen het plafond klevende psycho analyticus ooit zal krijgen.

De waarheidsvinder is een meedogenloos verslag van binnenuit over een bangerd die de draad in het alledaags bestaan kwijtraakt, een bestaan dat voor hem een «aaneenschakeling van zinvolle mislukkingen» wordt omdat de interpreteerlust hem nooit verlaat. En dat bestaan brengt Antrim terug tot een pannenkoekenhuis waar de gasten zich geborgen voelen en zich kinderlijk kunnen verheugen op een pannenkoek met stroop of bruine suiker.

De ik-vertellers in Antrims drie romans zijn stuk voor stuk reizigers in het rijk van de gestoorde of gekrenkte psyche. Ze worden pathologische narcisten die graag vrede of een harmonische relatie willen maar die vervallen tot terreuracties. Het gevecht om bewegings- en speelruimte gaat gepaard met lichamelijk geworstel en psychische intimidatie. Alle Antrim-hoofdpersonages zijn archetypen van gewonde kinderen die het in de volwassen wereld niet redden omdat ze een geestelijk rempedaal missen. Ze tollen rond in een gesloten gemeenschap waar de geest uit de fles raakt. Ze zijn alle remmingen voorbij en worden ongeleide projectielen, komen op Verboden Terrein en raken vroeg of laat vermalen tussen de klippen van sadisme en de klemmen van masochisme.

De door middeleeuwse martelpraktijken bezeten ex-onderwijzer Pete Robinson in Elect Mr Robinson for a Better World vertelt het verhaal van zijn Werdegang. Hij zit opgesloten op de vliering van zijn eigen huis nadat hij in de kelder een geronseld schoolklasje hardhandig met de praktijk van het «radbraken» had laten kennismaken. De eisen van een fatsoenlijke omgang zijn moeilijk op te volgen, schrijft Antrim op zijn bekende laconiek-sarcastische wijze. Zijn onvoorzichtige helden verdwalen als dostojevskiaanse creaties in dwangneurosen over straf en onschuld. Ze ontsporen op een grandioze en groteske manier. «Wij zijn allemaal moordenaars!» roept een ex-burgemeester in Antrims debuut, en hij bestookt vervolgens zijn stadje aan zee met Stinger-raketten. Het stadspark groeit uit tot een jungle waar een zoon zijn vader zoekt en zombie wordt. De ex-burgemeester legt dankzij Pete Robinson het loodje, zijn resten komen in de koelkast terecht. Een van zijn voeten begraaft Robinson in het park om de hoop op een betere wereld levend te houden.

De gewelddadige stadsgemeenschap in Elect Mr Robinson lijkt op de club psycho analytici in het pannenkoekenhuis van De waarheidsvinder, maar ook op de desastreus verlopende familiebijeenkomst in Antrims The Hundred Brothers. Deze roman koestert eveneens atavistische rituelen rond het gestoorde kind dat meent buitengewoon begaafd te zijn.

Aan het slot van alledrie de romans offeren de ik-vertellers zich als psychosomatische zieken en als fantasierijke kinderen op, opdat de familie blijft voortbestaan. Antrims vertellers blijven magische uitvinders van een werkelijkheid waar volwassenen niet zo gemakkelijk bij kunnen omdat zij worstelen met een onderbewustzijn waar de demonen van de voortplantingsdrift huishouden. Donald Antrim laat de lezer voelen dat het zwaard van Damocles vlak boven zijn haardos aan een paardenhaar bungelt en elk moment zijn schedel kan doorklieven.

Donald Antrim

De waarheidsvinder

Vertaald door Frans van der Wiel

Uitg. Thomas Rap, 159 blz., € 18,90