H.J.A. Hofland

Denken aan het ondenkbare

De hele wereld heeft het zien aankomen, alle belangrijke leiders waren al met de zwaarste verontwaardiging geladen en dit weekeinde was het zo ver. In het vooruitzicht van het onvermijdelijke had de politiek tekenaar van The Economist een cartoon gemaakt. Links de Noord-Koreaanse president Kim Jong op het punt zijn atoomproef te nemen, onverstoorbaar kijkend naar een schreeuwend en wijzend gezelschap: de wereldleiders. ‘Kernontploffing!’ Intussen is het zo ver. Het ding is geëxplodeerd en het internationaal bombardement van veroordelingen en sancties is begonnen. Zal het helpen?

Wat moet een land als Noord-Korea met een atoomwapen? Het heeft al raketten waarvan wordt aangenomen dat ze Amerika kunnen bereiken. Wil Kim een arsenaal atoomraketten bouwen om Amerika aan te vallen? Waarom? Uit zelfverdediging? Ja, volgens president Bush hoort hij tot de As van het Kwaad, maar op het ogenblik koestert geen staatsman ter wereld het plan Noord-Korea aan te vallen.

Het land hoort economisch en politiek tot de achterlijkste naties. Het is het enige waar het stalinisme zich heeft gehandhaafd. Het heeft geen bondgenoten die in de wereld iets betekenen. China heeft deze kernproef ‘onbeschaamd’ genoemd. Hulpverlening uit Zuid-Korea is al gestaakt. De politieke consequentie van deze zet van Kim is dat de ontluikende toenadering tussen China en Japan wordt bevorderd. Proefondervindelijk wordt op het ogenblik gedemonstreerd dat kleinere naties met dwingende atoomambities zich van de internationale gemeenschap isoleren en zich zodoende blootstellen aan een reddeloze verarming. In de zich steeds sneller mondialiserende wereldeconomie kan geen land zich dat veroorloven.

Onder de staatslieden is Kim een authentieke halvegare. Hij is de enige niet, maar wel de ergste. Het is te zien op het journaal als hij de 1 mei-parade afneemt, op het podium staat en de tanks en detachementen aan zich voorbij laat trekken. Maar met deze diagnose schieten we niet op. Het probleem is dat zijn hersenwerking zich aan ons voorstellingsvermogen onttrekt. Daarom moeten we er rekening mee houden dat hij eens een kernraket zou kunnen lanceren, ook al zou hij daarmee de ondergang van zijn land bezegelen. Moeten we dan aan een tegenaanval, ook met kernwapens, denken? Thinking about the Unthinkable, schreef de Amerikaanse strategische denker Herman Kahn in 1962. In de Koude Oorlog werd de wapenwedloop begeleid door een uitvoerige literatuur waarin alle mogelijkheden onderzocht en beschreven werden. Aan het eind van de vorige eeuw is dit genre uit de mode geraakt. Geen wonder, want er was geen behoefte meer aan.

Nu is het Noord-Korea van Kim een reële risicofactor. De storm van internationale veroordelingen zal Kim niet deren. Moeten we dan wachten tot het te laat is? Soft zijn? Weer de Chamberlain spelen? vragen de harde aanpakkers. Is nu al niet de tijd gekomen voor een preventieve verrassingsaanval? Laten we even aannemen dat nog niet nu maar over afzienbare tijd in Washington voor deze oplossing wordt gekozen. Dat zou dan niet de eerste keer zijn, en nu zijn er in ieder geval harde bewijzen voor het bestaan van massavernietigingswapens, door de delinquent zelf geleverd.

Reken erop dat zo’n aanval de chaos in de wereld nog aanzienlijk zou vergroten. China zal zo’n Amerikaanse actie aan zijn grens niet willen. Japan zal waarschijnlijk tot de felste tegenstanders horen. En met zo’n aanval zou misschien wel het militaire gevaar zijn bedwongen, maar tegelijkertijd is dan het volgende hoofdstuk begonnen: verandering van het regime en het politieke systeem, de wederopbouw van een natie. In Rusland en de voormalige ddr hebben we gezien hoe lang het kan duren voor een communistisch land zich min of meer tot een liberale democratie heeft omgevormd, en in Irak is bewezen hoe het mis kan lopen, in het bevrijde land en voor de bevrijders.

Een militaire oplossing op korte termijn zou misschien het gevaar van een aanval met een atoomraket op Amerika bedwingen (waarbij Kim impliciet voor zijn zelfmoord zou tekenen), maar de risico’s voor de regio en voor Amerika zelf zouden volstrekt onoverzichtelijk zijn. ‘Any war will surprise you’, zei Dwight Eisenhower. Iedere politieke keuze kan de grootste verrassingen veroorzaken. De beste keuze in dit vraagstuk is voorlopig een radicaal containment met maximale steun van China en Japan. Het stalinistische Noord-Korea heeft in deze wereld geen schijn van een toekomst, maar dat moet zijn van deze tijd vervreemde leiding zelf begrijpen, met krachtige hulp van de min of meer vrienden uit China. Diplomatie is niet het grootste talent van de bushisten. In dit geval is er geen andere oplossing. Misschien een kleine voldoening voor Kim, tot hij zichzelf in zijn isolement opheft.