Economie

Denkend aan Holland…

… zie ik mannen in grijze pakken politiek bedrijven met een rekenliniaal; zie ik toezichthouders keuvelen met de ondernemers die zij moeten controleren; zie ik bevoorrechte heren en een enkele dame op staande recepties eindeloos dezelfde marktclichés prevelen; zie ik dertienduizend ‘preventief geruimde’ eenden door een bulldozer op een grote hoop worden gedouwd; zie ik geduldig papier vol goede groene bedoelingen in een diepe lade langzaam vergelen terwijl het land op alle duurzaamheidslijstjes stijf onderaan staat; zie ik media-economen luid applaudisseren voor economische prestaties die matig, parasitair, duurzaam en uiterst fragiel zijn, alsof de status van hun professie staat of valt met de stand van het land; zie ik de vrijwel voltallige Kamer in antwoord op de grote uitdagingen van onze tijd een motie aannemen om de vergaderzaal op te fleuren met een driekleur; zie ik de ene na de andere megastal in vlammen opgaan, het land bedekkend onder de misselijkmakende geur van verbrand vlees, terwijl de financier ervan zich in advertenties opwerpt als antwoord op het wereldvoedselvraagstuk; zie ik bankiers die tien jaar na een crisis, die honderdduizenden hun baan of bedrijf heeft gekost, weer over de Zuidas paraderen alsof zij de wereld bezitten; zie ik politici cadeautjes aan multinationals uitdelen nadat zij acht jaar lang met een beroep op de rekenliniaal van Schaüble tientallen miljarden euro’s van burgers hebben gestolen; zie ik Amsterdamse adressen waar honderden bv’s en cv’s gevestigd zijn, waar geen mens werkt maar waar wel honderden miljarden euro’s doorheen stromen; zie ik Groningse gevels met diepe scheuren en barsten, veroorzaakt door aardbevingen, waar door Randstedelijke hebzucht niets aan wordt gedaan; zie ik woedende burgers op dichte loketten beuken waarachter zich toondove elites verbergen; zie ik politieke principes in de briesjes van alledag afknappen als luciferhoutjes; zie ik lesmateriaal waar woorden over Srebrenica, ons piratenverleden, onze rol in de Holocaust, onze liefde voor de SS schitteren door afwezigheid; zie ik talkshows waar steeds dezelfde lieden dezelfde dingen in dezelfde taal over dezelfde onderwerpen mogen debiteren; zie ik supermarkten vol bucolische taferelen die moeten verhullen dat hier jaarlijks zo’n zeshonderdvijftig miljoen dieren worden geslacht en dat Nederland het echte bloedland is; zie ik abri’s behangen met posters van banken die ons een leven van geluk en voorspoed beloven zolang we onze nek maar in de strop van een hypothecaire lening steken; zie ik steden overlopen worden door toeristen die zijn gelokt met goedkope vluchten, affreuze marketing, vercommercialiseerde cultuur en legbatterijen aan hotels; zie ik journalisten nederig buigen voor politici die dood en verderf hebben gezaaid in bevriende staten; zie ik ambtenaren met open armen fiscalisten en advocaten ontvangen om hen mee te laten schrijven aan wetgeving die op de maat van de wensen van hun clientèle is geschreven; zie ik bejaarden op elektrische fietsen met een gelukzalige glimlach door landschappen fietsen die het ecologische equivalent zijn van een Auschwitz, een Dachau of een Srebrenica; zie ik politici met een beroep op democratie de democratische grondrechten van burgers met voeten treden; zie ik mensen met van woede vertrokken gezichten een traditie verdedigen tegen demonstranten die elk jaar weer diep worden gekrenkt door de racistische manier waarop zij worden afgebeeld; zie ik debatzalen vol burgers die er geen benul van hebben dat Nederland wereldkampioen hypotheekschulden is, dat pakweg een derde van ons besteedbaar inkomen wordt opgesoupeerd door woonlasten, en dat Nederland een van de grootste schaduwbancaire centra ter wereld is; zie ik een hooglerarencorps waarvan maar een op de vijf vrouw is; zie ik kolencentrales ongehinderd CO2 emitteren, ook al heeft het land zich gecommitteerd aan de klimaatdoelstellingen van Parijs; zie ik stromen aan rapporten die de achterkant van onze voorspoed tonen, door een elite worden omarmd die vervolgens overgaat tot de orde van de dag; zie ik inwisselbare heren ondanks evidente incompetentie of karakterfalen steeds opnieuw opduiken op nieuwe prominente bestuurlijke posities; zie ik sociaal-democratische politici het ene jaar stemmen voor een motie die ontkent dat Nederland een belastingparadijs is om het volgende jaar vol bravoure het tegendeel te pontificeren; zie ik in aanbouw zijnde huizen waar geen zonnepaneel op te ontwaren valt; zie ik leden van de elite ongevraagd handen leggen op knieën van vrouwen om vervolgens te twitteren dat ze #MeToo maar onzin vinden; zie ik dichte stromen auto’s over brede snelwegen traag door oneindig laagland gaan alsof er geen morgen is.