Dennis rodman

Davids, Kluivert en Reiziger lopen met hem weg. Een nieuw zwart rolmodel in de sport? Als het aan Dennis Rodman ligt, liever niet. Weg met de Amerikaanse droom waarin arme zwarte jongetjes uit het getto dank zij de topsport uitgroeien tot respectabele en fatsoenlijke medeburgers.
HOEWEL basketbalminnend Amerika in mei 1995 al gewend was geraakt aan zijn immer controversiële optreden - èn aan zijn heiharde spel in het veld - , was het toch even schrikken toen basketballer Dennis Rodman op de cover van Sports Illustrated verscheen.

Opgetuigd in een krap leren hansopje en met halsband om keek hij trots de camera in. De kleurrijke make-up deed de bescheiden maliënkolder van piercings fel opglanzen en lager op het lijf streden tatoeages om een laatste stukje ongeschonden huid. In het bijgaande interview vertelde de held schijnbaar achteloos van zijn meest zinneprikkelende fantasie: hoe het zou zijn om het met een man te doen.
Ze zeggen dat hij gek is, een clown, een provocateur, een querulant, de duivel in mediagenieke sportheldvermomming, of erger nog: een homo en een drugsgebruiker. Maar Dennis Rodman heeft nog nooit van zijn leven drugs gebruikt. Wat de rest betreft: geen van die kwalificaties zal hij ontkennen. In korte tijd werkte hij zich op tot een van de bekendste sportmannen van de Verenigde Staten. Zijn status lijkt op die van een rockster en hij bereikte die door het vakkundig treiteren, sarren, beledigen en uitdagen van tegenstanders en publiek. Dennis The Showman Rodman.
Hij is ook het idool van de Hollands kabel, het nationale voetbaldrietal Edgar Davids, Patrick Kluivert en Michael Reiziger. Reiziger verklaarde danig onder de indruk te zijn van Rodmans verschijning. In navolging van de basketballer besloot hij zijn kapsel in de bleek te zetten. De directie van AC Milan bleek niet gecharmeerd van deze actie. De jonge voetballer kreeg te horen dat hier ‘voor travestieten geen plaats’ was.
Edgar Davids, op zijn beurt, was duidelijk onder de indruk van Rodmans retoriek. Hoe goed hij diens boek gelezen had, bleek wel uit de formulering van de fatale boodschap die hij tijdens het afgelopen EK aan coach Hiddink overbracht. In rodmaniaanse terminologie sprak Davids van spelers die hun hoofd in andermans reet steken.
DENNIS RODMAN is altijd anders. Zijn basketbalcarrière neemt een aanvang op een merkwaardig late leeftijd. Negentien jaar oud begint de schlemiel Rodman plotseling razend hard te groeien. Laat genoeg om het gerucht te doen ontstaan dat hij zijn lengte te danken heeft aan een fikse stoot groeihormonen. Na een tijdje op straat te hebben geslapen en te zijn opgepakt voor diefstal belandt hij in het team van de Southeastern Oklahoma University in Durant. De tweeëntwintigjarige gettobewoner blijkt wonderwel goed te aarden in deze reincultuur van zesduizend blanke zielen. Hij vindt een boezemvriend in de dertien jaar oude Bryan Rich en mag intrekken bij diens - blanke - familie op een boerderij, waar hij om vijf uur ’s ochtends opstaat om samen met Bryan de koeien te melken.
De rest van zijn carièrre is een succesverhaal en zal dit jaar eindigen in het team van de Chicago Bulls, waar hij zij aan zij met halfgod Michael Jordan en Scottie Pippen staat.
De provocateur is gewoon zijn haar in de meest uiteenlopende kleuren te verven, verschijnt nogal eens in sm-pakjes, maar liever nog in travestie (bruidsjurk!) of draagt T-shirts met opdrukken als 'I don’t mind straight people as long as they act gay in public’ en 'I’m not gay but my boyfriend is’. Zijn fantasie werd naar eigen zeggen overigens tot op heden nog niet in realiteit omgezet. Volgens Dennis vormt het verlangen naar de herenliefde de zorgvuldig onderdrukte kern van de drie Amerikaanse topsporten basketbal, honkbal en football.
Ook in het veld is Rodman anders. Scoren? Liever niet. Dennis wil rebounden. Al jaren is hij onbetwist de beste in de tot voor kort onpopulaire bezigheid van het pakken van de bal die terugketst van de basket. The Worm wil de beste rebounder aller tijden worden en daar heeft hij alles voor over. Dat moet ook wel, aangezien hij al zesendertig jaar oud is en bezig is aan zijn laatste seizoen. Voor het soepel houden van de spieren is hij gewoon na een wedstrijd nog even op de hometrainer te klimmen en zo'n anderhalf uur weg te fietsen. Krachttraining doet hij het liefst ’s nachts na enen, in een leeg stadion met keihard Pearl Jam op de speakers (van ganstarap houdt hij niet). Slapen? Als hij het doet, dan meestal overdag.
Vorig jaar publiceerde hij het boek Bad as I Wanna Be, een klap in het gezicht van een ieder die nog geloof hechtte aan de Amerikaanse droom waarin arme zwarte jongetjes uit het getto door hun liefde voor de sport uitgroeien tot respectabele want fatsoenlijke medeburgers. Maar bovenal getuigt dit enigszins infantiele maar daarom niet minder interessante egodocument van de strijd die een man voert om zijn 'own man’ te zijn, los van ras, sporttalent of seksuele voorkeur. Een man op eigen voorwaarden.
WAAROM DOET Dennis nou zo raar? Is hij zomaar publiciteitsgeil en is zijn weg naar de roem - hij heeft inmiddels een show op MTV en een postbus vol filmaanbiedingen - niets dan een doelgericht media-offensief ter meerdere glorie van Dennis Rodman zelf? Dat mag betwijfeld worden. Dennis is gewoon in oorlog met het stereotiepe beeld van de zwarte Amerikaanse sportheld. Welbewust breekt hij dagelijks uit de mal van de ideale sportheld.
De documentaire Hoop Dreams laat goed zien hoe die stereotiepe Amerikaanse sportdroom er uitziet en hoe ook de filmers proberen die onderuit te halen. Zo houdt Spike Lee een toespraak voor de beste honderd highschool-spelers van het land. Hij houdt zijn nagenoeg zwarte gehoor voor: 'Besef dat niemand iets om jou geeft. Je bent zwart. Je bent een jonge man. Al wat je geacht wordt te doen, is drugs verkopen en vrouwen aanranden. Er is maar één reden waarom je hier bent: jij kunt een school geld laten verdienen. Dit alles draait alleen maar om geld.’
Even later komt een scout aan het woord die openhartig vertelt: 'Dit is een veemarkt. Ik probeer gewoon mijn best te doen door professioneel vlees op tafel te serveren.’
Zwart vlees wel te verstaan. En geheel vanuit de gedachte: de een kan gewoon wat beter rennen en de ander, ja, die is weer wat beter met zijn hoofd. Wit vlees is nu eenmaal anders dan zwart vlees. Zelfs de zwarte Hollandse voetballer Michael Reiziger zei ooit in Het Parool: 'Dat de sport wordt gedomineerd door gekleurde spelers - want basketbal is eigenlijk een donkere sport - zegt ook wat over hun bouw. Donkere mensen hebben een andere bouw dan blanken, onze spieren zijn anders samengesteld. Dat is bewezen. Wij zijn explosiever, sneller. In alle sporten waar het atletisch vermogen een grote rol speelt, voeren donkere spelers de boventoon. Kijk maar naar een sprint over honderd meter. Bij een sport als kogelstoten gaat het meer om de massa. Daar zijn blanken beter in.’
Rodman is zich sterk bewust van dit raspaarddenken en doet er alles aan geen rolmodel te zijn. Dennis is zichzelf, zijn lichaam ontstegen. Hij bouwde het met krachttraining, en wie weet ook met groeihormonen, uit tot het ideale basketballijf, maar gooide deze ideale pasvorm ook weer onmiddellijk van zich af door wat er al niet verder aan te manipuleren valt: tatoeages, haarverf, piercings, vrouwenkleren. Nooit zal hij de stereotiepe zwarte atleet zijn.
Uitdagend vertelde de zwarte lonesome cowboy het Amerikaanse publiek ooit hoe Madonna, hèt blanke sekssymbool van de afgelopen tien jaar, hem ter bedde ontbood. 'Are you going to eat my pussy first?’ vroeg ze. 'I like someone to eat me out and get me loose.’ Trots deelde de held mee dat hij, Dennis Rodman, vrouwe Madonna had weerstaan en een haar enkel een alledaagse missionarishouding bood, om haar, naar eigen zeggen, vervolgens weer snel te dumpen. Het stereotype van de zwarte dekhengst schudde hij daarop direct weer van zich af door een stevige flirt met de homofiele medemens.
Dennis Rodman is altijd anders en lacht iedereen uit.