Week 48

Deze week

EEN LEGE ZAAL
ROOKVRIJE HORECA IN SYRIË
DAMASCUS – Rokers wordt in Syrië geen haarbreed in de weg gelegd. Een pakje sigaretten kost omgerekend tachtig cent en kan vrijwel overal worden aangebroken. Verboden-te-rokenbordjes zijn zeldzaam en als je er al eentje vindt, bijvoorbeeld op het vliegveld, dan wordt die vaak omringd door uitgedrukte peuken en paffende mannen.
Roken hoort erbij. En het laatste decennium is ook de moeder der Arabische rookwaren, de waterpijp, aan een comeback in het openbare leven begonnen. Eind jaren negentig openden de eerste toeristische restaurants hun deuren in de ommuurde oude stad van Damascus. De binnenplaatsen van voormalige upper-class woonhuizen, tweehonderd jaar en ouder, zijn omgebouwd tot grote restaurants, waar toeristen en gegoede Syriërs zich te goed doen aan voedsel, al dan niet alcoholische dranken en de waterpijp. Jongens van begin twintig in traditionele kledij rennen rond met emmertjes gloeiende kolen om de nargileh’s aan het roken te houden, en voor de prijs van twee cola’s lurk je anderhalf uur aan tabak met appel- of kersensmaak. Geen haan die ernaar kraait.
Behalve de Syrische Vereniging tegen Roken, een initiatief van een groep verontruste burgers die zich bezighoudt met voorlichting op scholen, lobbyt bij het ministerie van Gezondheid om roken in de publieke ruimte te beperken en probeert restauranthouders te overtuigen van het nut van een rookvrije ruimte. Dat laatste zonder veel succes, geeft initiatiefnemer Bisher Aaloun toe. ‘Tot nu heeft één restaurant een rookvrije ruimte ingericht.’ De groep is in 2004 opgericht.
Dat restaurant is Beit Jabri, een van de beroemdste in oud Damascus en volgens eigenaar Raed Jabri het eerste klassieke herenhuis dat in 1997 als horecagelegenheid begon. ‘Ik vond het wel wat, een rookvrije ruimte, en wilde andere restaurants een voorbeeld geven’, zegt Jabri, ‘Hopelijk pikken die het op.’
Helaas is het nut van een rookvrije ruimte nog niet doorgedrongen bij Jabri’s publiek. Donderdagavond, kwart over negen. Het is het begin van het weekend, spitsuur in Beit Jabri, en zoals gewoonlijk ziet het blauw van de rook. In een hoek van de binnenplaats, onder een lange poster met de tekst ‘Stop met roken en begin te leven’, is de ingang naar de rookvrije ruimte. Hoewel mensen in de rij staan voor een tafeltje, keurt niemand de lege zaal een blik waardig. ‘Ach, mensen moeten nog wennen aan het idee dat je ook uit kunt gaan zonder te roken’, zegt Jabri relativerend, terwijl de tuit van een nargileh uit zijn rechtermondhoek hangt. ‘Dit is oud Damascus: nieuwe ideeën gaan hier langzaam.’
REMCO ANDERSEN
IN NAVOLGING
POLITIEK OP HET BEELDSCHERM
ROME – RED en YouDem, zo heten de twee nieuwe televisiezenders in Italië. Het zijn digitale kanalen die via satelliet, internet en mobiele telefoon te ontvangen zijn. Bijzonder is dat beide zenders zijn opgericht door politici. RED is in handen van de politiek-culturele vereniging ItalianiEuropei van ex-premier en oud-communist Massimo D’Alema en YouDem is het paradepaardje van ex-burgemeester van Rome Walter Veltroni, leider van de nieuwe Partito Democratico, waartoe ook D’Alema behoort. Bovendien hebben zij zich allebei laten inspireren door Current TV van Al Gore, dat sinds mei in Italië via satelliet wordt uitgezonden.
Hoewel de uitzendingen van beide zenders doorspekt zijn met de eigen politieke denkbeelden, komt RED in de gevarieerdheid van zijn programma-aanbod nog het dichtst bij een klassieke tv-zender. Er zijn culturele programma’s over cinema, muziek en literatuur, maar er zijn ook documentaires, satire en een realityserie. Het nieuws en de politiek worden dagelijks en in diverse programma’s breed uitgemeten. Bovendien is er iedere dag een interview met een Europarlementariër.
YouDem noemt zich het eerste ‘sociale’ televisiekanaal waar de (geregistreerde) aanhangers het beeld bepalen. Het houdt het midden tussen YouTube en Facebook. Iedereen die wil, kan filmpjes sturen, die vervolgens door een redactie gefilterd worden. De grote politieke thema’s, zoals onderwijs, milieu, immigratie en werkgelegenheid, komen aan bod, maar er is ook een rubriek gewijd aan de Partito Democratico zelf. Het nieuws, actualiteiten en (politieke) interviews verzorgt de redactie zelf, maar daarbuiten kijk je naar één grote YouTube-uitzending.
RED en YouDem lopen alvast vooruit op de volledige digitalisering. Op Sardinië zijn de analoge frequenties sinds 1 november voorgoed verleden tijd. De rest van Italië volgt gestaag, totdat in 2012 iedere Italiaan via een digitale ontvanger televisie kijkt. De politieke kanalen hopen zo een directe lijn met hun mogelijke electoraat te krijgen. Wellicht doen ze dat ook een beetje in navolging van hun grote politieke rivaal en huidige premier, mediamagnaat Silvio Berlusconi. Die dankt zijn politieke succes ook zeker niet in de laatste plaats aan zijn tv-zenders.
De communisten – zij die werkelijk communist zijn gebleven, want ook D’Alema en Veltroni noemden zich jaren geleden nog communist – bestuderen de mogelijkheid om ook een digitale zender te beginnen. Volgend voorjaar zou bovendien een volledig onafhankelijk kanaal (www.pandoratv.it) moeten gaan uitzenden.
Het lijkt vooralsnog een linkse bedoening, die digitale televisie. In tegenstelling tot bij ons, waar Leefbaar Rotterdam uitzendplannen heeft, houden de rechtse Italianen zich op dit vlak nog afzijdig.
HEDWIG ZEEDIJK
HET GETROEBLEERDE ANC
JOHANNESBURG – Het ANC gedroeg zich lang als een bedrijf met een monopolie en veel te veel geld. Een hooghartige parvenu die meende dat niets hem kon deren, aangezien twee derde van de aandeelhouders achter het beleid stond, en dit tot het einde der dagen over zou blijven doen. Concurrentie? Die kon nog geen deuk in een pakje boter slaan.
Zo hoogmoedig was de partij dat ze dacht dat ze probleemloos haar leider kon wegsturen. Niet lang na de partijconferentie in het stadje Polokwane eind vorig jaar nam president Thabo Mbeki ‘vrijwillig’ ontslag. Er kwam een tussenpaus in de persoon van Kgalema Motlanthe. En daarna, na de verkiezingen van 2009, zou ANC-voorzitter Jacob Zuma, die rechtszaken wegens verkrachting en corruptie had overleefd, eindelijk de belangrijkste zetel van het land bezetten. Dat, stelde het ANC, was de wil van het volk.
Maar in haar arrogantie had de partij niet gerekend op de woede die het ontslag van Mbeki zou ontketenen. Plotseling was daar een afsplitsing. En niet een van links, zoals kenners altijd hadden voorspeld, maar van de zwarte middenklasse, geleid door de machtige ex-ANC’ers Mosiuoa ‘Terror’ Lekota en Mbhazima Shilowa. Ze noemden zich Congress of the People, Cope. En ineens werd de Zuid-Afrikaanse politiek weer complex, opwindend en fascinerend. Want ook de andere oppositiepartij, de Democratic Alliance onder leiding van ‘Wereldburgemeester 2008’ Helen Zille, zit in de lift.
Zoals het een zakenreus met dikke huid betaamt, doet het ANC alsof die breuk en de concurrentie van geen enkel belang zijn. Maar intussen is een hard tegenoffensief ingezet. Zuma noemde de afvalligen ‘slangen’. En wat doe je met slangen volgens Afrikaanse traditie? Je vertrapt en verbrandt ze. Dergelijke retoriek sloeg goed aan bij de kaderleden, die ertoe overgingen politieke bijeenkomsten van Cope te verstoren of onmogelijk te maken.
Onderwijl reisde troefkaart Zuma door het land en richtte zich tot de traditionele ANC-stemmer, de gewone zwarte Zuid-Afrikaan voor wie de partij nog altijd synoniem is met bevrijding. Niet dat Zuma met doordachte beleidsplannen kwam om de woningnood en werkloosheid aan te pakken. Vrolijk verkondigde de Zoeloe-patriarch dat als het aan hem lag zwangere tieners naar opvoedingskampen zouden worden gestuurd en dat misdadigers het zwijgrecht zou worden ontzegd. ‘We moeten onze mensen leren om God te vrezen’, zei hij, en drong aan op herintroductie van het gebed op scholen.
Cope, dat op 16 december zijn programma zal presenteren, hoefde weinig te doen om de chaos binnen het ANC te vergroten. De partij raadde overlopers aan voorlopig ANC’er te blijven, als een paard van Troje dat achterdocht en wantrouwen zal aanwakkeren.
Het ANC twijfelt. Moet het aandringen op vroege verkiezingen, zodat Cope zich niet kan organiseren, of juist op late, zodat de zelfgenoegzame partij zelf zich kan herorganiseren? Als een verwarde zakenman die het economische klimaat niet meer kan inschatten, kiest het ANC voor de aanval, in een poging met snelle verkiezingen het Cope-momentum te keren.
FRED DE VRIES

DOORTASTEND
SOORT-VAN-VRIJE PERS IN CHINA
PEKING – Kom niet aan Du Daozheng. Want de 85-jarige uitgever van de meest vrijzinnige partijpublicatie vecht nu eenmaal altijd terug. ‘Tot de laatste man’, zei hij vorige week grimmig. Dat het immer provocerende blad Yanhuang Chunqiu weer eens in opspraak kwam, is onvermijdelijk. Een kwestie van afwachten tot de censoren met de deur de burelen in kwamen vallen na een lovende publicatie over het werk van Zhao Ziyang gedurende de laatste periode van de Culturele Revolutie.
Zhao, de hervormingsgezinde partijsecretaris, werd in 1989 ontslagen vanwege zijn steun aan de pro-democratische studenten op het Plein van de Hemelse Vrede. Tot zijn dood in 2005 stond hij onder huisarrest. Het was voor het eerst in decennia dat een Chinees blad zelfs maar aandacht aan Zhao durfde te besteden. Het artikel was een sensatie in de liberale gelederen van de partij. Maar daarmee liep ook de druk om de ongezeglijke partijpublicatie te kortwieken flink op. Opperbaas van het propagandadepartement Li Changchun bemoeide zich er subtiel tegenaan. Hij suggereerde dat Du zo langzamerhand wel eens met pensioen kon. Maar op dat voorstel/bevel reageerde de strijdbare uitgever niet zoals verwacht. ‘Ik zei dat de officiële pensioenregeling voor regeringsambtenaren niet van toepassing is in non-gouvernementele instellingen als de onze. Als ik wil werken tot ik 120 jaar oud ben, heeft dat niets met jou van doen’, verklaarde Du aan de correspondent van de Sydney Morning Herald.
Aan de steun van zijn redactie hoeft de uitgever niet te twijfelen. Hoofdredacteur Wu Si stelt dat de poging tot ingrijpen bepaald geen geïsoleerd incident is. ‘In de laatste jaren staan we onder constante druk vanwege onze doortastende reportages.’
Het blad met een oplage van meer dan tachtigduizend wordt vooral gelezen door gepensioneerde partijfunctionarissen en intellectuelen. Genuanceerde artikelen over politieke hervormingen, ideologische theorieën en gevoelige politieke gebeurtenissen komen nog altijd hard aan in behoudende partijkringen. ‘Twee jaar terug mochten we twee weken lang niet verschijnen vanwege artikelen over Hu Yaobang (voormalig partijsecretaris – am)’, zegt Wu. ‘Eind vorig jaar moesten we met een zelfkritiek komen vanwege een stuk over een militaire actie tegen een moslimdorp in Yunnan tijdens de Culturele Revolutie.’
Du Daozheng verwacht binnenkort een persoonlijk ingrijpen vanuit het hoogste partijkader. ‘Het lijkt of we een spelletje schaak spelen. Dit is niet het resultaat dat ze verwachtten. En ze weten niet welke zet ze nu moeten doen.’
ANNE MEYDAM

DE PROCEDURE
WIE HIELP BABY P?
LONDEN – Kinderen moeten worden gezien, niet gehoord. Deze oude Engelse wijsheid heeft een wrange betekenis gekregen in het Londense stadsdeel Haringey, waar vorig jaar een zeventien maanden oude peuter is doodgemarteld. Terwijl zijn 27-jarige moeder zat te pokeren en te kletsen op internet, werd haar zoontje het slachtoffer van de sadistische fantasieën van haar 32-jarige vriend en een 36-jarige kostganger.
Tijdens zijn maandenlange lijdensweg is ‘Baby P’ zestig keer gezien door 28 hulpverleners, variërend van sociaal werkers en artsen tot politieagenten. Vraag is nu hoe dit heeft kunnen gebeuren, temeer daar een paar straten verderop de achtjarige Victoria Climbié acht jaar geleden iets soortgelijks was overkomen. Aan de politie heeft het niet gelegen. Die heeft er herhaaldelijk voor gepleit dat Baby P zo snel mogelijk uit huis zou worden gehaald. Ook uit medische hoek is daarop aangedrongen, behalve door een kinderarts die niet zag dat de peuter, twee dagen voor diens dood, acht gebroken ribben en een gebroken ruggengraat had – wat weer te maken heeft met het feit dat Britse artsen patiënten zelden aanraken. Op hun beurt hebben sociaal werkers hun managers regelmatig geadviseerd Baby P bij een pleeggezin onder te brengen. Tevergeefs. Een van hen, Nevres Kemal, kon het niet langer aanzien en schreef alarmerende brieven naar minister van Volksgezondheid Patricia Hewitt, het plaatselijke Labour-Kamerlid David Lammy, de kinderbescherming en de zorgwaakhond. Het enige resultaat was dat de klokkenluider op non-actief werd gesteld. De baas van de juridische afdeling vond de houding van de sociaal werkers ‘een reden tot zorg’ en raadde justitie aan om geen strafproces wegens verwaarlozing tegen de moeder te beginnen.
Over het waarom van deze weigerachtige houding van het management wordt volop gespeculeerd. Uit documenten is gebleken dat men zich zorgen maakte over het grondrecht van de moeder op een gezinsleven. Bovendien zijn de kosten van de juridische procedures om een kind uit huis te plaatsen sterk gestegen, maar dat kan geen argument zijn voor een gemeente die jaarlijks meer dan twee miljoen uitgeeft aan marketing. Geheel conform de tijdgeest worden bureaucratische triomftochten meer gewaardeerd dan oordelen die gebaseerd zijn op ervaring en waarneming. Woedend is gereageerd op het onverschillige ‘we hebben de juiste procedures gevolgd’ van het hautaine hoofd kinderzaken Sharon Shoesmith. Deze opmerking past binnen het streven van de gemeente om de verantwoordelijkheden zover mogelijk weg te bureaucratiseren. Minister van Kinderzaken Ed Balls heeft inmiddels een ‘hit squad’ naar Haringey gestuurd om orde op zaken te stellen. Dat hij zulks niet meteen na de dood van Baby P heeft gedaan, ruim een jaar geleden, duidt erop dat hier vooral sprake is van ‘news management’. Voornaamste taak van de puinruimers is om te onderzoeken of de procedures indertijd op correcte wijze zijn gevolgd.
PATRICK VAN IJZENDOORN