Week 14

Deze week

Kiesdistrict Bagdad

Het gaat wél goed in Irak, vindt presidentskandidaat John McCain. Hij gaat er graag winkelen.

NEW YORK – Lang voordat George W. Bush op hetzelfde idee kwam, stelde senator John McCain voor om het aantal Amerikaanse troepen in Irak stevig op te voeren. Alleen zo konden de Amerikanen winnen en werd Irak veiliger. De Vietnam-veteraan McCain vertelde het aan iedereen die het horen wilde. Een vaste einddatum voor de Amerikaanse aanwezigheid in Irak zou volgens hem het recept voor een nederlaag of misschien wel een impliciete overgave zijn. Dus toen Bush in januari, onder hevig protest van Democraten én een groeiend aantal Republikeinen, precies met dit plan op de proppen kwam, kon McCain niet anders dan instemmen. De president nam zijn plan over en McCain stond onverwacht zij aan zij met George W. Bush. Een man een man, een woord een woord.

Maar McCain is een van de Republikeinse presidentskandidaten. En een kansrijke – ware het niet dat concurrent Rudy Giuliani, de oud-burgemeester van New York, uitloopt in de peilingen. McCain, die aanvankelijk Bush zwaar kritiseerde om de wijze waarop hij de Irak-oorlog aanpakte, wordt nu door de kiezer sterk geassocieerd met de indrukwekkend impopulaire president Bush en diens Irak-beleid. ‘Ik verlies liever een campagne dan een oorlog’, orakelde McCain aanvankelijk manhaftig. Maar die prepresidentiële rally around the flag blijkt niet te werken. De Amerikaanse kiezer ziet dat het in Irak nog niet beter gaat.

Onzin, zegt McCain in een plotseling tegenoffensief. ‘Er zijn buurten in Bagdad waar jij en ik zo een wandeling zouden kunnen maken’, hield hij een radiopresentator voor. Hoongelach alom. cnn-verslaggever Michael Ware, die al vier jaar in Irak zit, noemde het ‘bespottelijk’ te denken dat er in Bagdad ook maar één wijk is waar een Amerikaan vrij over straat kan gaan. McCain gooide volgens Ware zijn goede reputatie te grabbel.

Om zijn geloofwaardigheid bij pers en publiek weer wat op te krikken, dook de senator afgelopen zondag opeens op in hartje Bagdad, op de Shorja-markt. Met een scherfvest om het lijf, een zonnehoedje op en met spiegelzonnebril kocht de presidentskandidaat wat kleedjes en doeken. Liefst een uur lang liet McCain zich rondleiden. Door het Amerikaanse leger verspreide foto’s dienden als bewijs. Amerikanen krijgen, zei hij na afloop, van de media ‘niet het volledige beeld’ van de situatie in Bagdad. Het gaat wél goed.

Een woordvoerder van het Iraakse leger verpestte de zegetocht in kiesdistrict Bagdad door zondagavond aan nieuwszender nbc te verklappen dat McCains bezoek aan de markt was begeleid door niet minder dan honderd Amerikaanse soldaten, terwijl drie Blackhawk-helikopters en twee Apache-gevechtshelikopters boven het hoofd van de dappere senator rondcirkelden om de gebruikelijke scherpschutters af te schrikken.

Bush had voor de extra zware beveiliging volgaarne zijn toestemming gegeven: je moet je laatste vrienden koesteren. Op maandagochtend waren de scherpschutters weer terug.

PETER VERMAAS

Vijftien strategische speelballen

Terwijl het gesol met de Britse militaire gijzelaars in Iran zijn tweede week ingaat, is er nog weinig duidelijkheid over de toedracht.

AMSTERDAM – Aanvankelijk had Iran het formele gelijk aan zijn zijde. De Britten hebben overtuigend aangetoond waar hun manschappen zich op het moment van gevangenneming bevonden. Helaas voor Londen moet die plaats op basis van het vigerende internationaal recht als Iraans territoriaal water worden aangemerkt. Bij ontstentenis van een overeenkomst tussen Iran en Irak over een demarcatie van hun territoriale wateren geldt namelijk artikel 15 van het VN-Zeerechtverdrag uit 1982. Irak en Groot-Brittannië hebben dat verdrag geratificeerd. Iran heeft dat niet gedaan, maar het heeft artikel 15 wel van toepassing verklaard in zijn Maritieme Wet van 1993. Afgezien daarvan is een Britse VN-operatie (en dat was de patrouille aan de monding van de Shatt al-Arab) qualitate qua aan het verdrag gehouden. Iran had het bij een waarschuwing kunnen laten. Maar omdat Amerikanen en Britten actieve steun verlenen aan terroristische organisaties op Iraans grondgebied (het Amerikaanse Congres heeft hiervoor fondsen vrijgemaakt), was het formeel gerechtigd tot arrestatie over te gaan.

De wijze waarop de Britse soldaten vervolgens door Teheran propagandistisch werden gebruikt, heeft natuurlijk niets meer uit te staan met internationaal recht. Omdat Londen vervolgens de hulp van de Veiligheidsraad inriep, is de kwestie onherroepelijk een speelbal geworden in de strijd tussen Iran en de Verenigde Staten om de strategische dominantie in de Golf. De gijzeling komt Washington niet slecht uit, omdat het volop bezig is met een heroriëntatie van zijn beleid in de regio, gericht op aanscherping van de politieke tegenstellingen tussen sjiieten (met Teheran als zwaartepunt) en soennieten (gedomineerd door Saoedi-Arabië en de van daaruit opererende Wahhabi-sekte).

Het hernieuwde vredesaanbod van de Arabische landen aan Israël, dat voornamelijk is ingegeven door angst voor Iran, lijkt hiermee samen te hangen. De laatste maanden hebben Amerikaanse ministers en topambtenaren diverse bezoeken aan soennitische hoofdsteden gebracht om de strategie te bespreken. Volgens de doorgaans goed geïnformeerde Amerikaanse journalist Seymour Hersh financiert het Witte Huis in overleg met Riyad momenteel drie soennitische terreurbewegingen in Libanon die de sjiitische Hezbollah het vuur aan de schenen moeten gaan leggen. Het geld zou uit zwarte fondsen komen, met daarin de spoorloos verdwenen miljarden die het Congres voor de wederopbouw van Irak had bestemd. Als draaischijf voor de operatie zou de Amerikaans gezinde Libanese regering dienen.

Aan Iraanse zijde is de gijzeling een kolfje naar de hand van president Ahmadinejad, die reeds in 1979-1981 als studentenleider actief betrokken was bij de gijzeling van Amerikaans ambassadepersoneel. Alles wijst erop dat Ahmadinejad de affaire gebruikt als hefboom voor het terugwinnen van zijn politieke invloed. Hij verspeelde die in het afgelopen jaar door enerzijds zijn belofte van drastische economische hervormingen niet na te komen en anderzijds zijn land verder te isoleren in de kwestie rond het nucleaire opwerkingsprogramma.

Zijn tegenstander is ex-president ayatollah Rafsandjani. Deze dringt aan op een beheerste aanpak van het nucleaire dossier en sprak in zijn laatste vrijdagpreek zelfs verzoenende woorden over de Britse gevangenen. Op de achtergrond torent de figuur van de Opperste Leider, ayatollah Khamenei, die de beide protagonisten tegen elkaar uitspeelt. De grote onbekende in het spel is vooralsnog de massa van het Iraanse politieke personeel, dat vakantie viert. Als dat terugkeert op de posten in het parlement, de ministeries, de staatsmedia en de diverse religieuze gremia van de Iraanse staat kon wel eens blijken dat Ahmadinejad en de Revolutionaire Garde hun hand volledig overspeeld hebben.

AART BROUWER

Weg met de waterpijpweg

Een Arabische traditie dreigt in rook op te gaan.

LONDEN – Edgware Road is de meest welriekende straat van Londen. Dat is te danken aan het aroma dat ontsnapt uit de ongeveer twintig Arabische restaurants waar de waterpijp – een shisha, ook wel narghile, hubble-bubble of hookah genoemd – danig wordt aangesproken. Terwijl het voor passanten in Klein Beiroet een welkome afwisseling vormt voor de gangbare uitlaatgassen is het gebruik van de waterpijp voor moslims een alternatief voor een pint of lager in de pub. Het is bovendien een sociaal ritueel, dat vaak gepaard gaat met een spelletje backgammon of een politieke discussie. Niemand lurkt in z’n eentje aan een shisha. In vergelijking met een sigaret of een sigaar is een shisha ook tamelijk gezond. Het nicotineniveau ligt rond de 0,04 procent. Maar dat kan de nieuwe puriteinen niet overtuigen: vanaf 1 juli moeten alle horecagelegenheden in Engeland rookvrij zijn. Voor de shisha’s wordt geen uitzondering gemaakt. Enkele eigenaren overwegen een beroep te doen op de Europese Conventie ter bescherming van de Rechten van de Mens, waarin de vrijheid van culturele expressie is vastgelegd. Wanneer dit beroep niet slaagt, zal een deel van de shisharestaurants failliet gaan en Edgware Road binnen de kortste keren vol staan met Starbucksen en makelaarskantoren. In het Hyde Park zag ik al even een glimp van de toekomst: drie oude Arabische dametjes zaten daar met een winkelwagen, waarin… juist, een prachtige grote shisha.

PATRICK VAN IJZENDOORN

Achter een Turks karretje

Ludlum had het kunnen bedenken: heroïnehandel, diplomatie en seks met kinderen komen samen in de zaak-Hüseyin Baybasin. Een complot, zegt een Turks onderzoeksrapport. Justitie in de tang.

AMSTERDAM – Het gebeurt niet elke dag dat tegen een topambtenaar van Justitie aangifte wordt gedaan van strafbare feiten. En al helemaal niet dat de aanklacht luidt: pedofilie, uitlokking van wederrechtelijke vrijheidsberoving en deelname aan een criminele organisatie. Deze twijfelachtige eer valt Joris Demmink ten deel, de hoogste ambtenaar van het ministerie van Justitie.

Afzender: Hüseyin Baybasin, de Turkse Koerd die in 2002 door het Hof in Den Bosch tot levenslang werd veroordeeld vanwege drugshandel en moord.

Hoe zat het ook weer? Baybasin was in de jaren negentig een doorn in het oog van het Turkse veiligheidsapparaat. De Turkse toorn was gewekt omdat Baybasin zich niet alleen steeds openlijker voor de Koerdische zaak uitsprak, maar ook een boekje opendeed over de innige band tussen de georganiseerde drugshandel en delen van het Turkse overheidsapparaat. Deze kennis had Baybasin, naar eigen zeggen, opgedaan in de tijd dat hij nog voor een geheime eenheid van de Turkse politie werkte.

Turkije vroeg in 1995 om uitlevering van Baybasin. Nederland weigerde vanwege het risico van marteling. In diezelfde tijd kreeg de Criminele Inlichtingen Eenheid van het kernteam Noord-Oost Nederland een onverwachte stroom van anonieme tips die Baybasin in verband brachten met heroïnehandel. Twee jaar werd Baybasins telefoon afgetapt en in 1998 werd hij gearresteerd. De zaak kwam vooral in de publiciteit omdat de verdediging het OM beschuldigde van vuil spel, met name het creatief plak- en knipwerk in de telefoontaps.

Eén vraag bleef onbeantwoord in dit Ludlum-scenario: waarom zou de Nederlandse justitie zich voor dit Turkse karretje laten spannen? Volgens de verdediging van Baybasin wordt het antwoord op die vraag gegeven in een geheim Turks onderzoeksrapport. Joris Demmink zou gechanteerd zijn met zijn seksuele uitspattingen met minderjarige jongens tijdens bezoekjes aan Turkije. Het is niet de eerste keer dat Demmink met pedofilie in verband wordt gebracht. In 2003 meldden de Gay Krant en Panorama ook al dat de topambtenaar zich in Nederland, Tsjechië en Roemenië met minderjarige jongens had verpoosd; een beschuldiging die later moest worden ingeslikt.

Een prominente rol is verder weggelegd voor een Turkse tolk die jarenlang als liaison fungeerde tussen het Nederlandse en Turkse opsporingsapparaat. De tolk is recentelijk door de aivd gebrandmerkt als notoir onbetrouwbaar, vanwege zijn innige banden met Turkse geheime diensten. De beschuldiging leidde tot een rel tussen de aivd en de Nederlandse politietop, die zelfs stiekem de tolk weer inhuurde om een doorbraak te forceren in de moordzaak van Willem Endstra. ‘Wij zijn erachter gekomen dat de zaak-Baybasin geen juridische kwestie is, maar dat het hier gaat om een complot’, concludeert het Turkse onderzoeksrapport.

Voor de complotliefhebber is het smullen. Hoe de zaak ook afloopt: aan de zaak-Baybasin zal altijd een smetje blijven kleven. En nu dus ook aan Demmink. Misschien is dat wel de échte wraak van de Koerdische zakenman die zijn dagen in een Nederlandse gevangenis slijt.

JELLE VAN BUUREN

Kapitein Iglo voor gevorderden

Ontdooien van kolossale inktvis blijkt problematisch

AMSTERDAM – Eigenlijk waren de Nieuw-Zeelandse vissers begin februari op jacht naar de Patagonische tandvis, een beestje van bescheiden formaat. Maar toen ze na twee uur ploeteren hun netten eindelijk aan boord hadden, bleek er een inktvis van tien meter lang en bijna vijfhonderd kilo zwaar in te zitten. Deze kolossale inktvis (niet te verwarren met de even grote maar minder zware reuzeninktvis) is het grootste exemplaar dat ooit intact uit de diepzee is opgevist.

Wetenschappers waren erg blij met de vondst. Het bestaan van deze monsterachtige diersoort is al bekend sinds 1925, toen er een paar enorme tentakels werden gevonden in de maag van een potvis. Er waren tot nu toe echter maar weinig kolossale inktvissen beschikbaar voor onderzoek en al helemaal geen volwassen, volgroeide dieren.

Om het beest veilig te kunnen vervoeren naar het nationale museum van Nieuw-Zeeland werd het aan boord van de vissersboot ingevroren. De biologen die het dier willen conserveren hebben nu echter een probleem. Want hoe ontdooi je een halve ton bevroren inktvis? Op kamertemperatuur laten komen is het veiligst, maar dat zou dagen in beslag nemen. Tegen de tijd dat de kern is ontdooid, is de buitenkant wellicht al aan het rotten. De wetenschappers onderzoeken nu of ze voor het project gebruik kunnen maken van een industriële reuzenmagnetron.

PATRICIA DE JONGE

Correctie

In het artikel Wedstrijdje canonvorming, over Europese canonvorming (30 maart), is een vergissing geslopen. Er staat dat in de andere vijf onderzochte landen alleen in Duitsland meer dan vier procent van de vragen over de eigen schilderkunst gaat. Dat moet zijn: over de Nederlandse schilderkunst. Over de eigen schilderkunst worden ook de buitenlandse tieners goed onderwezen en ondervraagd.

de redactie