Week 26

Deze Week

Zonder pardon het land uit

Na het zoet het zuur: staatssecretaris Albayrak (Justitie) wil van de burgemeesters ook lijstjes van mensen die níet in aanmerking komen voor het generaal pardon. Voor hen komt er een ‘terugkeerinspanning’, kondigde Albayrak vorige week aan tijdens een door Vluchtelingenwerk georganiseerd debat.

AMSTERDAM – De burgemeesters gaan straks een centrale rol spelen bij de uitvoering van het generaal pardon. De Immigratie- en Naturalisatiedienst (ind) verstuurt op dit moment ‘pardonbrieven’ aan de asielzoekers die daar of bij de nieuwe Dienst Terugkeer & Vertrek (dt&v) bekend zijn. Lastiger wordt het na de zomer, als de grote groep mensen die eerder ‘met onbekende bestemming’ uit de opvang vertrok, aan de beurt is. Op hen is de centrale overheid het zicht verloren. Om in aanmerking te komen voor het generaal pardon hebben zij daarom een burgemeestersverklaring nodig, waarin staat dat ze gedurende heel 2006 in Nederland verbleven.

Dat de burgemeesters daarnaast ook lijsten zouden moeten doorgeven van migranten die zich hebben gemeld maar die niet onder de pardonregeling vallen, is nieuw en omstreden. In een deze week verstuurde gezamenlijke brief van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en het ministerie van Justitie wordt het dan ook een stuk vrijblijvender geformuleerd. ‘Ook de gemeente waar de vreemdeling in de noodopvang verblijft kan de dt&v in het bezit stellen van (lijsten met) de gegevens van de vreemdelingen, inclusief de vreemdelingen die zich in het kader van de Regeling hebben aangemeld bij de burgemeester, maar ten behoeve van wie geen verklaring is afgegeven.’ Deze mensen wacht een uitnodiging van de dt&v om eens te komen praten over terugkeer.

De ‘zonder pardon’-lijstjes zijn dus geen verplichting, maar worden wel aangemoedigd. Albayraks woordvoerder Arnoud Strijbis verwacht niet dat dit potentieel rechthebbenden afschrikt om zich bij de gemeenten te melden: ‘De criteria voor het pardon zijn zo duidelijk dat mensen echt wel weten of ze hiervoor in aanmerking komen of niet.’ Ook Vluchtelingenwerk ziet geen problemen. ‘Mensen weten duidelijk of ze een kans maken. Dan laat je je door die laatste hobbel niet afschrikken’, aldus Annerieke Dekker.

Zij deelt bovendien de vrees van de staatssecretaris dat als veel mensen onterecht een beroep doen op de pardonregeling, dit het proces onnodig vertraagt: ‘En dan moeten de mensen die wel recht hebben op het pardon alleen maar langer wachten.’

Toch hoeft niet in alle gevallen zonneklaar te zijn of iemand onder de pardonregeling valt. Wat te doen bijvoorbeeld met gezinnen waarbinnen één iemand een ernstig delict heeft gepleegd? In een interview met Trouw noemde ind-directeur Peter Veld die vraag niet eenvoudig: ‘Er spelen meerdere factoren een rol, zoals de aard en ernst van het gepleegde misdrijf, de gezinssamenstelling en de duur van het verblijf in Nederland. Dat worden ingewikkelde beslissingen.’

Een gemeente als Amsterdam ziet in ieder geval niets in de suggestie van Albayrak. Voorlichter Maud Bredero: ‘Wij houden ons aan de afspraken zoals die in het akkoord over het generaal pardon zijn gemaakt. Lijstjes met namen doorgeven aan de ind, dat gaat Amsterdam dus niet doen.’

KOEN HAEGENS

Radeloze vijand

Afgelopen week stapelde het slechte nieuws uit Afghanistan zich op. Maar de commandant van de Amerikaanse troepen omschreef de recente golf van anslagen als een teken van de groeiende ‘frustratie’ van de Taliban.

AMSTERDAM – Het is een woordkeus die ongemakkelijke herinneringen oproept aan Irak en Vietnam. Enkele citaten uit 2003:

‘Elk teken van vooruitgang in Irak doet de radeloosheid van de terroristen toenemen.’ (President Bush)

‘De aanslagen tonen volgens mij de radeloosheid van onze vijanden.’ (Chef-staf Richard Myers.)

‘Ik denk dat ze radeloos zijn.’ (De generaal van het Amerikaanse Vierde Leger in Irak.)

‘[Plegers van aanslagen] zijn een kleine groep radeloze mannen.’ (De Amerikaanse Irak-bestuurder Paul Bremer.)

Dit is een kleine greep. Zelfs nu wordt het woord ‘radeloos’ als het om Irak gaat nog op deze manier gebruikt. Twee weken geleden voorspelde John Negroponte, Amerikaans onderminister van Buitenlandse Zaken, een ‘harder gevecht’ in Bagdad, met een ‘steeds radelozer vijand’.

Het doet ook denken aan die eerdere door de VS verloren oorlog. Een greep uit citaten van de Amerikaanse bevelhebber in Vietnam, Westmoreland:

‘Het militaire plaatje is gunstig.’ (1967)

‘We hebben een belangrijk punt bereikt waar het einde in zicht komt.’ (1967)

‘De vijand loopt op zijn laatste benen.’ (1968)

‘Ik denk dat [het Tet-offensief] het begin was van een grote nederlaag voor de vijand.’ (1968)

‘We zitten in de lift. De slinger komt in beweging.’ (1972, toen de Amerikaanse strijdmacht in Vietnam nog maar een tiende telde van zijn grootste omvang.)

Het is daarom te hopen dat de geschiedenis zich ditmaal niet herhaalt en de grootspraak geen inleiding is van een drama. Een interview van bbc-journalist John Simpson met Taliban-woordvoerder Zabiyullah Mujahed is in ieder geval hoopgevend. Mujahed beschrijft het ‘groeiende momentum’ van de Taliban-campagne, maar geeft dan toe: ‘Wat het lenteoffensief betreft had onze leiding bepaalde problemen en de gevechten vielen wat terug.’

John Simpson: ‘Wat voor problemen?’

Mujahed: ‘Enkele leden van onze leiding werden gedood.’

RUTGER VAN DER HOEVEN

Wie verpesten het voor de rest?

Michael Bloomberg en Ralph Nader overwegen een presidentiële kandidatuur.

NEW YORK – ‘Wat voor kans heeft een 1 meter 70 lange joodse, gescheiden miljardair om president te worden?’ antwoordde burgemeester Michael R. Bloomberg van New York vorig jaar op de vraag of hij geïnteresseerd was in een kandidatuur bij de verkiezingen van november 2008. Hij wilde zeggen: hij heeft niet bepaald de juiste antecedenten.

Maar het kandidatenveld bij de Republikeinen en de Democraten is voor de komende verkiezingen alles behalve doorsnee. Bij de Democraten gaat de strijd vooralsnog tussen een vrouw (Hillary Clinton) en een zwarte kandidaat (Barack Obama) en bij de Republikeinen gooien een katholieke New Yorker van Italiaanse komaf (Rudy Giuliani) en een Mormoon (Mitt Romney) hoge ogen. Daar kan, moeten de adviseurs van burgemeester Bloomberg gedacht hebben, nog best een kleine, joodse, gescheiden miljardair bij. De laatste twee jaar hebben zij volgens The New York Times in het geheim de grond bereid voor een onafhankelijke kandidatuur van de burgemeester. Ze lieten Bloomberg ver buiten New York toespraken houden over alle mogelijke onderwerpen om aan zijn ‘nationale profiel’ te werken en bestudeerden nauwkeurig gegevens van de verkiezingen in 1992, toen de rijke Texaan Ross Perot als onafhankelijke, derde kandidaat liefst negentien procent van de stemmen binnenhaalde.

Vorige week schreef Bloomberg zich uit als lid van de Republikeinse Partij. Hij was in 2001 vertrokken bij de Democraten om zijn kansen op het burgemeesterschap te vergroten. Hoewel hij een daadwerkelijke kandidatuur stelselmatig ontkent, werd de administratieve handeling op het gemeentehuis gezien als een eerste stap in de richting van een onafhankelijke race voor het Witte Huis. ‘Hoe meer mensen zich kandideren voor een politieke functie, hoe beter’, zei Bloomberg op een persconferentie. Maar desgevraagd zei hij ook dat hij tot het eind van zijn ambtstermijn (31 december 2009) burgemeester wilde blijven. Alleen als hij ‘de laatste mens op aarde’ was, dan zou hij een presidentiële kandidatuur overwegen.

Het is een ‘verademing’, schreef The New York Times vorige week, dat Bloomberg niet meer hoeft te doen alsof hij Republikein is. Het is evenwel te hopen, schreef de krant, dat hij als presidentskandidaat niet een ‘spoiler’ wordt, zoals de Groenen-kandidaat Ralph Nader die in 2000 de Democraat Al Gore van het presidentschap hield. Wat dat betreft was het voor Hillary Clinton, de koploper bij de Democraten, geen goede week. Niet alleen Bloomberg diende zich aan, ook diezelfde Nader liet in een interview weten een nieuwe kandidatuur te overwegen. Net als in 2000 is hij van mening dat het verschil tussen Democraten en Republikeinen te klein is en dat een derde kandidaat noodzakelijk is om de politieke inner circle in Washington op te schudden. Desgevraagd liet Nader weten dat die derde kandidaat ook Michael Bloomberg kan zijn.

PETER VERMAAS

Kijkcijfergevoelige fatwa’s

In Egypte roepen religieuze autoriteiten op tot zuigen aan borsten en drinken van urine. ‘Dit is schadelijker voor dan cartoons.’

CAÏRO – Een ongetrouwde vrouw die een kantoor deelt met een man? Haram. Mag niet. Maar ook hiervoor heeft de islam een oplossing, verzekerde het hoofd van de profeetcommissie van Al-Azhar, namelijk borstvoeding. Als een vrouw haar mannelijke collega minstens vijf keer aan de borst zet, zal een familieband ontstaan, meende de commissie, waardoor de vrouwelijke collega voldoet aan haar religieuze verplichtingen en in alle rust naast een man op kantoor kan zitten.

Niet alleen seculier Egypte viel steil achterover, ook uit religieuze hoek klonk verbazing over de fatwa van een van de voornaamste religieuze autoriteiten van het land. Verontwaardiging sloeg om in schaamte toen een week later de hoogste religieuze autoriteit, de groot-moefti van Al-Azhar, ook een spraakmakende fatwa uitvaardigde: het drinken van de urine van de profeet is een zegen.

‘Iedereen vaardigt tegenwoordig maar fatwa’s uit’, klaagde de groot-moefti eerder dit jaar op een conferentie in Londen. Binnen de islam is iedereen in principe bevoegd een fatwa uit te vaardigen, maar de autoriteit ervan is afhankelijk van de religieuze kennis van de boodschapper. Door de internet- en tv-sjeiks zou het zicht op de vermeende religieuze kennis vertroebeld zijn geraakt, klaagde de groot-moefti.

In Egypte worden maandelijks duizenden fatwa’s uitgegeven, de meeste als antwoord op een vraag over de verenigbaarheid met de koran van een dagelijkse bezigheid. Een fatwa is niet bindend en staat altijd open voor een tweede opinie. De religieuze autoriteiten in Egypte, aangevoerd door Al-Azhar, zijn niet gelukkig met deze situatie. Maar omdat niemand in de islam het alleenrecht heeft in de uitleg van de doctrine benadrukt Al-Azhar dat het alleen fatwa’s kan corrigeren als daarom wordt gevraagd. Dat nu deze fatwa’s zijn uitgevaardigd door de officiële schriftgeleerden van Al-Azhar komt daarom voor veel Egyptenaren als een schok. ‘We waren heel boos toen we hoorden over de Deense cartoons van onze profeet, maar deze twee fatwa’s schaden onze religie en onze profeet meer dan de cartoons’, aldus een columnist in Al-Masri Al-Yom, een grote onafhankelijke krant.

De groot-moefti is onvoorspelbaar in zijn fatwabeleid. Soms zijn de fatwa’s conservatief, maar even vaak zijn ze progressief. Begin dit jaar stond een fatwa vrouwen toe om voor het huwelijk het maagdenvlies van de aanstaande bruid via een operatie te herstellen. De logica: van mannen is het onmogelijk te zeggen of ze maagd zijn, en vrouwen zou hetzelfde recht toekomen. Een vervolgfatwa ging weer net een stapje verder: als een getrouwde vrouw met een andere man dan haar echtgenoot naar bed gaat en oprecht spijt heeft van haar daad en God om vergiffenis vraagt, hoeft ze het haar echtgenoot niet te vertellen. Het behoud van de familie is een groter belang dan de eer.

Met dergelijke fatwa’s maakt de groot-moefti korte metten met de conservatieve reputatie van de islam. Of in zijn eigen woorden: ‘Als de opinie van jan en alleman als een fatwa wordt beschouwd, hebben we een belangrijk instrument verloren om het extremisme te bestrijden en de flexibiliteit en balans van de islam te behouden.’ Toch is het de vraag of vreemdgaan, collega’s aan de borst nemen, pissen in mokken en vanonder dichtgenaaid zijn, de maatschappelijke balans in Egypte ten goede komen.

EDUARD PADBERG

Langley geeft, Langley neemt

Deze week maakt de Central Intelligence Agency een verzameling geheime documenten uit de jaren 1950-1975 openbaar.

AMSTERDAM – Volgens directeur William Hayden blijkt uit de stukken dat de dienst in de Koude Oorlog zich in het buitenland bezighield met politieke moord, ontvoering en omverwerping van regeringen en binnen de Verenigde Staten met inbraak, chantage, het afluisteren van journalisten, schending van het briefgeheim, infiltratie in linkse groeperingen en het uitvoeren van medische experimenten op Amerikaanse burgers.

Het dossier van 693 bladzijden, bijgenaamd ‘De familiejuwelen’, werd in 1973 samengesteld op aanwijzing van toenmalig cia-directeur James Schlesinger. Deze maakte zich ongerust over de betrokkenheid van zijn dienst bij de Watergate-affaire en andere illegale praktijken. Het geeft een ‘weinig flatteus beeld’ van de dienst in de betreffende periode, aldus Hayden, maar ‘het Amerikaanse volk moet weten wat we in zijn naam hebben gedaan’.

Zo te horen bevatten de stukken weinig nieuws. De pogingen om Fidel Castro per klapsigaar naar het hiernamaals te helpen of de Black Panthers hinderlijk te volgen zijn uitentreuren bekend. Dat op het hoofdkwartier in Langley (Virginia) brieven van en naar de Sovjet-Unie en China ongevraagd werden geopend en gelezen zal niemand verbazen; het zou van verbijsterend amateurisme getuigen als de cia dat níet had gedaan. Ook de zogenaamde _brainwashing-_experimenten met behulp van lsd zijn lang en breed bekend.

Toch roept de openbaarmaking vragen op. Ten eerste de vraag waarom het materiaal juist nu wordt gepresenteerd. De Amerikaanse archiefwet bepaalt dat overheidsdocumenten na 25 jaar moeten worden vrijgegeven tenzij een hoger belang hun geheimhouding dicteert. Onder die bepaling hadden de stukken voor eeuwig geheim kunnen blijven. Hayden staat er echter om bekend dat hij in zijn vorige baan als directeur van de National Security Agency (de elektronische afluisterdienst) voor het eerst de gebruikelijke geheimzinnigheid rond die dienst doorbrak. Het vrijgeven van de ‘familiejuwelen’ is een risicoloze manier om ook de cia een glans van ‘openheid’ te geven die in het huidige, door Guantánamo Bay en ‘renditions’ beheerste klimaat bijzonder welkom is.

Daarnaast rijst de vraag waarom de cia zich tegelijkertijd wijdt aan het tegenovergestelde van openbaarmaking, namelijk aan het ‘herclassificeren’ van voorheen vrijgegeven documenten. Dat beleid werd in 2005 bij toeval ontdekt door historicus Matthew Aid, die tijdens zijn werk in de Nationale Archieven constateerde dat allerlei stukken die hij de laatste jaren moeiteloos had verkregen en gekopieerd opeens waren onttrokken aan de publieke collectie. De herclassificatie is begonnen in 1999, onder voormalig president Clinton, maar werd versneld na 11 september 2001.

De clou zit waarschijnlijk in het feit dat de gereclassificeerde papieren aantonen dat de cia er vaak naast zat. De meeste stukken dateren uit de Koude Oorlog en laten zien dat Langley destijds vertrouwde op zeer gebrekkige inlichtingen en dan ook verkeerde inschattingen maakte van de politieke bedoelingen en militaire programma’s van de Chinese en Sovjet-Russische tegenstander. Ook dat gegeven komt de hedendaagse lezer bekend voor. Opheldering in het Irak-dossier valt echter op z’n vroegst in 2032 te verwachten.

AART BROUWER