Week 41

Deze week

Dure ramadan

De Egyptische economie staat boven aan een ranglijst van ‘grootste economische hervormingen’. Maar dan moet de president niet ziek worden.

CAÏRO – De ramadan viel vroeg dit jaar. Het is nog zomer in Egypte en de hele dag zonder water, sigaretten, eten en seks valt veel mensen zwaar. Desondanks doet bijna iedereen mee; de vastenmaand geldt als het sociale hoogtepunt van het jaar. Toch is de ramadan dit jaar voor velen, meer dan ooit, uitgegroeid tot een onvermijdbare financiële crisis. Met de inflatie die in Egypte in de dubbele cijfers loopt en stagnerende lonen is het onmogelijk geworden aan je sociale verplichtingen te voldoen. De prijzen van onder meer vlees, olie, brood en melk waren dit jaar al fors gestegen, door de extra vraag tijdens de ramadan zijn de prijzen gemiddeld nogmaals met vijftien procent gestegen. De iftar, het dagelijkse ‘ontbijt’ bij zonsondergang waarbij vrienden en familie samen het vasten breken, wordt zo een onbetaalbare traditie.

Er mag dan in Egypte sprake zijn van een nieuwe economische realiteit van privatiseringen, investeringen en onlangs zelfs de eerste plaats op de ranglijst van ‘grootste economische hervormingen’ van de Wereldbank, de mooie cijfers van de Egyptische economie, die dit jaar wederom met zo’n zeven procent zal groeien, betekenen weinig voor het overgrote deel van de Egyptenaren. Het geld blijft vooralsnog hangen bij een kleine toplaag van de bevolking. Juist tijdens de ramadan wordt de groeiende kloof tussen de haves en de have-nots pijnlijk duidelijk. Aan een kant van de Nijl worden in trendy ramadantenten honderden dollars stukgeslagen, aan de andere kant is de iftar hooguit een bak bonen.

In een politiestaat als Egypte wordt dit niet gezien als een sociaal probleem maar als een veiligheidsrisico. Gedurende een hele maand is het volk immers oververhit, hongerig en arm. Het verkeer is een drama, want iedereen snelt op hetzelfde moment (net voor zonsondergang) naar huis. Hoe verder de ramadan vordert, hoe hoger de gemoederen oplopen.

Maar president Mubarak zit niet voor niets al 26 jaar in het zadel. Hij kent zijn pappenheimers en kondigde een aantal maatregelen af om de pijn te verzachten. De klok werd op de eerste dag van de ramadan een uur teruggedraaid, zodat gevoelsmatig de iftar een uur eerder begint. Ook werd een extra vakantiedag ingepland, ter viering van de glorieuze militaire overwinning van Egypte op Israël in 1973. En dan zijn er natuurlijk de subsidies die de prijzen moeten compenseren. De overheid verhoogde die voor de ramadan, van 9,7 tot 14,4 miljard Egyptische ponden.

Maar in een dictatuur gaat iedere handreiking gepaard met een knietje. Zo gaat de repressie van de Moslimbroeders onverminderd hard door. Ook worden ngo’s zonder uitleg gesloten en wordt de onafhankelijke pers voor de rechter nog verder afgeknepen. De hoofdredacteur van El-Dustour, een grote onafhankelijke krant, haalde zich de woede van de overheid op de hals door te berichten over de vermeend tanende gezondheid van de president. De Egyptische beurs kelderde als reactie op dit nieuws. Meer dan twee miljard pond verdampte, nadat buitenlandse investeerders zich massaal hadden terugtrokken. Pas na een grote publiciteitsronde van de 79-jarige Mubarak herstelde de beurs zich, maar de schrik zat er goed in. Eén krantenartikel had duidelijk gemaakt dat de regie niet meer alleen in handen is van het regime. Daar kan geen subsidie tegenop.

EDUARD PADBERG

Het militair-industrieel complex snort en spint

Opnieuw bommen en granaten voor Amerika’s vrienden in het Midden-Oosten. Maar van een spannende wapenwedloop is helemaal geen sprake. Lockheed wint.

DAMASCUS – Washington maakte onlangs bekend de ‘gematigde’ bondgenoten in het Midden-Oosten (Israël, Saoedi-Arabië, Egypte en enkele Golfstaten) de komende tien jaar voor een bedrag van 63 miljard dollar van wapens te voorzien. Het argument van Condoleezza Rice: de regionale dreiging van Iran en Syrië moet worden gekeerd. Rice: ‘Wij hebben tal van gemeenschappelijke belangen: in de oorlog tegen het terrorisme, in het beschermen van de winst in de vredesprocessen van het verleden en in het verlengen van die winst naar vredesprocessen van de toekomst.’

Zonder verder in te gaan op die ‘winst’ uit ‘vredesprocessen’, kan een mens zich afvragen hoe groot de dreiging is die uitgaat van de vijand. Zo staat Iran, met een defensiebudget van 5,9 miljard dollar in 2005, 32ste op de lijst van ’s werelds grootste wapenconsumenten, samengesteld door het Centre for Arms Control and Non-Proliferation. Daarbij staat Syrië nog eens in de schaduw, met een budget van zo’n 2 miljard dollar. De lijst wordt aangevoerd door de VS, die in 2005 een budget hadden van 450 miljard dollar, zo’n 43 procent van ’s werelds totale uitgaven van meer dan een biljoen. In 2008 zal het defensiebudget van Amerika zelfs stijgen tot 643 miljard dollar.

De Amerikanen worden op enige afstand gevolgd door de Chinezen (6 procent), de Russen (6 procent), de Britten (5 procent), de Japanners (4 procent) en de Fransen (4 procent). Een van de vrienden in nood, Saoedi-Arabië, staat negende met een jaarlijks budget van zo’n 20 miljard dollar. De VS en de Navo zijn samen goed voor zo’n 75 procent van het wereldwijde budget. Tel daar de uitgaven van de regionale bondgenoten bij op en je beschikt over een arsenaal dat in monetaire termen jaarlijks meer dan het honderdvoudige bedraagt van dat van Iran en Syrië tezamen.

Is het opzichtig valse argument van Rice bedoeld als camouflage van een mogelijke aanval op Iran? Of gaat het hier louter om verkapte subsidies aan de eigen wapenindustrie? De grootste wapenfabrikanten in 2006 waren volgens Defense News: Lockheed Martin, met defensie-inkomsten ter waarde van 36 miljard dollar, Boeing (30,8 miljard dollar), BAE Systems (25 miljard dollar), Northrop Grumman (23 miljard dollar) en Raytheon (19 miljard dollar). Op het Britse BAE Systems na is de internationale top-vijf geheel Amerikaans.

De invloed van deze bedrijven op de Amerikaanse politiek mag niet worden onderschat. En met oorlog, gevaar en vijandbeelden is het goed zaken doen. De volgende tekst komt uit een promotiefilmpje van wapenfabrikant Lockheed: ‘Civilized society is under siege. The world is populated by renegade nations and extremist factions (…), potential enemies that continue to modernize and upgrade their military capabilities.’ Boodschap: laat de beschaving haar clusterbommen inkopen bij Lockheed.

PETER SPEETJENS

Ontvoerd door de staat

De Britse Jean Gambell heeft ten onrechte zeventig jaar gedwongen doorgebracht in een inrichting. Vorige week kwam ze bij toeval ‘vrij’.

LONDEN – In het jaar 1937 vond het huwelijks plaats tussen prinses Juliana en prins Bernhard. Ook opende voetbalstadion De Kuip de poorten en kwam schrijver J. Bernlef ter wereld. Tegelijk was het het jaar waarin het vijftienjarige Engelse meisje Jean Gambell wegens de vermeende diefstal van omgerekend twintig eurocent in een inrichting werd opgesloten, om daar voor de rest van haar leven te blijven. Het juridisch-psychiatrische schandaal kwam vorige week pas aan het licht, toen haar jongere broers door een curieus toeval ontdekten dat de door hen doodgewaande Jean nog in leven was. Verbitterd bleek ze niet te zijn. Niet meer, althans.

Jeans ouders waren indertijd dermate misdeeld dat hun minderjarige dochter als schoonmaakster moest gaan werken in een artsenpraktijk. Toen daar op een dag een paar shilling werd gemist, was de schoonmaakster, als in een boek van Dickens, automatisch verdacht. Na een paar weken bleek ze onschuldig, maar inmiddels had een gerechtsarts haar op basis van de Lunacy Act laten opnemen in een tehuis voor geesteszieken te Macclesfield. Ze was, zo luidde het oordeel, ‘of feeble mind’. Haar vader zou verscheidene pogingen doen om haar vrij te krijgen, maar hij stuitte telkens op bureaucratische obstakels.

In de jaren vijftig mocht Jean onder begeleiding van twee bewakers haar jonge broers Alan en David bezoeken. Nadat hun moeder was overleden, verwaterde ook het contact tussen de jonge tieners en hun oudere zus. Voor Jean begon een rondreis van de ene inrichting naar de andere. Jarenlang heeft ze tevergeefs geprobeerd de broeders en zusters ervan te overtuigen dat ze gezond was, wel familie had en in een gewoon Victoriaans rijtjeshuis was opgegroeid. Niemand geloofde haar destijds. Eén keer ging een personeelslid Jeans relaas controleren. Helaas had het ouderlijk huis inmiddels plaatsgemaakt voor een flatgebouw.

Dat de familie uiteindelijk toch nog werd herenigd, was ironisch genoeg te danken aan een bureaucratisch foutje. Het jongste verpleeghuis had een soort tevredenheidsonderzoek verzonden naar de moeder van Jean, die een kwart eeuw eerder was overleden. De brief arriveerde op het adres van David, die het schrijven als junkmail beschouwde. Terwijl hij het in de oud-papierbak deponeerde, zag hij de handgeschreven naam van zijn zus op het document staan. Samen met broer Alan spoedde hij zich naar het zorgcentrum, alwaar een emotionele reünie plaatshad.

De lokale overheid heeft nu een onderzoek aangekondigd over hoe dit heeft kunnen gebeuren, maar de hoofdschuldigen zijn uiteraard al lang dood. In The Daily Telegraph verbaasde columnist Sam Leith zich erover dat deze tragiek in de media niet voorbij het stadium van human interest is gekomen. ‘Elke draai in het Madeleine McCann-verhaal wordt op pornografische wijze uitvergroot. Tegelijkertijd gaat Jean Gambells minder mediagenieke verhaal in wezen ook over de ontvoering van een kind – met dien verstande dat het in 1937 plaatsvond en de Britse staat de ontvoerder was.’

PATRICK VAN IJZENDOORN

Gewiekste argeloosheid

De Amerikanen bouwen in Tsjechië een raketbasis. Poetin is fel tegen. De Tsjechen zitten nergens mee.

PRAAG – In het Tsjechische Brdy, een streek te vergelijken met het Zwarte Woud, bouwen Amerikanen een lanceerbasis voor kruisraketten. President Poetin is op z’n zachtst gezegd not amused. Hij heeft fel geprotesteerd bij de regering in Praag en, om te beginnen, gedreigd met zware economische maatregelen. Wat Amerika voorheeft met de bouw is niet geheel duidelijk. Nostalgie naar de ‘gemakkelijke tijden’ van de Koude Oorlog zal het niet zijn; waarschijnlijker is het dat dit de opmaat is voor een oorlog met Iran.

Begrijpelijk is het laconieke gedrag van de Tsjechische gezagsdragers, die slechts flauwtjes over de kwestie hebben gedebatteerd. De Tsjechen laten zich sinds de Fluwelen Revolutie van 1989 door de ‘Russische broeders’ niet meer de wet voorschrijven. Ongetwijfeld levert het project ook een flinke financiële injectie op, daarnaast is het tevens een soort verzekeringspolis. Mocht Rusland, of wie ook, onverhoopt het dwaze plan opvatten het land wederom te overrompelen, dan kunnen dit keer de grote mogendheden niet aan de kant blijven staan.

Tsjecho-Slowakije is in de loop der eeuwen overspoeld door Zweden, Turken, Hongaren, Duitsers, Pruisen, Oostenrijkers en in 1938 verkwanseld door de Britse premier Chamberlain. De laatste invasie vond plaats in de nacht van 20 op 21 augustus 1968. Een half miljoen Warschaupacttroepen bezetten het land, net zoals ze eerder ‘te hulp’ kwamen in Boedapest in 1956. Er zijn grote verschillen tussen de beide interventies. Waar in Hongarije tienduizenden doden vielen, bleven de slachtoffers in Praag tot een minimum beperkt. Dit niet uit lafheid, maar omdat de Tsjechen en Slowaken een mentaliteit van ‘gewiekste argeloosheid’ hebben ontwikkeld, door Jaroslav Hasek verpersoonlijkt in De lotgevallen van de brave soldaat Svejk. De creatie van Hasek lijkt een bier slempende guitige dikkerd die zijn best doet om het de autoriteiten naar de zin te maken, maar is in werkelijkheid een uiterst effectieve saboteur. Himmler verzuchtte in de jaren veertig dat je beter Russen of Polen kunt overheersen, die breken op een gegeven moment. De Tsjechen buigen mee en wachten tot het bewind zich versoepelt, om vervolgens twee keer zo hard terug te slaan.

Dat de raketbasis wordt gebouwd op een voormalig militair oefenterrein van de Russen, leidt onder Tsjechen tot vrolijkheid. Ook laten zij zelden na te memoreren dat het terrein nog maar een paar jaar geleden voor oefeningen werd verhuurd aan zowel de Polen als de Russen. Het maakt de druiven des te zuurder.

GUUS BAUER

Duitse NPD zet in op de jeugd

De neonazi’s van de NPD weten dat de jeugd de toekomst heeft. Zelfs schoolpleinen zijn strijdtoneel in hun ‘Kampf um Strasse, Köpfe und Parlamente’.

MEISSEN – Op de Berufsschule in het lommerrijke Meissen werden onlangs ongewone schoolkrantjes aan de Oost-Duitse leerlingen uitgedeeld. Onder het motto ‘jung, frech, Deutsch’ gaven rechts-radicalen van de npd hun propagandamateriaal aan honderden jongeren. Daarin staat dat Adolf Hitler een vredestichter was en dat Polen door de verdrijving en mishandeling van honderdduizenden Duitsers de Tweede Wereldoorlog heeft uitgelokt. Ook worden de scholieren opgehitst tegen hun leraren, die verantwoordelijk zouden zijn voor het ‘linksextreme Bildungsdesaster der 68-er’.

De onderwijzers van de Saksische beroepsschool waren met stomheid geslagen. Ze alarmeerden de politie, die nog enkele krantjes in beslag kon nemen. Een aanwezige volksvertegenwoordiger van de npd protesteerde luidkeels tegen de ‘aanval op de meningsvrijheid’. Lerares Russisch Ines Kohl was ook geschokt: ‘Ze moeten die partij verbieden en scholen en politiek streng scheiden.’ Het openbaar ministerie in Dresden bleek uiterst bezorgd over de poging om de geschiedenis te herschrijven.

De npd deelt ook tienduizenden ‘Schulhof-cd’s’ met hardrockmuziek uit. Gretig nemen zestienjarige kinderen deze schijfjes mee naar huis, met daarop muziek met teksten tegen immigranten en homoseksuelen en links in het algemeen. De titels luiden Frieden, durch Krieg en Wille, zum Sieg. De bands heten Faustrecht of Nahkampf.

De schoolpleinen moeten volgens de verstrekkers van het neonazistische materiaal ‘national befreite Zonen’ worden, zonder buitenlanders en andersdenkenden. De bevrijding van het schoolplein vormt onderdeel van de drieledige npd-strategie om de ‘Strasse, Köpfe und Parlamente’ in bezit te nemen. Met miljoenen euro’s subsidie van de overheid willen ze de democratie afschaffen, zoals partijleider Udo Voigt officieel toegaf. Dat doen ze door op straat terreur uit te oefenen – zoals recentelijk een tiental Indische mannen in het dorpje Mügeln ondervond, toen ze tijdens een volksfeest door een menigte in elkaar werden geslagen. Maar ook door als vertegenwoordigers van de npd gelegitimeerd zitting te nemen in voetbalverenigingen en schietclubs, door mensen te helpen met schuldsanering en door het oprichten van gaarkeukens en jeugdhonken. Zo wint de npd aan maatschappelijke status.

Intussen is de npd in de deelstaat Saksen met tien procent van de stemmen groter dan de sociaal-democratische spd. In Mecklenburg-Vorpommern staan ze sterk, net als in Brandenburg. De partij van veroordeelde rechts-radicalen als voormalig raf-advocaat Horst Mahler dringt langzaam door tot talloze gemeenteraden in de voormalige ddr. En zelfs in het hart van Berlijn, waar nota bene in de jaren dertig de nazi’s nooit erg populair waren, kun je vrij gemakkelijk het haatdragende en verboden blaadje Deutsche Stimme krijgen. Vanonder de toonbank, zoals dat heet. De verkoper ziet er niets vreemds in.

ROB SAVELBERG