Week 9

Deze week

LEE DE BULLDOZER

De maandag aangetreden Zuid-Koreaanse president Lee heeft grote plannen voor het zuiden van het Koreaanse schiereiland; met het noorden heeft hij weinig op.

DEN HAAG – Met zijn ‘747-belofte’ wist Lee Myung-Bak in december 2007 de harten van de Zuid-Koreanen te veroveren. De voormalige burgemeester van Seoel en bestuurder van Hyundai ziet het als volgt voor zich: een jaarlijkse economische groei van zeven procent gecombineerd met een verdubbeling van het inkomen per capita tot veertigduizend dollar en gecompleteerd met de belofte Zuid-Korea tot de zeven grootste economieën ter wereld te laten behoren. Dat klinkt daadkrachtig.

Wat betreft het noodlijdende noorden wil Lee een hardere houding aannemen dan zijn voorganger Roh Moo-hyun. Vorig jaar nog was er sprake van ontspanning: sinds 56 jaar reed er weer een trein door de gedemilitariseerde zone en beloofden beide leiders plechtig te zullen gaan werken aan een vredesakkoord. De conservatieve Lee is minder gul voor Noord-Korea. Wapens ontmantelen, de mensenrechten op orde krijgen en dan praten, zo luidt zijn motto.

Politiek gezien raakt Lee bij zijn aantreden meteen een zeer gevoelige snaar. Volgende week namelijk zullen Zuid-Korea en de Verenigde Staten gezamenlijk de militaire oefening ‘Key Resolve’ ondernemen in het grensgebied met Noord-Korea. Daardoor is de spanning terug en kan de immer op volle toeren draaiende propagandamachine in Pyongyang blijven beweren dat de Koreaanse Muur tussen de twee landen elke mogelijke vorm van hereniging in de weg blijft staan.

Lee staat aan het begin van wat een politiek hardere periode lijkt te worden, in aansluiting op zijn keiharde aanpak op economisch gebied – zijn bijnaam is ‘de bulldozer’. Enige vooruitgang in de territoriale disputen met Japan lijkt nog onwaarschijnlijk. Lee zat frappant genoeg in 1964 een half jaar gevangen, omdat hij leiding had gegeven aan protesten tegen de gesprekken om de relaties tussen Tokio en Seoul te normaliseren. Daarnaast wil Lee meer investeren in China en overweegt hij mogelijke toenadering tot de Chinezen op veiligheidsgebied. Dat zal weer ten koste gaan van Zuid-Korea’s relatie met de VS. Ook in de relatie met Noord-Korea mogen geen grote ontspanningen verwacht worden.

De komende maanden houden de Koreanen het dan ook maar bij het samen naar de Olympische Spelen in Beijing gaan – waar uiteindelijk het belangrijkste obstakel ligt in de maar niet veranderende situatie rond Noord-Korea. Want ook China blijft te veel op zichzelf gericht om iets aan deze voortslepende kwestie te kunnen, maar vooral te willen doen.

PETER SCHOUTEN

VEILIGHEIDSEUFEMISMEN

De misdaadcijfers in Brazilië blijven stijgen, daar verandert een Gouden Beer voor de controversiële film Tropa de Elite niets aan.

SALVADOR – ‘Ik ben banger voor de politie dan voor de bandieten. Een bandiet berooft je tenminste alleen maar. De politie begint met slaan en stelt daarna pas vragen. Dat gevaar loop je vooral als je zwart bent zoals ik’, zegt Nilton Nascimento.

Nascimento is een student bedrijfskunde uit Tancredo Neves, een arme wijk in de miljoenenstad Salvador, in het noordoosten van Brazilië. Het is het type wijk waar het niet ongewoon is een lijk doorzeefd met kogels op straat te zien liggen. In de problematiek van de ‘veiligheidssituatie’, zoals de oorlog tussen drugsbendes en de politie eufemistisch wordt genoemd, is dit het slagveld.

De discussie rond deze problematiek werd onlangs weer aangezwengeld, toen de controversiële Braziliaanse film Tropa de Elite (internationale titel: The Elite Squad) de Gouden Beer ontving op het Berlijnse filmfestival. De film is gebaseerd op getuigenverklaringen en toont dat de wreedheid van de corrupte politie weinig onder doet voor die van de drugsbendes. Meer dan 31 miljoen Brazilianen zagen de film in de bioscoop; een nog groter aantal zag hem op een van de vele gekopieerde dvd’s die op elke stoep worden aangeboden.

Het onderwerp leeft dus. Het valt niet te ontkennen dat de politie van Salvador op dit gebied een en ander te verklaren heeft. In januari van dit jaar vonden vier jonge mannen de dood tijdens officiële politieoperaties in de stad. Alle vier waren onschuldig, en zwart. Deze incidenten leidden er mede toe dat de hoofdcommissaris van de politiekorpsen in Salvador, Paulo Bezerra, vorige week aftrad. Officieel heeft de politie niets te maken met de doodseskaders die in Braziliaanse steden opereren, maar veel van de standrechtelijke executies van criminelen, waarvan deze grupos de extermínio (‘verdelgingsgroepen’) worden verdacht, worden opmerkelijk genoeg uitgevoerd met wapens die exclusief voor de Braziliaanse militaire politie worden gemaakt. In Salvador werden afgelopen weekeinde drie jonge mannen op deze wijze ‘geëxtermineerd’. Alle drie waren zwart en woonden in een arme buurt.

Anders dan in de sloppenwijken van Rio de Janeiro, waar Tropa de Elite zich afspeelt, maken in wijken als Tancredo Neves de drugsbendes nog niet de dienst uit. Maar wat niet is, kan nog komen. De wijk wordt ‘beveiligd’ door een particuliere ‘beveiligingsdienst’, waarvoor de plaatselijke middenstand wordt geacht te betalen. Een winkelier die niet betaalt, kan een overval verwachten. Boekhoudster Emilia Souza, buurtgenoot van Nascimento, ziet de toekomst somber in. ‘Over enkele jaren is het hier net zoals in Rio de Janeiro: oorlog’, verzucht ze. ‘Waarom? De overgrote meerderheid in wijken als Tancredo Neves is eerlijk en werkt hard, maar is doodsbang de minderheid die kwaad doet, te veroordelen.’

Dat de meerderheid niet zonder reden zwijgt, bleek eind februari in de sloppenwijk São Cristóvão aan de rand van Salvador. Bandieten schoten daar op klaarlichte dag een kapper dood die het gewaagd had de activiteiten van een plaatselijke drugsbende te veroordelen.

ALEX HIJMANS

GEINTJE, MENEER

Alle goede bedoelingen ten spijt, de netwerksite Facebook brengt mensen met elkaar in contact die soms liever uit elkaars buurt blijven.

AL HOCEIMA – Fouad Mourtada is een keurig opgevoede jongeman van 26, opgeleid tot ingenieur aan een prestigieuze school in Marokko. Hij heeft een baan en is vol hoop op een goede toekomst. Kortom, niets op aan te merken. Totdat hij kortgeleden op een kwade ochtend, dinsdag 5 februari, om half zeven voor zijn deur wordt aangehouden, zeg maar gerust ontvoerd, door politiemensen. Bijna 24 uur later merkt de jongeman met wie Fouad een appartement deelt in Casablanca, dat hij niet is thuisgekomen van zijn werk. Ook zijn twee computerschijven verdwenen. Hij alarmeert de familie van Fouad, die onmiddellijk een zoektocht begint. Zonder resultaat. De volgende dag hoort de familie bij toeval op de radio dat er een jongeman gearresteerd is, een jonge ingenieur, wegens ‘duistere praktijken’, nadat betrokkene op de website van Facebook een vals profiel had opgesteld van Moulay Rachid, de broer van koning Mohamed VI. Daarop wendt de broer van Fouad zich tot de prefect van politie in Casablanca. Die zegt van niets te weten en opnieuw volgt een vergeefse zoektocht. Op een van de politiebureaus die Fouads broer aandoet, ziet hij het rugzakje van Fouad liggen, maar ook daar wordt hij niets wijzer. Uiteindelijk ontvangt Fouads broer een telefoontje dat Fouad zich op de prefectuur, in de cel, bevindt.

Op 12 februari mag zijn familie Fouad eindelijk opzoeken, in de beruchte Oukacha-gevangenis. Daar vertelt Fouad dat hij gekidnapt is en op het bureau van de veiligheidsdienst mishandeld is. Bespuugd, vernederd en urenlang op zijn hoofd en benen geslagen met een voorwerp dat ervoor gemaakt leek te zijn zoveel mogelijk pijn te veroorzaken zonder sporen na te laten.

Waar gáát dit over? Facebook is een internetsite, speciaal voor studenten, waar je je kunt inschrijven om met anderen in contact te komen. De site werd in 2004 in Harvard gelanceerd, in 2007 opengesteld voor iedereen en kent nu meer dan 62 miljoen inschrijvingen. En uiteraard zitten daar valse profielen van celebrities tussen. Prins Willem Alexander figureert in Facebook, wel tien schone zwarte dames stellen zich mét foto voor als Lady Di, George Bush ontbreekt natuurlijk niet, evenmin als Nicolas Sarkozy en Osama bin Laden.

Maar tot nu toe is niemand van deze Facebook-leden de behandeling te beurt gevallen die Fouad Mourtada overkwam. Het Marokkaanse koningshuis toont zich pas amusé, en dat is een understatement. Fouad staat, behalve een fikse boete, mogelijk een gevangenisstraf te wachten van drie tot vijf jaar wegens ‘belediging of aanval op zkh de koning, de prinsen of de prinsessen’. Daartoe moet justitie wel bewijzen dat hij de prins beledigd heeft. Fouads familie zegt dat hij juist een bewonderaar is van prins Moulay Rachid en dat hij nooit de bedoeling heeft gehad de koninklijke familie te beledigen.

De vraag is nog wie de autoriteiten getipt heeft. Gesuggereerd wordt dat een meisje dat met prins Moulay Rachid in contact wilde komen, teleurgesteld de politie heeft geïnformeerd, die met behulp van de Marokkaanse ptt de persoon achter het valse profiel heeft opgespoord. Dit meisje kan nogmaals een poging wagen: nog steeds staat er een profiel van Moulay Rachid in Facebook, maar deze keer is dat kennelijk aangemaakt in het buitenland.

SIETSKE DE BOER

VALLEN EN OPSTAAN

De precedentwerking van Kosovo’s onafhankelijkheidsverklaring is een feit: Zuid-Ossetië en Abchazië willen nu ook op eigen benen staan.

AMSTERDAM – Nu al lijkt de onafhankelijkheidsverklaring van Kosovo een ongewild precedent te scheppen. De leiders van de Georgische regio’s Zuid-Ossetië en Abchazië streven al jaren naar onafhankelijkheid en zien nu hun kans schoon. ‘Zuid-Ossetië en Abchazië hebben zich in de jaren negentig al onafhankelijk verklaard en bewezen een staat te kunnen vormen’, aldus het staatspersbureau van Zuid-Ossetië.

Abchazië, een zoele kuststrook aan de Zwarte Zee met 250.000 inwoners (voornaamste landbouwproduct: de tangarine sinaasappel), is ooit door Stalin bij Georgië ingelijfd en was een populaire vakantiebestemming van de sovjetelite. Zuid-Ossetië is een berggebied in het noorden van Georgië met zeventigduizend inwoners (hoofdstad: Tskhinvali), dat nauwe banden onderhoudt met het Kremlin. Beide regio’s proberen zich al sinds het uiteenvallen van de Sovjet-Unie los te maken van Georgië, maar worden vooralsnog niet erkend.

Direct na de onafhankelijkheidsverklaring van Kosovo vorige week meldden de presidenten van de twee regio’s zich bij het Kremlin om steun te zoeken bij Lavrov, de Russische minister van Buitenlandse Zaken. Die steun leek te komen: Lavrov stelde dat de onafhankelijkheid van de Georgische gebieden opnieuw moest worden bezien in het licht van de situatie in Kosovo. Voormalig worstelkampioen en president van Zuid-Ossetië, Eduard Kokoity, zei dat hij voor eind februari een formeel verzoek zou indienen bij de Doema, de Verenigde Naties en het gemenebest van voormalige sovjetrepublieken (cis) om de onafhankelijkheid van de streek te erkennen. Sergei Bagapsh, president van Abchazië, sprak de hoop uit dat Kosovo’s erkenning ook het einde zou betekenen van het handelsembargo dat de cis, sinds de regio zichzelf in 1994 onafhankelijk verklaarde, voert.

Maar juist met de steun van Lavrov ging het mis. Russische erkenning van Zuid-Ossetië en Abchazië zou een aantasting zijn van de territoriale integriteit van Georgië, en de relatie tussen Georgië en Rusland is op zijn best fragiel te noemen. En zo startte de cis-top afgelopen vrijdag bijna in mineur. Poetin had deze bijeenkomst juist belegd om zijn gedoodverfde opvolger Medvedev voor te stellen aan de cis-leiders. Om een expliciet conflict te vermijden, zette Poetin een ongebruikelijke stap: hij nodigde de Georgische president Saakashvili uit voor een persoonlijke bijeenkomst op de dag voor de top.

De twee vonden elkaar. Ze kwamen overeen luchtverkeer tussen Rusland en Georgië te hervatten en de wederzijdse visumprocedures te versoepelen. Nog erger: ook gaf Poetin aan dat Rusland niet van plan is een onafhankelijk Zuid-Ossetië of Abchazië te erkennen. Met het spoedberaad tussen de leiders was het doel van Poetins cis-top veiliggesteld. Alle twaalf cis-leden kwamen opdagen, gretig om kennis te maken met Medvedev.

Zuid-Ossetië en Abchazië lijken het slachtoffer te zijn geworden van hun eigen spel. Juist door Rusland en Georgië tegen elkaar uit te willen spelen hebben ze deze twee landen dichter bij elkaar gebracht, en is hun eigen onafhankelijkheid verder weg dan ooit. De nabije toekomst belooft weinig verandering: Medvedev is medeverantwoordelijk voor Poetins beleid ten aanzien van ex-sovjetstaten en heeft aangekondigd niet van koers te zullen veranderen.

CASPER THOMAS

NU IN PRIJS VERLAAGD!

Wie er precies profiteert van de privatisering van de Londense nutsbedrijven is nog niet duidelijk. De burger in ieder geval niet.

LONDEN – Het wemelt in Londen van de energieverkopers die mensen proberen over te halen om van de ene naar de andere energieboer over te stappen. Niet dat de consumenten beter gas krijgen – het gaat om de verschillen in administreren. De premiejagers hebben steevast een tabel bij zich waar meer cijfers op staan dan er aanwezig zijn in een jaarverslag van het cbs. In de ene buurt is het goedkoper om Scottish Power te hebben, in de andere het Franse edf. Zo’n overstap van de regen in de drup kost een consument ‘slechts’ anderhalf uur van diens kostbare vrije tijd. Het voordeel is overigens tijdelijk, want het tempo waarmee de energieboeren hun prijzen oppompen, loopt sterk uiteen en is mede afhankelijk van de hebberigheid aan de top. Afgelopen week maakte British Gas een winststijging van vijfhonderd procent bekend, terwijl het bedrijf de prijzen voor zijn klanten met vijftien procent verhoogde.

In de praktijk komt het neoliberale dogma van de marktwerking neer op hogere prijzen en een tijdrovende rompslomp – en tegen de tijd dat je de klantenservice aan de lijn krijgt, had je de complete Hitchhiker’s Guide to the Galaxy uit je hoofd kunnen leren. Om enige orde te scheppen zijn er inmiddels zoveel prijsvergelijkende websites dat er nu een metawebsite bestaat waar zulke sites met elkaar vergeleken worden.

Uit kraanwater kan overigens niet worden gekozen, wat het geprivatiseerde Thames Water er niet van weerhoudt te adverteren met prachtige advertentiecampagnes waarin het mensen oproept minder water te gebruiken. Dit is niet het enige bedrijf dat klanten verzoekt om minder te consumeren, zo zijn er ook de Britse spoorwegen, het magnum opus van de privatiseringsintelligentsia. Het aantal passagiers is de laatste jaren sterk gestegen, wat niet zozeer te maken heeft met een herwonnen liefde voor de trein – geen Engelsman die voor zijn plezier de trein pakt – als wel met de bevolkingsaanwas, het toenemende aantal forensen en de tolheffing in Londen. De investeringen hebben geen pas gehouden met het groeiende aantal passagiers en daarom puilen de treinen uit. De populairste manier om het reizen met de trein te ontmoedigen, is door de prijzen te verhogen. Een echte keuze hebben treinreizigers overigens niet, want elke treinmaatschappij is monopolist in eigen streek. De vraag is gerechtvaardigd of reizigers meer keuze willen, nu op sommige trajecten al vijftig verschillende kaartsoorten te koop zijn.

Maar het mooiste stukje privatisering betreft vooralsnog het schoonhouden van de publieke ruimte. Soms erger ik me zo aan het zwerfvuil van Amerikaanse eettenten, dat ik de stoep voor het huis schoonveeg. Toen ik mijn burgerzin terloops mededeelde aan een gemeenteraadslid, kreeg ik te horen dat dit misschien geen goed idee is. ‘We hebben daar een schoonmaakbedrijf voor ingehuurd en als burgers hun straat zelf gaan schoonhouden, kunnen we niet goed controleren of het bedrijf zijn werk goed doet.’

Zo had ik dat nog niet bekeken.

PATRICK VAN IJZENDOORN