Diana de pornoster

AL HAAR HELE LEVEN, maar zeker sinds die laatste ogenblikken in de tunnel onder de Place de L'Ama zijn er zoveel verhalen over Diana die zich als een almaar groeiende, steeds kantelende stapel krioelende reptielen in het oog dringen, dat een heerlijke, al te machtige verwarring ieders deel is. Tegelijk is het juist die ontstellende kwantiteit, van de kranten, de oneindig uitgestrekte televisie-uitzendingen, de halve wereldbevolking die daarnaar gekeken zou hebben, de miljoenen die een glimp van de kist in het echt wilden zien, de bloemenzeeën, vormloos tegen hekwerken aanschurkend, de tranen, de statements van meelevende prominenten, die andere algemeen erkend heilige vrouw die ter vervolmaking van de barokcompositie ook nog eens stierf, de nogal walgelijke levensverhalen in de media van hen die zo nodig moesten meestralen in Diana’s verblindende licht omdat ze haar kort gekend zouden hebben (Jeroen Krabbé), of langer (haar ‘beste vriendin’ Rosa Monckton), of omdat hun leven zo op dat van Diana zou lijken (Madonna) - dat alles, iedere dag weer in golven van oud en nieuw nieuws, maakt dat je je afvraagt… wat gebeurt hier nu eigenlijk? Wat drukt dit uit? Waar wil dit heen?

Je slaat een krant open op zoek naar het antwoord om direct tegen wil en dank meegesleept te worden door weer nieuwe golven van oude en nieuwe emoties en feitjes en interpretaties en statements die je niet zocht maar toch ook niet durft te negeren. En het perspectief verschuift opnieuw en opnieuw. Nooit wist ik zo zeker dat het verhaal dat ik vandaag (zondag 7 september) zal schrijven, een ander zal zijn dan het verhaal van morgen. En dan nog… Een verhaal? Welk verhaal je ook vertelt, de aanwezigheid van al die halve en hele verhalen lekt er ongerept doorheen, het monster van de vormloosheid bespringt je bij iedere beweging.
EEN VAN DE EERSTE verhalen over Diana’s ongeluk is dat van de paparazzi-foto’s waarvoor in eerste instantie veel geld was geboden, maar die uiteindelijk niet konden worden gepubliceerd. Onder stapels krantenpapier is dat verhaal inmiddels ondergesneeuwd, maar het blijft essentieel, want het geeft aan waar het in eerste instantie om draait bij deze geschiedenis: om beelden. Er was één krant, namelijk Bild - niet toevallig met die naam - die toch publiceerde, mogelijk uit moedwil, mogelijk uit gewoonte of door het misverstaan van de tijdgeest van dat moment. Een foto van vlak na het ongeluk. Er werd massaal schande van gesproken, met name door de tabloids, die voor een moment zelf gevreesd moeten hebben dat ze tegenover ‘het volk’ kwamen te staan.
Bild raakte ondertussen, ook in Nederland, zo snel uitverkocht dat alleen de gelukkigsten die foto ook werkelijk hebben gezien. Anderen, zoals ik, moeten het doen met beschrijvingen van die foto, beschrijvingen overigens waarvan het volk door alle kranten ruim werd voorzien. Wat bleek: ook op de foto van Bild was nog geen stukje vlees van de stervende Diana te zien. En zelfs de dode Dodi bleef buiten beeld.
Hiermee ging de bel voor een nieuwe, uiteraard lang niet de laatste, hijgronde van een complex pornografisch spel. De behoefte aan met name beelden over wat er nu precies was gebeurd, bleef natuurlijk bestaan en vroeg om een directe invulling. Mohammed al Fayed voelde zich, terecht, aangevallen door de internationale publikatie van een foto waarop 'zijn’, bij de crash omgekomen chauffeur Henri Paul, stond afgebeeld in een bar met een glas whisky in de hand. Als de moordenaar van Di dus. De hele reputatie van het Ritz-hotel kwam hiermee op het spel te staan, en misschien wel meer dan dat.
Al Fayed sloeg terug met videobeelden van de bewakingscamera’s van het Ritz die moesten aantonen dat Henri Paul niet dronken was en de fotografen wel heel volhardend waren in hun dodelijke jacht. Maar ze gaven vooral iets anders te zien: Diana, wachtend op de auto, een arm van Dodi om haar heen geslagen. Vijf minuten stonden ze in die gang. Er werden 'wegens privacy-redenen’ maar enkele beelden van vrijgegeven. Stonden ze de rest van de tijd te tongzoenen? Waarom mag het volk dat net niet zien? Als de tabloid-pers de opwinding rondom de begrafenisplechtigheden een beetje achter de rug heeft, wordt dit een zaak om uit te spitten. Wie publiceert als eerste 'De laatste kus in de gang’?
Daarnaast zullen vroeg of laat natuurlijk wel degelijk die echt schandalige foto’s van Diana in het wrak worden gepubliceerd, of van Diana in de Mercedes, vlak voor de klap, of van Diana in het ziekenhuis, of van het graf van Diana, of van het volk dat het graf van Diana wil aanraken en dat niet mag van de Spencer-familie. De mogelijkheden zijn legio.
DIANA WAS JACKIE O., net zo zwevend, niet plaatsbaar binnen de maatschappij, net zozeer een media-hologram. Maar dan met seks. Het is geen toeval dat het tranenliedje van Elton John op de begrafenis aanvankelijk voor Marilyn Monroe was geschreven; er wordt hier welbewust een parallel getrokken, een historisch continuüm gecreëerd. Het gaat hier om blond, om seks, maar ook om de suggestie van magische kracht. Het pornografische beeldenspel werd al een publiek leven lang rondom Diana gespeeld, overigens goeddeels met volle medewerking van Diana zelf, die beter dan menig actrice, zangeres of prinses met de camera’s wist te flirten en daar zichtbaar een behaaglijk genoegen in schiep.
In de huidige heiligverklaring wordt zij voornamelijk als slachtoffer voorgesteld - en ook toen ze leefde, speelde ze de slachtofferrol overigens voorbeeldig - maar niemand kon juist zo geil-koket giechelend in beeld weghollen als Diana, een doorschijnende rok met supersplit wapperend, borsten voor driekwart bloot. Tussendoor voerde ze, volgens de getergde fotografen althans, dubbelzinnige gesprekjes met de boys van de camera’s over het wel of niet topless verschijnen in het openbaar (er zouden tenslotte heel vage topless foto’s verschijnen) en maakte ze dealtjes met ze om even te wachten met fotograferen omdat ze d'r make-up nog moest doen. Smaakvol verzorgd, met perfect, zeer recent behandeld haar, soms de ogen quasi-kwetsbaar gesloten met, hoe emotioneel, hoe heerlijk, een stervend kind in de armen. In een groen mini-jurkje, springend van de steiger in de speedboot, opdat het volk recht in haar kruis kon kijken. Het strakke tijgerbadpak dat de dicht aangetrokken en daardoor opbollende schaamlippen helder deed uitkomen. Op een koninklijke stoel in het Britse parlement met een doorkijkjurk aan en ontblote schouders eventjes in slaap vallend - hoe zalig argeloos, hoe opwindend. En alles in de wetenschap van het voortdurend bekeken worden.
Er bestaat vrijwel geen foto waarop Diana niet glundert. Of speelt met een ontbloot been, schitterend van vorm, dat dusdanig omhoog uit een auto wordt gestoken, in het zicht van een orgasme van flitslichten, dat het volk net wel of net niet kan zien wat voor slipje ze draagt. Diana was de beroemdste exhibitioniste aller tijden. Het is pure wellust die van alle foto’s spat, wellust die op haar beurt weer genot verspreidde onder de alledaagse, simpele voyeurs die wij, bij gebrek aan andere mogelijkheden, wel moeten spelen. Want het gaat in deze wereld om bekijken of bekeken worden en alleen zij die door uiterlijke schoonheid geroepen zijn, mogen de schaarse plaatsen in het voetlicht innemen.
Dat wil zeggen: als ze geluk hebben. Want menig schitterend meisje laat zich gillend van opwindende angst bungyjumpen aan een hoge bouwkraan, of speelt vrijwel naakt voor vamp in een disco, maar nauwelijks iemand die nog kijkt. En zeker de media kijken niet. Dus had het net zo goed niet kunnen gebeuren.
NOGAL WAT VERONTWAARDIGDE geluiden waren er te horen geweest over de film Crash van David Cronenberg. De film was begin dit jaar in de Nederlandse bioscopen te zien maar kwam in andere landen niet door de censuur vanwege een vermeend pornografisch karakter. De ironie was nu juist dat in Crash de pornografisering van onze technologische wereld op bijtende wijze werd overdreven; geen enkele seksscène was opwindend bedoeld maar juist als satire. Dat, plus het kennelijk als taboe geldende verband tussen seks en auto-ongelukken, maakte de film zo bedreigend voor de status quo dat de film alleen in Canada een commercieel succes mocht worden.
Crash kon destijds al een profetische film worden genoemd, maar is dat nu helemaal. Een scène waarin fotografen het portier opentrekken, de pols voelen van een mooie blonde vrouw die iedereen kent, om te zien of ze nog leeft om er dan eens heerlijk, als in een gang-bang, op los te gaan schieten, gek gemaakt door al die jarenlange flirtages - zo'n scène waarvan je denkt: dat is te erg, dat kan niet echt zijn. Stel je voor: Je bent Diana. De pijn is niet te harden. Je ligt klem. Niemand helpt. Je wordt van alle kanten gefotografeerd. De scène had naadloos in Crash opgenomen kunnen worden.
Zo wordt in Crash met de Porsche 550 Spyder, waarmee James Dean in 1955 verongelukte, voor een select publiek van oververhitte liefhebbers nog eens precies nagedaan hoe Dean doodging. Als een van de stuntmannen daarbij gewond raakt en zich verdwaasd uit de auto laat vallen, knielt een fotograaf bij hem neer om close-upfoto’s te maken. In een andere scène uit Crash wordt een mooie vrouw, rijdend op de snelweg, achtervolgd door een man die met opzet in hetzelfde type limousine rijdt als waarin JFK zat toen hij werd vermoord. De man ramt de vrouw enkele keren van achteren met zijn auto, en het is te zien hoe bij haar, de gejaagde, angst en geilheid tot een onontwarbaar geheel zijn geworden.
Net als bij porno is een belangrijk thema bij alle berichtgeving rondom Diana de zichtbaarheid. Vorige week ontstond er een algehele volkswoede toen de Engelse koningin weigerde om in het openbaar haar tranen te laten vloeien. 'Show us you care’, brulde The Express op de voorpagina, met daarbij een foto van een onaangedaan kijkende koningin. En het volk, dat een dag daarvoor nog de tabloid-pers als moordenaar van Diana had willen kruisigen, brulde nu weer even makkelijk mee met diezelfde tabloids, tenslotte de oren en ogen van het volk. Want het volk wilde scherp zien wat het bij Diana ook al had kunnen zien en wat het door Oprah Winfrey was bijgebracht: Bekend? Dan ook de broek uit. Laat je emotioneel helemaal gaan. Huil. Lach. Deel je woede met ons. Alles wat binnen zit, moet buiten. Zo niet, dan word je weggezapt.
WAT NU PRECIES de krachten zijn die maken dat de pornografische blik op de wereld ons doen en laten bepaalt en waardoor het verhaal van Diana zo'n overweldigende impact kon krijgen, blijft nogal raadselachtig. Je kunt natuurlijk altijd spreken van een dictatuur van de markteconomie, waardoor berichtgeving automatisch wordt gestuurd in de richting van meer persoonlijke emotie, meer bloot, meer bloed. En de taboes die in de vercommercialiseerde media zogenaamd bestonden op de schandalige foto’s van Diana in haar autowrak, zijn in werkelijkheid allang verworpen, getuige bijvoorbeeld foto’s die vorige week zelfs in algemeen goedgekeurde Nederlandse kranten stonden: een meisje, haar borsten zichtbaar, bloed over haar naakte lichaam, na de bomexplosie in Israel.
Dat de taboes tijdelijk opnieuw werden ingesteld, zegt iets over de door de eerbied voor de kijkcijfers afgedwongen status aparte die het dodelijke ongeluk van Di en Dodi heeft gekregen. Een status die zich ook in geld laat uitdrukken. Veelbetekenend in dit verband was een recent artikel op de economiepagina’s van NRC Handelsblad over de fotopersbureaus. De opbrengst van bijvoorbeeld een oorlogsfoto, hoe mooi en hoe gewaagd ook, is tegenwoordig nog geen veertigste van de opbrengst van een paparazzi-foto, zodat nu ook de betere fotobureaus als Sygma, Sipa en Gamma zich meer en meer op paparazzi-fotografie gaan toeleggen. Dat verklaart de aanwezigheid in dat tunneltje in Parijs van werkelijk prestigieuze fotografen.
Ook het NOS-Journaal kondigde aan meer een emotiemachine te willen gaan worden en verklaarde zich deemoedig schuldig over het feit dat men niet onmiddellijk had ingezien dat het ongeluk van Diana een non-stopnieuwsuitzending vereiste, minstens een week lang, die al het andere nieuws, zoals een grote bomaanslag in Israel, het overlijden van prominente journalisten als Van Tijn en Brugsma, het afscheid van Nordholt, de onthulling over misdragingen van Nederlandse VN-militairen, het wel of niet meespelen van Kluivert bij Oranje, een massaslachting in Algerije, tot marginale verschijnselen degradeerde wegens een te geringe dosis sex appeal.
In de film Crash zegt het personage Vaughan, daarmee de auteur J.G. Ballard in diens boek Crash nasprekend: 'Het auto-ongeluk is eerder een bevruchtende dan een vernietigende gebeurtenis; een bevrijding van seksuele energie waardoor de seksualiteit van degenen die omkwamen vertaald en verspreid wordt met een intensiteit die in elke andere vorm onmogelijk was.’ Misschien is dat wel wat er nu gebeurt. De door beelden bevruchte massaliteit aan nieuws rondom het auto-ongeluk van deze twee seksuele topfiguren zou wel eens een energie kunnen losmaken die tot verandering leidt. Misschien staat Dodi, de zoon van een Egyptische vader die zijn eigen biografie herschreef om zich adellijke allure te verschaffen, die ineens op duistere wijze in enkele oliestaatjes schatrijk werd om zich, lustig parlementariërs omkopend een weg te vreten in het hart van de Engelse monarchie, voor een omslag in een al eeuwen durende strijd tussen christendom en islam. Of misschien genereert de explosie van seks op een met de computer bijgestelde foto van Di en Dodi die over de wereld ging, wel de overgang naar een nieuwe tijd waarin alle oude machtsblokken moeten plaatsmaken voor nieuwe.
J.G. Ballard bepleitte al tientallen jaren geleden een volledige bevrijding van porno en geweld in de media, iets wat hij met een zekere hardnekkigheid in zijn boeken, maar ook in interviews blijft herhalen. Want in het zichtbaar maken van deze krachten, zo stelt hij, ligt de basis voor maatschappelijke verandering. Of porno, dat wil zeggen: het zichtbaar maken en uitvergroten van de seksualiteit, maar natuurlijk ook net zo goed het vervreemdend isoleren en distribueren van andere intieme emoties, nu ook werkelijk een maatschappelijke kracht mag worden genoemd, weet ik niet, maar dat de beeldende kracht en daarmee de bewustzijnsveranderende kracht ervan enorm is, kon ik zelf constateren bij de expositie van de schitterende porno-kitsch van Jeff Koons in het Stedelijk Museum. Zoals het ongeluk van Diana al het andere nieuws wegdrukte, zo werd ook de overige kunst in het Stedelijk Museum na het zien van de werken van Koons, vaal, onbelangrijk, krachteloos, belachelijk gemaakt.
In zijn elegante boekje Het einde van de democratie schetste Jean-Marie Guéhenno in 1994 de overgang van een oude naar een nieuwe maatschappij. Tegen die achtergrond krijgt de hele Diana-geschiedenis mogelijk kleur. Guéhenno ziet de wereld almaar abstracter, ongrondstoffelijker worden. Bestaande verbanden als de natie en de daaraan verbonden klassenmaatschappij maken plaats voor een complexe, niet aan grond verbonden netwerkmaatschappij, die een inherent instabiel karakter heeft, waarbij het logge mechanisme van de controle heeft plaatsgemaakt voor de techniek van de beïnvloeding, veranderingen alleen incidentsgewijs plaatsvinden en in een succesvolle politiek de overtuiging en de mythevorming het winnen van de feiten. Zo stelt Guéhenno: 'Anders dan hetgeen destijds werd verkondigd, zijn bijvoorbeeld tijdens het presidentschap van Reagan de openbare uitgaven toegenomen. Maar dat is niet belangrijk: wat telt, is dat algemeen de indruk van het omgekeerde is aanvaard en dat de economische subjecten ervan overtuigd zijn dat in Amerika de rol van de staat is afgenomen. Deze boodschap is over de hele wereld verspreid en de onmiddellijke gevolgen ervan zijn veel belangrijker dan de budgettaire realiteit.’
Nu geeft Guéhenno hier een heel concreet voorbeeld van daadwerkelijke verandering door imagebuilding. Dat ligt bij Diana en Dodi natuurlijk niet zo simpel. Het 'gevoel’ van jonge, potente moderniteit, van uitstraling door handoplegging, van het doen verdwijnen van landmijnen door pure glamour, van het vrijelijk aangaan van internationale liefdesrelaties, of van het afschaffen van de tabloid-pers die zij zelf al die jaren seksueel wist te manipuleren zodat het gevoelsleven van 'het volk’ naar haar doen en laten werd gevormd - dat alles, dat zijn misschien wat te vage grootheden om van duurzame maatschappelijke verandering te kunnen spreken. Maar je zou misschien wel, hoe vaag ook, kunnen zeggen dat de collectieve vulkaanuitbarsting van verdriet en woede die haar dood met zich meebracht, iets zichtbaar maakte wat tot dan toe vrij onschuldig leek.
En dat 'iets’ is mogelijk meer dan alleen de invloed van de media in een door de vrije markt gestuurde maatschappij. Dat iets heeft misschien wel te maken met de onzichtbare veranderingen van die maatschappij zelf. Veranderingen die gestuurd, dan wel geïllustreerd worden door een krachtige commerciële beeldtaal, zo sterk en zo diep in de psyche van de mensen dringend dat een huilende Japanse vrouw in Tokio, geïnterviewd op straat, stelt dat Diana zoveel voor haar betekende dat ze dit nooit onder woorden zal kunnen brengen en dat een gebroken zwarte man in de straten van Londen getuigt dat de begrafenis van Diana de zwaarste dag van zijn leven is. Dat zijn typische voorbeelden van het ervaren van de turbo-orgasmen in een pornofilm als zijnde werkelijker dan een eigen seksleven met ogen open.