Die moet je zien

De films die je gezien moet hebben, zijn niet altijd de leukste of meest bijzondere. Van de Nederlandse films ‘moet’ je Hoogste tijd gezien hebben. Dat ‘moet’ vanwege het boek van Harry Mulisch, vanwege het scenario van Jan Blokker, vanwege de regie van Frans Weisz, vanwege de hoofdrol van Rijk de Gooyer, vanwege de camera van Robbie Muller en vanwege de aankleding van Ben van Os. Het ‘moet’ met andere woorden omdat het een soort nationaal monument is dat als een eregalerij de grote namen van het vaderlandse schrijven en filmen samenbrengt. En omdat het moet, is de lol er bij voorbaat al bijna af.

Dan toch maar naar Miss Blanche, een Nederlandse film die helemaal niet moet. Niet vanwege het boek (dat er niet was), niet vanwege het scenario (dat de filmmaker zelf schreef), niet vanwege de regie (van ex-Rietveldstudent Mark de Cloe), niet vanwege de hoofdrol (want daarvan is geen sprake), niet vanwege de camera (van ene Stijn van Santen) en niet vanwege de aankleding (van ene Eelco Brand). En ik had er geen spijt van. Miss Blanche is een gek, origineel en - vanuit een droevig vertrekpunt - een bijna vrolijk filmpje. Het speelt zich af in een volledig imaginair wereldje. Zo'n uitgangspunt tref je nog wel eens aan bij poetische Russen (als Andrei Chernikh van het vreemde The Secret of Wine-Making) of gevoelige Zuidamerikanen (als de immer surrealistische Raul Ruiz), maar zelden bij een Nederlandse filmmaker. De handeling vindt plaats in de ruines van een door oorlogsgeweld getroffen dorpje. De oorlog speelt zich inmiddels elders af en de sfeer in het dorpje is bijna pastoraal te noemen. Een meisjestweeling dartelt door het leven van een handjevol mannen en zelfs als het regent, schijnt er nog een aangenaam zuidelijk licht. Miss Blanche is een prettig chaotische en lichvoetige vingeroefening die doet vermoeden dat De Cloe ooit nog eens een film gaat maken die je gezien moet hebben.
Films waar je bijna nooit naar toe ‘moet’ zijn kinderfilms. Dank zij een gezegend fenomeen als de krokusvakantie zag ik het alleraardigste Tik Tak van Mohammed Ali Talebi uit Iran. Talebi vertelt in kristalheldere beelden een kleine wijze levensles aan de hand van een onbenullige gebeurtenis. De vriendjes Hassan en Said zijn allebei goed op school. De moeder van Hassan wil hem daarvoor belonen en laat de juffrouw aan hem in de klas een echt horloge geven. Als je dat probeert te vertalen naar onze welvaartsverhoudingen dan moet je je voorstellen dat een ouder als cadeautje een dure auto voor de basisschool laat parkeren. Buiten iedere proportie! Onvoorstelbaar! Dat vond ook Said. Zijn grootvader zou hem nooit op zijn woord geloven en daarom leende hij ongevraagd Hassans superhorloge om te laten zien wat ook eigenlijk zijn beloning zou moeten zijn. De diefstal wekt uiteraard grote beroering en pas aan het einde van de film kunnen de vrienden elkaar weer een hand geven.
Talebi is een vakkundig regisseur. De beeldvoering is sober en effectief en het spel van de kinderen is zeer authentiek. Juist omdat Talebi zijn vak verstaat, demonstreert hij met deze film ongewild hoe groot het formaat is van zijn collega en landgenoot Abbas Kiarostami. Kiarostami maakte zijn film Waar staat het huis van mijn vriend? (1987) in principe met dezelfde middelen en met een zeer verwant verhaal. Talebi maakte een aardige en onderhoudende film, maar Kiarostami maakte een fijnzinnig en zeer emotionerend meesterwerk. Zoals het helpt om films te zien van de minor poets van het neorealisme als De Sica om het belang van Rossellini volledig te waarderen en begrijpen, zo kan Talebi je een stap dichter bij Kiarostami brengen. En dat is geen geringe verdienste.
Ja, en dan nog even in niet-ironische zin over films die je gezien moet hebben. De nieuwe Kiarostami heeft na Cannes en alle belangrijke festivals van de wereld Nederland bereikt. Through the Olive Trees van Abbas Kiarostami moet je gezien hebben. Kiarostami is een van de allergrootste filmmakers van het moment. Waarom zou je het jezelf aandoen om dat mis te lopen?