Hiphop: Madlib

Diepe bassen

Toen hem ooit werd gevraagd hoe hij zichzelf nou eigenlijk beschouwde, antwoordde Madlib dat hij in de eerste plaats een dj was, in de tweede plaats een producer en ten slotte een rapper. Maar in essentie is hij het allemaal tegelijk – al twintig jaar brengt de Amerikaan een overrompelende stroom muziek uit, geënt op hiphop maar uitwaaierend naar de meest uiteenlopende genres. Hij maakte tientallen instrumentale platen die stevig leunden op electronica, rock of pop, vormde in z’n eentje de fictieve en uiterst productieve jazzband Yesterdays New Quintet, maakte platen namens zijn alter ego Quasi-moto (een stoere rapper met ironisch piepstemmetje) en was te midden van dit alles ook betrokken bij de geboorte van enkele hiphopklassiekers, zoals zijn samenwerking met de onlangs overleden MF Doom.

Wellicht komt deze opsomming van namen en activiteiten duizelingwekkend over. Maar hoe springerig Madlibs oeuvre van de buitenkant ook lijkt, zo helder is zijn werk zelf. Zijn nieuwste creatie heet Sound Ancestors en is een rijke en toch toegankelijke verzameling van instrumentale muziek. De grote kracht van Madlib is hoe vanzelfsprekend hij verschillende genres en samples husselt. Tegenwoordig combineert hij flarden reggae met klassiek, soul met folk, jazz met filmmuziek, en al die flarden worden gebonden door diepe bassen en ferme drums. Op zich is Madlib in deze aanpak geen unicum, iedere handige producer met een laptop kan vandaag de dag de meest gekke genres met elkaar verknopen. Maar toch voel je bij Madlib aan alles dat de aanpak geraffineerder is, zonder dat hij verzandt in esoterisch detailgepriegel – Sound Ancestors behoudt zelfs van begin tot einde iets spannends. Het vrijblijvende dat in eerder Madlib-werk weleens doorklonk, heeft hier plaatsgemaakt voor een nog compacter, strakker geluid, mogelijk deels doordat zijn goede vriend en electronicaproducer Four Tet – nog zo’n geweldige muzikant – zich nauw met het afwerken van de plaat heeft bemoeid.

Hoe verhoud je je tot je voorgeschiedenis? Dat is een vraag die veel muzikanten, zeker afkomstig uit de hiphopwereld, zichzelf al dan niet bewust stellen. Sommigen gaan expliciet aan de haal met werk van hun voorvaderen – vandaar het gretige samplegebruik onder rappers – terwijl anderen zich juist nadrukkelijk tegen het verleden afzetten. Eigenlijk doet Madlib beide op hetzelfde moment. Hij is een klassieke cratedigger die het liefst stapels vinyl doorploegt voor het perfecte onbekende sample en zich vervolgens, rappend en blowend, terugtrekt achter zijn laptop, zijn drumcomputer, zijn keyboard – knippen, plakken, combineren, verfijnen, steeds weer. Er spreekt een groot historisch respect uit de manier waarop hij al die verschillende flarden en tonen samenvoegt en ze zich vervolgens eigen maakt. Het resultaat: instrumentale muziek die geen moment overvol aanvoelt en die toch moeiteloos de aandacht vasthoudt. Nergens ga je verlangen naar gastrappers of zangers. Madlib kan het allemaal alleen.


Madlib, Sound Ancestors