Eraldo Baldini
Mal’aria
Uit het Italiaans (Mal’aria, 1998) vertaald door Aafke van der Made, Serena Libri, 153 blz., € 17, 95

De hoogste hand gelast een onderzoek ter plaatse als in 1925 een epidemie uitbreekt in de moerasgebieden van de Po-delta. Na de wet op ‘integrale drooglegging’ dreigt een prestigeproject van Mussolini’s regime te mislukken. Daarom moet de jonge inspecteur van de gezondheidsdienst, dokter Carlo Rambelli, op onderzoek uit; hij komt uit die buurt vandaan en kent de taal. Kort ervoor blijken er twee artsen gestorven. En overal heeft de leider van de fascistische militie de hand in.

Waar te beginnen in die wirwar? Het geld voor de malariabestrijding verdween in de zakken van ambtenaren en in de kas van het partijbureau. Voor de bevolking, werkzaam in de moerassen – ’s winters in het ijskoude water, ’s zomers te midden van de muggen in de hitte – is de malaria geen ziekte maar ‘anderendaagse koorts’: je moet toch ergens aan doodgaan. De Koorts noemen zij Borda, een bovennatuurlijk wezen. Ook van de angstige, bijgelovige en lethargische bevolking heeft de dokter niets te verwachten. Een reden om verder te zoeken is, behalve een dienstmeisje (dat via hem naar Rome wil, een wilde boskat die hem met haar ‘dierlijke elegantie’ van zijn stuk brengt) de dood van zeven kinderen die in Ravenna in een ziekenhuis gestorven zouden zijn. Ze blijken aan Borda geofferd te zijn – en daarna was de epidemie gestopt. In hetzelfde moeras waar zij in begraven zijn, wordt een jonge arbeider die een en ander wil vertellen door zwarthemden vermoord en vinden ten slotte ook de dokter en zijn geliefde een gewelddadig einde.

De schrijver heeft er, hoewel toch alles verzonnen is, zoals hij in een noot zegt, weinig aan gedaan de lezer te verrassen: het is allemaal dik hout. Als uitgeverij Serena met dit boek een serie macabere boeken heeft willen starten, ‘in het genre roman noir’, is dit een bot begin. Als niet de leeftijd van de auteur (1952) en de publicatie van het Italiaans (1998) vermeld waren, zou ik gedacht hebben een late loot van het naturalisme onder ogen te hebben gekregen. Nog vreemder is dat de auteur in de noot achteraf zegt dat juist in die streek, waar hij ook zelf vandaan komt, de moerassen wél werden drooggelegd en er geducht verzet was tegen het fascisme. Waarom heeft Baldini dan dit boek geschreven? Toch niet om de laatste zin van die noot: ‘Hoe dan ook, voor mij bestaat Borda echt.’ Zelfs Stephen King krijgt zo’n zin niet uit zijn pen.