Televisie

Dilemma’s en controverses

TELEVISIE Televisie kijken in Duitsland

De mensen van het Deutsche Historische Museum in Berlijn begrijpen niet waarom de Nederlandse tegenhanger niet in Amsterdam komt: hoe centraler de plek, hoe dichter bij andere cultuurtempels, des te beter. Zelf wonen ze geweldig: Unter den Linden, tegenover de opera, om de hoek van het Museuminsel en vlakbij Dom en het vergaand afgebroken asbest-Palast der Republik, waar het Slot zal herrijzen. Binnen is het op de vroege ochtend al vol: schoolklassen, zoals te verwachten. Maar ze blijken ook veel ‘losse’ jongeren te trekken en dat doet het lerarenhart goed: in de Rijksmuseumzalen voor Vaderlandse Geschiedenis waande de bezoeker zich alleen op de wereld. Dit is dan ook wel even wat anders qua collectie, opzet en, het is niet anders, geschiedenis en daaruit volgende urgentie.

Toch kies ik vanwege familieverleden voor de tijdelijke tentoonstelling Parteidiktatur und Alltag in der DDR in de nieuwbouw van I.M. Pei. Knappe expositie zonder triomfantalisme of verdoezeling. ‘Rijk’ door veelzijdigheid van onderwerpen – van de rode vaan van de arbeidsbrigade met ‘Wir arbeiten, lernen, leben sozialistisch’ tot hun metalen bierkrat dat voor de meeste leden meer voor waar gevoelde samenhang zorgde dan de wimpel; van de schermpet van president Wilhelm Pieck tot de tweekleurige damesschoen met sleehak, merk ‘fesch’ (zonder hoofdletter!) die vanaf 1970 werd geproduceerd – en ‘arm’ als weerspiegeling van de zware economische omstandigheden ‘drüben’. Niet alleen geldt hier ‘history is like a foreign country: they do things different there’, daar komt het communisme bovenop waarin ze dingen dubbel anders deden; maar toch roept het regelmatig ook de kleine historische sensatie op van herkenning – die schoen is duidelijk geïnspireerd door de werelden van Mary Quant en Jan Jansen want ook de ddr kon zich niet onttrekken aan een jongerencultuur.

In een brief verantwoordt een vrouw haar schenking aan het museum: ze was nooit partijlid, ze was jong bij ontstaan van de staat en gepensioneerd bij het verdwijnen – maar het was wel haar ‘Heimat’, haar leven waaraan niet alles slecht was en dat ze zich niet wil laten ontnemen. Er staat een ddr-tv-toestel uit 1953, merk Rembrandt, jawel – een soort vooroorlogse radio met piepklein beeldschermpje, louter voor kader leverbaar. Maar in 1960 werd al een miljoen kijkers bereikt en werd televisie het belangrijkste propaganda-instrument. Over het kijken naar de West-Duitse tv vertelt de expositie helaas niets.

Die middag vaar ik over de Spree en wijst de gids op de strepen zonlicht in het glas van het restaurant in de Fernsehturm, Alexanderplatz. Inderdaad in kruisvorm. ‘Die Rache des Papstes’ werd het spottend genoemd, tot ongenoegen van ddr-autoriteiten. De toren zelf heette ook wel ‘Sankt Walter’, naar Ullbricht. Ze wijst ook op de gouden koepel van de Neue Synagoge die in de Kristallnacht in vlammen opging. De koepel is hersteld, de synagoge alleen nog plaats van herinnering. Die zou nu trouwens veel te groot zijn. Die avond zie ik in mijn hotelkamer op tv prompt de synagogekoepel branden. Want in dit land wordt indrukwekkend vaak rekening en verantwoording afgelegd, hoe omstreden dat soms ook is geworden – en niet alleen bij enge lieden.

Lees vooral het prachtige Boze geesten van Berlijn van Philippe Remarque, dat via een aantal monumenten, gebouwen en wijken de Duitse dilemma’s en controverses laat zien en voelen. Geweldige stad. De tentoonstelling loopt tot 29 juli.