Disney is overal

Kan het publieke domein gesponsord worden? Ja, dat kan, en wel het beste door Disney Corporation. Op Times Square in New York is al een begin gemaakt. En zelfs de architectuur doet mee met de disneylandisering van het dagelijks leven. ..LE DE DISNEY-IDEOLOGIE van Duckstad is inmiddels in het vierde stadium van haar historische ontwikkeling gekomen. Eerst was er Disneyland, een klassiek sprookjesland voor kinderen onder begeleiding van liefhebbende ouders. Toen kwam Disneyworld, een totaalpretpark voor alle leeftijden, maar nog altijd afgezonderd van de echte wereld. De volgende stap in de infiltratie van de dagelijkse leefwereld was het opzetten van eigen stadjes. Bewaakt door geuniformeerde veiligheidsbeambten en de alomtegenwoordige camera, kun je hier de traditionele gemeenschapswaarden tegen de achtergrond van klassieke architectuur kopen. Dat concept sloeg enorm aan. Overal ter wereld worden sociaal geheel geklimatologiseerde enclaves ingericht, waar men tegen forse betaling ineens voor het leven zijn belastingplicht kan afkopen.

Maar ook deze reservaten van rust en orde lijken alweer achterhaald te zijn. De nieuwste variant van kolonisatie betreft het opkopen of sponsoren van de oude publieke ruimte van de bestaande stad. De doelgroep voor maatschappelijke afzondering is te klein om te blijven renderen, daarom probeert Disney een onvermijdelijke dimensie van ons bestaan te worden. Zoiets als liefde, dood, wanhoop, geluk, seks en Disney.
HET GAAT EIGENLIJK nog een stapje verder: er komt disneyliefde, disneydood, disneywanhoop, disneygeluk en disneyseks. Seks? Ja, betaalde seks. De proliferatie van Disney in het publieke domein door middel van sponsoring begint zelfs met seks. Wie na een paar jaar afwezigheid weer eens Times Square in New York bezoekt, zal veel beelden herkennen. Als vanouds de lichtreclames en het verkeer. Maar er ontbreekt van alles. Verdwenen zijn de vele zwervers in hun kartonnen huizen in de portieken van de elektronicazaken annex tapijthallen. Sterker nog, deze zaken, gerund door onnavolgbare prijsonderhandelaars uit alle windstreken, zijn zelf gedecimeerd. Weg zijn ook de daklozen met hun plastic zakken vol lege bierblikjes die zij vijf cents in het kader van de operatie We Can kunnen inleveren bij de gemeente. De trottoirs lijken, verdomd als het niet waar is, wel schoon!
En voor wie 42nd Street op loopt, is de metamorfose nog fantastischer. Was dit niet het domein van hoeren en hun pooiers, van peepshows en agressieve ticketverkopers? Dit was toch het voorgeborchte van de hel, de straat der zonde, waar je typen la Robert de Niro en Harvey Keitel kon tegenkomen?
Wel, die typen kom je er nu ook nog tegen, maar ditmaal in functie als acteur. 42nd Street is deels opgekocht, deels gesponsord door Disney als erotisch themapark. Zelfs de zonde is hier gereguleerd in een geraffineerde beeldpolitiek. De onhandelbaren zijn verwijderd, terwijl het met de grote seksbazen uitstekend bleek zakendoen. Maar al te graag hebben zij zich geschikt in de exploitatieregels die Disney en burgemeester Giuliani voor ze hebben opgesteld. Overspel, fetisjismen, travestie, het kan allemaal volgens het keurmerk van Don’t worry, be Disney.
En nu maar afwachten op welk volgend monument van delirische stedelijkheid Disney zijn oog zal laten vallen. Place Pigalle, Piccadilly Circus, of maar meteen de hele Amsterdamse binnenstad. Dat zou goed kunnen, want daar oefenen ze ook al druk in zero tolerance.
HET FENOMEEN Disney staat voor iets veel groters dan deze toch niet onaanzienlijke edutainment gigant. 42nd Street is maar een detail. Het gaat om niet minder dan de wereldwijde mise-en-scŠne van het Totale Genieten. Walt Disney zelf schijnt nog steeds in de vriescel te wachten op wedergeboorte, maar zijn idee‰n blijken het veel beter te doen in de gekloonde reproductie.
Het mag ironisch heten, maar Disneys maakbaarheid leeft als nooit tevoren. Het ontkrachten van het overspannen idee dat maatschappelijk ingrijpen van overheidswege op grote schaal mogelijk was, heeft ruimte geschapen voor de makers die gewoon aan de slag gaan en met reuzensprongen vorderingen maken met de vervolmaking van hun droomwereld. Terwijl de utopie als filosofisch idee heeft afgedaan, krijgt haar realisering nu pas echt vleugels. Een en ander kost ongeveer vijfhonderd gulden per vierkante meter. Voor Times Square heb je dan Disney als sponsor nodig, maar elders is de aanpak van de lokale winkeliersvereniging al voldoende.
In de aldus gerealiseerde utopie heerst het opperste geluk. De mensen hebben hun nagestreefde doelen bereikt, de wereld is af. Aan alle behoeften wordt voldaan, verlangens zijn vervuld. In dit Luilekkerland heerst rust en tevredenheid. In het postideologische tijdperk waarin wij leven blijken miljoenen mensen die rust en tevredenheid gewoon te kunnen afdwingen. En dat doen ze ook.
DE MIDDELEN waarmee zij dat doen zijn velerlei. De massamedia, die zorgen voor een constante stroom van ellende waar je gelukkig zelf niet bij bent; Teletekst en Internet, waarmee je al je tijd kunt stukslaan; de farmaceutische industrie, die met behulp van middelen als Prozac of MDMA gematigd of extatisch geluk op bestelling kan leveren; de plastische chirurgie die je kan afhelpen van frustrerende lichamelijke problemen; de beautyfarms en andere verwencentra die… - de lijst is schier eindeloos. Vanaf het sociale middenklasseniveau is geluk een kwestie van de afstandbediening en de Gouden Gids.
En van architectuur en stedelijke inrichting natuurlijk. Deze disciplines zouden zich maatschappelijk diskwalificeren indien zij zich niet rap zou aanpassen aan de cultuur van gemak en comfort. In feite heeft zij met haar functionalistische uitstraling al opmerkelijk lang gedraald de tekenen des tijds te verstaan. Maar nu breekt het besef door dat ook architectuur, zelfs architectuur, er het beste aan doet diepe collectieve verlangens te bevredigen in plaats van deze te frustreren of te ‘problematiseren’.
En daarom is er nu een architectuur in opkomst die pontificaal n¡et avantgardistisch wil zijn. Juist niet. In plaats van het aloude Çpater le bourgeois, moet die burger nu juist gestreeld worden. In plaats van architectuur als maatschappelijke probleemstelling wordt architectuur een consumptiegoed als elk ander. In plaats van flatneurose komt de beeldenroes; in plaats van licht, lucht en zon komt een overdekte, klimatologisch geheel gecontroleerde megastore. In plaats van Spartaanse ascese komt de onbekommerde figuratie uit de bouwcatalogus. In plaats van verkrachtingen en berovingen in tochtige galerijen komt een videobewaakte eros-boulevard. De spreekwoordelijke mensenhaat van de architectuur is voorbij; ze doet eindelijk weer wat mensen willen.