De spelers van Iran zingen onder druk van hun regime het volkslied voorafgaand aan de wedstrijd tegen Wales. Doha, Qatar, 25 november © Matthias Hangst / Getty Images

Het is maandag 21 november, vier minuten voor de aftrap in het Khalifa Stadium in Doha. Als de laatste klanken van God Save the King uitsterven, is de spanning voelbaar. Na een korte stilte volgen de eerste klanken van het volkslied van Iran. Het is alsof de wereld even de adem inhoudt. Want terwijl de camera routineus langs de hoofden gaat van Sardar Azmoun, Mehdi Taremi, Ali Karimi en de andere Iraanse internationals, gebeurt er niets. Of beter gezegd: er gebeurt iets heel bijzonders. Want de lippen blijven op elkaar. Er wordt niet meegezongen. De blikken zijn ernstig. Op de tribunes houden Iraanse fans protestborden omhoog met de tekst: ‘Women, Life, Freedom’ – de woorden van de Iraanse protesten.

Nooit eerder is het vertoond, Iraanse spelers die demonstratief weigeren het volkslied mee te zingen. De Iraanse staatstelevisie grijpt geschrokken in en schakelt weg bij de zwijgende spelers. Een nietszeggend beeld van het stadion volgt. Het is een van de pijnlijkste publieke momenten voor het Iraanse regime sinds de protesten uitbraken in september.

Bijna vanaf het begin spreken ook sporters zich al dan niet in verdekte termen uit over de demonstraties tegen het regime van de ayatollahs na de dood van de 22-jarige Mahsa Amini na haar aanhouding door de zedenpolitie. Wandklimster Elnaz Rekabi werd een heldin nadat ze zonder hoofddoek meedeed aan een wedstrijd in Seoel. Haar paardenstaart leidde onder de demonstranten tot euforie op sociale media. Ze verdween echter een paar dagen van de radar. Mogelijk geïntimideerd door het regime verklaarde ze bij thuiskomst dat het een vergissing was. Toch blijft Rekabi voor velen een heldin.

Een dergelijke moed en openlijke sympathie verwachten de protesterende Iraniërs ook van het nationale voetbalteam, dat immens populair is in Iran en liefkozend Team Melli wordt genoemd. Want juist op het WK kijkt de hele wereld mee. Het wereldkampioenschap wordt opeens een lakmoesproef, die veel verder gaat dan 2-0 of een bal op de lat.

Het regime zelf voert een balanceer-act uit. Hoe kunnen zij ervoor zorgen dat het nationale team geen uithangbord wordt van de demonstranten? In Iran zijn sporters helden. En de spelers van Team Melli zijn verreweg de belangrijkste sporters van Iran. Kan het regime de selectie in de pas laten lopen?

De demonstranten daarentegen beschouwen het WK als een uitgelezen kans om het regime op een internationaal podium voor schut te zetten. Op het veld verwachten zij steun van het team. Op de tribunes kunnen zij borden met teksten tonen en leuzen scanderen, zoals de laatste maanden onophoudelijk gebeurde in alle Iraanse steden.

De spelers zelf zitten in een netelige situatie. Enkele weken voor het toernooi wil een deel van de demonstranten dat de spelers het WK boycotten. Dat ze niet moeten willen spelen voor de glorie van het Iraanse regime. Op Instagram worden de spelers opgeroepen thuis te blijven, met dagelijks zoveel doden en opgepakte mensen. Een standpunt zonder precedent in het voetbalgekke Iran.

De eerste slag was voor het regime. Want vlak voor het vertrek naar Qatar lekten foto’s uit waarop het nationale team poseert met de sportminister. Instagram ontploft. Zie je wel, Team Melli wordt gebruikt als uithangbord van het regime, betogen demonstranten. Voor het eerst in de geschiedenis van Iran verschijnen filmpjes online van brandende vlaggen met de afbeeldingen van de spelers. De bevolking voelt zich in de steek gelaten door de voetballers.

Agil Etemadi volgt de ontwikkelingen op de voet. De Iraniër is keeper en kent het Iraanse voetbal door en door. Hoewel hij bij Almere City speelt, heeft hij veel contact met spelers in de Iraanse selectie. Het is bij insiders bekend dat de overgrote meerderheid van de selectie sympathiseert met de demonstranten en slechts enkele spelers sympathie koesteren voor het regime. Etemadi: ‘Ik was zo benieuwd naar alles rond die eerste wedstrijd. En wat er zou gebeuren. Ook alles eromheen.’

Ook Reza Ghoochannejhad, oud-international van Iran (hij scoorde zelfs voor Iran op het WK van 2014) en oud-speler van onder meer AZ, heeft nauw contact met spelers in de selectie. Beiden noemen geen namen om de spelers niet in gevaar te brengen. Ook Ghoochannejhad keek met spanning uit naar het begin van het WK. ‘Je weet gewoon dat die spelers onder druk zijn gezet door het regime. Hoe pakt dat uit?’

Al tijdens de persconferentie, altijd een dag voor de wedstrijd, zitten ze op het puntje van hun stoel. En dan gebeurt het. Voor tientallen draaiende camera’s spreekt aanvoerder Ehsan Hajsafi openlijk steun uit aan de demonstranten: ‘In de naam van de god van de regenbogen wil ik mijn condoleances uitspreken tegen alle rouwende families in Iran. We willen dat zij weten dat we met hen zijn en aan hun kant staan. En dat we hun pijn delen.’ Met de zin over ‘de god van de regenbogen’ citeert Hajsafi de vermoorde tienjarige Kian Pirfalak. Duidelijker kan Team Melli zich niet uitspreken. Het statement roept wereldwijd bewondering op. Belangrijker wellicht: de sympathie in Iran verschuift. De demonstranten voelen zich gesteund. Opeens is de teneur: het is goed dat Team Melli erbij is. Want dan kunnen ze zich ook uitspreken over de misstanden.

Als de volgende dag de spelers tijdens het volkslied zwijgen, zijn zelfs de sterkste criticasters overtuigd. Team Melli wordt weer omarmd en bewonderd door het volk. ‘Ik was ook boos dat ze zich lieten fotograferen met de sportminister’, zegt Agil Etemadi. ‘Maar nu weet ik zeker dat het een truc van het regime was om ons, als bevolking, op te zetten tegen het team.’

‘Qatar wil het Iraanse regime te vriend houden.’ En de Fifa kijkt weer weg

Dat de wedstrijd tegen Engeland met 6-2 verloren gaat, is een voetnoot. Er spelen grotere zaken. Zeker op de regeringsburelen. Zwijgen bij het volkslied. Een vermoorde jongen citeren in een persmoment. Iran is te schande gezet. Voor het oog van de wereld. In Teheran is het crisis. Het regime moet iets doen. Er volgen nog minimaal twee wedstrijden van Iran op het WK. Het regime grijpt in. Voor zover zo kort na het gebeuren te analyseren valt doet het regime dat op verschillende manieren.

Op donderdag 24 november pakt het regime Voria Ghafouri op in Teheran. Hij hoorde bij de WK-selectie, maar viel vlak voor aanvang van het toernooi af. Ghafouri is een van de bekendste voetballers van Iran. Op Instagram had hij gepost: ‘Stop met het vermoorden van de Koerdische Iraniërs.’ De officiële aanklacht tegen hem is ‘propaganda tegen het Iraanse regime’.

‘Het is zeer uitzonderlijk om zo’n beroemde voetballer op te pakken’, zegt Etemadi. ‘Ook de timing is opvallend. Het is overduidelijk dat dit effect moest hebben op de spelers die op het WK zijn. De boodschap was onmiskenbaar. Dit kan jullie ook overkomen. Pure intimidatie. Juist ook omdat Ghafouri een van de jongens is en spelers rechtstreeks contact met hem hadden.’

Diezelfde dag gebeurt er nog iets. In het Al Rayyan Hotel in Doha, waar de Iraanse selectie tijdens het WK verblijft, verschijnen vier ongenode gasten. Het blijken functionarissen van het Iraanse regime. Ze melden zich bij de receptie voor een onderhoud met de spelersraad. En wel meteen. Geen ontkomen aan. Het is de avond voor de tweede WK-wedstrijd, tegen Wales.

De spelersraad bestaat uit vijf spelers die namens het team optreden. In een glimmend zaaltje zitten de negen mannen bij elkaar. Vijf spelers en vier vertegenwoordigers van het regime. De functionarissen laten geen twijfel bestaan over hun bedoelingen. De toon is commanderend. Etemadi hoorde dit rechtstreeks van oud-teamgenoten in het nationale team, Ghoochannejhad van zijn contacten ‘rond het team’.

De mannen van het regime waren overduidelijk in hun orders aan de spelers. Etemadi: ‘Ze zeiden: “Bij de volgende wedstrijd tegen Wales zingen jullie het volkslied mee. Daar gaan we van uit.”’ Ook hun familie werd erbij gehaald. ‘Ze zeiden tegen de spelersraad: “We weten waar jullie kinderen naar school gaan.” Kijk, als het om je eigen gezondheid gaat, dan kun je nog kiezen. Maar als ze naar je kinderen gaan wijzen, dat is natuurlijk gekmakend.’ Ook waarschuwden de functionarissen voor de tijd na hun voetbalcarrière. ‘Pure intimidatie. Want zolang je bekend bent als voetballer, heb je een zekere bescherming. Maar daarna…’

De derde maatregel van het regime is het organiseren van tegengeluid rond het stadion. Tegen Engeland kregen fans nog ruim baan met hun leus ‘Women, Life, Freedom’. Rond het tweede duel, tegen Wales, lopen honderden pro-Iran-supporters rond het stadion. Ze overschreeuwen demonstranten bij interviews of vallen ze daarna lastig. ‘Die mensen zijn betaald om daarnaartoe te komen en zich zo te gedragen’, zegt Etemadi. Op Instagram gaan filmpjes rond van Iraniërs die hun shirtjes met leuzen en spandoeken niet mee mogen nemen de stadions in. ‘Qatar houdt het gewoon tegen. Ze willen het Iraanse regime te vriend houden.’ En de Fifa kijkt weer eens de andere kant op.

De intimidatie werkt. Althans, tegen Wales zingen de spelers weer mee, zij het mompelend en murmelend, en duidelijk met tegenzin. Maar ze zingen. Het regime heeft deze slag gewonnen.

De wedstrijd tegen Wales wordt op de valreep gewonnen door Iran: 2-0, door twee late goals. Bij beide doelpunten juichen de spelers uitbundig. Op de tribune krijgen tranen de vrije loop bij supporters van Iran. Ghoochannejhad was minder euforisch. ‘Ik heb moeite met het zo uitbundig juichen. Het had van mij wel wat meer ingetogen gemogen. Dat had ik passender gevonden.’ Etemadi deelt die mening. ‘Ik had het liever wat ingetogener gezien. Je denkt toch: er worden elke dag veertig mensen vermoord.’ Maar hij relativeert dat meteen. ‘Het is voor mij zo makkelijk om daar als buitenstaander iets van te vinden. In heb een Nederlands paspoort. Ik hoef, als ik niet wil, niet meer naar Iran.’

Hij zag topspits Sardar Azmoun juichen. ‘Ik weet dat zijn sympathie bij de demonstranten ligt, en toch ging hij helemaal uit zijn dak. Dus ja, wie ben ik om daar iets van te vinden. Deze spelers moeten straks nog terug naar Iran. Ze staan door dat hele WK natuurlijk onder hoogspanning. In dat krachtenveld moeten ze positie kiezen, met gevaar voor hun leven, hun familie, hun kinderen. Ga er maar aanstaan.’

Tijdens Portugal tegen Uruguay rent plots een demonstrant het veld op. In zijn hand houdt hij een regenboogvlag en op zijn borst staat ‘Save Ukraine’. Op zijn rug prijken de woorden ‘Respect for Iranian Woman’. De Fifa houdt hem angstvallig uit beeld, maar de Nederlandse tv-commentator Arno Vermeulen benoemt het voorval meteen. En de sociale media doen hun werk. En zo verschijnt de actie wereldwijd op ieders smartphone.

De demonstrant wordt een paar uur later vrijgelaten, Qatar kan zich geen andere opstelling permitteren, maar hij mag geen duel meer bezoeken. Etemadi is onder de indruk. ‘Een grote held. Hij weet niet hoe het afloopt. Zeker niet in Qatar. En rent het veld in. Voor drie belangrijke kwesties. En dan zit onze minister met een armzalig speldje op de tribune. Tja.’

Een dag later worden bij het duel met de Verenigde Staten spandoeken geweerd, het volkslied wordt mee gemurmeld. De ploeg lijkt leeggespeeld en futloos. Iran verliest en moet het toernooi verlaten. Geen achtste finale tegen Nederland. De spelers keren huiswaarts. ‘Je weet het nooit, maar ik denk dat de intimidatie van het regime naar de spelers nu zal stoppen’, zegt Etemadi. ‘Maar let wel: dat komt doordat de hele wereld nu nog meekijkt.’