H.J.A. Hofland

Doctrine in aanbouw

Er is een nieuwe Bush-doctrine in ontwikkeling: de doctrine van de preventieve aanval. Dat is een principiële verandering die de hele wereld en vooral de Navo, dus ook Nederland, aangaat. De eerste duidelijke aanwijzing is te vinden in het Nuclear Posture Review, het geheime document van het Pentagon dat een paar maanden geleden uitlekte. De hoofdzaak van dit nieuwe militaire denken is dat er behoefte wordt gevoeld aan nieuwe wapens, ook kernwapens, waarmee terroristische hoofdkwartieren kunnen worden opgeblazen. Toen hield de president zijn rede voor de cadetten van West Point waarin hij vertelde dat de internationale terroristen zich niet alleen in de As van het Kwaad, maar misschien wel in zestig landen verborgen hielden.

Intussen heeft minister van Defensie Rumsfeld in Brussel de bondgenoten uitgelegd hoe de tijden na de Koude Oorlog zijn veranderd. De nauwelijks verhulde essentie is dat Europa er rekening mee moet houden dat de Amerikanen, bij gebleken dreiging, zonder consultatie de eerste klap zullen uitdelen, desnoods met kernwapens. Aldus in korte trekken deze nieuwe Bush-doctrine in aanbouw. Het is een wereld probleem met drie hoofdstukken.

Na wat er op 11 september is gebeurd, valt logischer- en menselijkerwijs iets voor de preventieve aanval te zeggen. Elk land zou wel gek zijn zich zo’n ramp te laten overkomen, bij de wetenschap dat er ook maar de geringste mogelijkheid bestond om preventief op te treden. Maar het gaat niet om dit simpele principe. Het gaat om een complex: de omstandigheden en overwegingen die aan het besluit voorafgaan, de uitvoering en de gevolgen.

Ten eerste. Het wordt in Europa altijd onderschat. Sinds de elfde september zijn de Amerikaanse regering en de media vrijwel onafgebroken bezig het publiek in de hoogste staat van paraatheid te houden. Het is begonnen bij het nog niet opgeloste mysterie van de miltvuurbrieven. Toen hebben we de man met de schoenbom gehad, en de man met de vuile bom. Deze week de jongste berichten over de gezondheid van Osama bin Laden (hij maakt het goed, bereidt nieuwe acties voor). Door een lange reeks alarmmeldingen heerst permanent, met ups and downs, de mobilisatiestemming. «Het belangrijkste voor de terrorist is niet hoeveel mensen hij doodt maar hoeveel hij er bang maakt», schreef The Economist (15 juni).

Ten tweede. Terwijl de staat van paraatheid nog altijd toeneemt, blijken de inlichtingendiensten laks te zijn geweest en elkaar voor de voeten te hebben gelopen. Dus, vanzelfsprekend, is er een grote reorganisatie ophanden. Die moet nog beginnen. Of intussen de kwaliteit van de informatie al is verbeterd, weten we niet. Wel weet iedereen uit eigen ervaring dat er een psychologische verhouding is tussen besef van gevaar en actie. Hoe groter het vermoede gevaar, hoe sneller de bereidheid tot de daad. En hoe groter de angst voor gevaar, hoe groter de neiging om het waarheidsgehalte van een vermoeden te overschatten. Klassiek is het voorbeeld van de Franse boer, die na een inbraak zich dat niet de tweede keer zou laten overkomen, en voor alle zekerheid de hem nog onbekende verloofde van zijn dochter doodknuppelde toen die bij zijn beminde aan het raam klopte.

Ten derde. De verleiding tot actie wordt groter naarmate het resultaat daarvan verder tot het absolute nadert, terwijl de partij die de actie onderneemt geringere risico’s loopt. In deze richting ontwikkelt zich al veel langer de geautomatiseerde oorlog, van de Golfoorlog, via Kosovo tot Af ghanistan. De techniek van de massale vernietiging en precisievernietiging op afstand vordert met reuzenschreden. (Mooi overzicht in de New York Times, 16 april, A Revolution in Warfare).

Politici zullen de Bush-doctrine in aanbouw beschouwen als een politiek gegeven. Wiskundigen kunnen er inspiratie uit putten voor het opstellen van een formule of een grafische voorstelling met drie onderling afhankelijke variabelen: mate van angst, betrouwbaarheid van informatie, zekerheid van doeltreffend handelen. Bij stijgende angst en grotere zekerheid over het resultaat van het handelen neemt het belang van betrouwbare informatie af.

En een bijverschijnsel voor de handelende is dat wat we tegenwoordig fall-out en collateral damage noemen, dan van ondergeschikt belang worden.

Daarom is de Bush-doctrine in aanbouw een wereldvraagstuk. Want het is niet uitgesloten dat het directe voordeel van het handelen in het niet valt bij het duurzame nadeel van de collateral damage.