Dode dieren

Rond de jaarwisseling beheersten één nijlpaard en 27 wolven de media. Een dag nadat ik een oproep had gedaan aan Afrikaanse dierenartsen hierheen te komen om nijlpaard Tanja te redden, kreeg ze een grote spuit. Op Eerste Kerstdag was dat, in alle vroegte. Tanja had een huidziekte waar op zich wel iets aan te doen was, maar de behandeling sloeg niet aan. Ze is 49 jaar geworden. De hoeveelheid uitingen van verdriet onder het Artis-publiek was zo groot dat een hek voor het lege waterbassin gezet werd, waar tekeningen en condoleances aan opgehangen werden. Voor het hek nog veel meer tekeningen, bossen bloemen en kaarsjes. De directie heeft besloten het dier op te zetten. Met andijvie, grapte iemand, niet stro. Toen ik er was om mijn deelneming te betuigen, ging een deur open waar een verzorgster met betraand gelaat uit kwam en zelfs de luidruchtige gorilla’s hielden zich uit piëteit koest. Ik had een goeie band met Tanja, dat kwam door een kadetje met kaas dat iemand eens over de glazen afscheiding rondom haar buitenbassin gooide. Tanja ving het op en keek mij per abuis aan tijdens het wegslokken ervan, misschien omdat ik ‘Taaanjaaa’ kweelde. Dat heeft ze altijd onthouden.
En dan de afschietkwestie. Terwijl in meerdere landen plannen gesmeed worden wolven opnieuw uit te zetten, en wij in afwachting zijn van uit Duitsland oprukkende dieren, vond de Zweedse overheid, onder druk van boze boeren, dat een aantal van 250 te gek werd. Daarom besloot de overheid dat er 27 afgeschoten moesten worden, en daarvoor kregen maar liefst elfduizend Zweden een tijdelijke jachtvergunning. Nog even los van het feit dat die beesten ook gevangen, verdoofd en naar Nederland vervoerd hadden kunnen worden, waar ze op de Veluwe een overschot aan damherten en everzwijnen hadden kunnen opruimen, liet het volgende rekenkundige probleem mij niet los: er zijn 250 wolven. Er worden er 27 doodgeschoten. Hoeveel minder rendieren, kalfjes of lammetjes verschalken de overgebleven 223 wolven?