Boeken op komst

Dol op het dier

Andrej Platonov, Tsjevengoer.€ 24,90

Ik kijk uit naar de roman Tsjevengoer van Andrej Platonov (Atlas), voorzover je tenminste kunt uitkijken naar een boek dat je al gelezen hebt. Twintig jaar geleden waren er vijf of zes boeken van Platonov in het Nederlands verkrijgbaar, nu niet een - Tsjevengoer, geschreven in 1927-1928, is zijn meesterproef. De auteur, van proletarische komaf, was tijdens de Russische Revolutie machinist op een pantsertrein van de bolsjewieken, maar al snel sloeg de twijfel over de gewelddadige omwenteling toe. Die twijfel heeft hij in deze wonderlijke, in droge poëtische taal geschreven satire op de communistische heilstaat verwoord. Aan mijn editie van 1988 hebben uitgever (Meulenhoff) en vertaler (Lourens Reedijk), toen het in Rusland tot dan nooit integraal verschenen boek al gedrukt was, een los katern toegevoegd; dat alleen maakt aanschaf van de nieuwe, complete editie van dit overrompelende boek al de moeite waard.
Benieuwd ben ik naar De leerschool van het lijden van Carlo Emilio Gadda. Eerder verscheen bij Athenaeum-Polak & Van Gennep Die gore klerezooi in de Via Merulana (1957), eveneens in een vertaling van Frans Denissen. Gadda geldt als virtuoos taalkunstenaar aan wie een hele generatie Italiaanse auteurs schatplichtig is, maar ik beken: ik kwam er niet doorheen. De roman begint als een detective maar waaiert vervolgens alle kanten uit, te gewild, te ongeconcentreerd. Of lag het aan mij? Een nieuw boek, een nieuwe kans - voor mezelf, allereerst.
Met meer dan gemiddelde belangstelling kijk ik uit naar Dier, bovendier (Atlas) van Frank Westerman (die in Ingenieurs van de ziel, 2003, een lans brak voor Andrej Platonov). Blijkens de voorpubliciteit betreft het ditmaal een soort familiekroniek van vier generaties lippizaners, afstammelingen van een paard dat in 1767 in Napels werd geboren. Aan de hand daarvan trekt de altijd zeer goed gedocumenteerde Westerman sporen door de wereld van de machthebbers (Mussolini, Haile Selassie, Hitler, Ceausescu, Reagan), want die waren allemaal dol op het dier.
Benieuwd ben ik tot slot naar: Carel Peeters ‘over populaire cultuur’ in Genieten voor miljoenen (De Harmonie), essays en poëzie van Huub Beurskens (Meulenhoff), proza en poëzie van Bernlef (Querido), poëzie van Anneke Brassinga (De Bezige Bij) en Stefan Hertmans (De Bezige Bij), die ik ondanks de mislukte, al te modieuze roman Harder dan sneeuw (2004) tot de interessantste en origineelste auteurs van ons taalgebied reken.