Dominee van dis

Sommige tradities moeten zo snel mogelijk de kop ingedrukt worden. Je moet er toch niet aan denken dat mensen weer gaan schrijven op de wijze van Godfried Bomans, of dat de erotische po‰zie van Bertus Aafjes een glorieuze comeback zou maken (De Terugkeer van de Purperen Kardinaal). Daarom mogen we geen seconde meer verliezen: we moeten n£ de nieuwe generatie dominee-dichters aborteren, voor zij heengaan en zich vermenigvuldigen.

Het is herbegonnen met de stichtelijke rijmelarij van Freek de Jonge, die in zijn momenten van diepste wanhoop (vier uur in de ochtend en n¢g geen column voor morgen) steevast aan het rijmen slaat. De volgende dag staat in Het Parool het zwakbegaafde bastaardkindje van Hi‰ronymus van Alphen en Willy Alfredo.
Ware het daarbij gebleven, dan ware er nog niets aan de hand, maar afgelopen weekend is de volgende rijmeldominee opgestaan. Adriaan van Dis schreef in de Volkskrant een vlammende oproep aan de minister-president, op rijm. Met als uitgangspunt Gorters Mei dichtte hij een ongenadig po‰em over de arrogantie van de macht. Of, zoals hij het zelf noemde, een ‘Pleidooi dat oproept tot verbeeldingskracht/ Ruim baan voor het beklemde nageslacht’. Ik wil u best bekennen dat mijn nageslacht akelig beklemd aanvoelde bij de regels: 'EÇnvijfde van de wereldpopulatie/ vreet viervijfde van de energie’. Behalve dat 'populatie’ met de beste wil van de wereld niet rijmt op 'energie’: is dit niet de bloedige waarheid? Wat maakt het uit dat Sinterklaas als een propeller in zijn graf ligt te tollen? Als het om het lot van onze wereld gaat mag Adriaan best schrijven: 'Wat had u dan verwacht?/ Zij die niets anders hadden dan een mooie sterrennacht/ Willen baden in het licht’.
Fuck de po‰zie, het gaat om de boodschap. De wereld brandt aan alle kant! Luistert, zondaars: 'Wie nu niet solidair is zal het eerst verrekken/ Wie nu niet deelt, heeft straks niks te verdelen,/ Dan kan het de armen nog minder schelen/ Of de aarde wegrot en de steden/ tot gore vuilnisbelt geworden.’
Grote God.
Ik weet niet hoe u zich Armageddon voorstelt, lezers, maar ikzelf had wel een beetje gehoopt op engelen met bazuinen, en niet op een ventje met een kazoo die ons naar het Laatste Oordeel roept.
Nu heb ik wel iets beters te doen dan Adriaan van Dis aan het kruis nagelen omdat hij geen benul heeft van gedichten maar ze toch schrijft. Zonde van de spijkers. Dat zijn po‰zie een smaak in de mond achterlaat of je net een bord vol ouwel hebt gegeten, ach. Dat zijn miswijn smaakt naar de urine van moeder-overste na een copieuze aspergemaaltijd, och. Maar wat blijkt de werkelijke boodschap van dominee Van Dis? 'Ik wijs u op de allerarmste landen/ Attendeer op de wereldbranden/ Waarvan de as op onze akkers slaat/ En die ook ¢ns het goede leven schaadt.’ Hier komt de gorilla uit de mouw: ¢ns goede leven dreigt geschaad te worden. Help! Brand! Moeder!
Je zou ervan gaan terugverlangen naar een Çchte dominee, een man als Nicolaas Beets. Een profeet, die Van Dis al zag aankomen toen hij Rijmelarij schreef: 'Zo schaart, wanneer de wijde mond/ Eens luiaards opengaat,/ Die, van de wijs en uit de maat,/ Langs gracht en straat/ Zijn jammerdeunen horen laat,/ De domme volkshoop zich in ’t rond,/ En ieder staat/ Genageld aan de grond.’