Dominees-rap

Rappers spuwen niet per definitie stoere ‘gangsta’-teksten door de microfoon. Er zijn ook politieagenten, aids-voorlichters en feministische meiden die via rap hun boodschap de wereld in sturen. En ze maken nog bestsellers ook.
DAT RAP-MUZIEK dè manier is om een boodschap over te brengen, werd nog eens ondubbelzinnig bevestigd toen begin jaren negentig drie politieagenten in Chigaco besloten met een mobiele geluidsset de wijk Cabrini-Green in te trekken.

Het werd een hit: niet alleen maakten de Slick Boys zich populair bij gettobewoners van jong tot oud, hun optredens resulteerden eveneens in cd’s en video’s. Van politieagenten veranderde het drietal in welzijnswerkers die al rappend scholen, gevangenissen en jeugdcentra afreisden. Eindelijk werd er naar ze geluisterd, aldus agent James Martin. ‘We spreken de taal van de straat en die begrijpen ze. Rap is young America’s CNN, they don’t listen to the news.’
De grootste vijand van de rappende cops zijn de zogenaamde gangsta-rappers, naar wie de kinderen even gefascineerd luisteren - de gewelddadige jeugdbendes zijn intussen het grootste probleem in de Amerikaanse zwarte wijken. Sterren als Tupac Shakur, die onlangs zelf om het leven kwam bij een schietpartij tussen rivaliserende bendes, en Snoop Doggy Dogg, die recentelijk na een langdurig proces werd vrijgesproken van de beschuldiging van moord, prediken een leven vol geld, macht en vrouwen. In deze volkomen nihilistische wereld - die wordt bevolkt door holes en bitches en waarin een gangbang een leuk verzetje is - is geweld stoer. 'What’s my motherfucking name?’ rapt Snoop Doggy Dogg tegen zijn omstanders. 'Seria Killer’, antwoorden ze met een huivering van angst en bewondering.
Op zijn cd Doggystyl speelde Snoop Doggy Dogg bewust in op de aantrekkingskracht die hij op kinderen heeft. In het intro voor het nummer 'GZ and Hustlas’, dat als zoveel rapnummers als een soort toneelstukje is opgezet, vraagt een leraar aan zijn leerlingen wat ze later willen worden. Brandweerman, piloot, luiden de klassieke antwoorden. Zoniet Snoop jr. 'Im gonna be a motherfucking hustla’, waarschuwt hij zijn klasgenootjes.
Op zijn nieuwe cd Tha Doggfather doet de rap-ster echter een stapje terug. Hij begint weliswaar met de mededeling dat de cd is opgedragen aan iedereen die beweert dat gangsta-rap gedateerd is ('Fuck you’), maar heeft halverwege een korte, terloopse dialoog opgenomen, waarin hij een klein gozertje op het hart drukt nooit een voorbeeld aan hem te nemen. 'Je kunt dokter worden, advocaat, voetballer, alles wat je maar wilt. Maar laat me nooit horen dat je zoals mij wilt zijn!’
DE RAP WORDT ook voor andere boodschappen gebruikt. Zo zetten de Jungle Brothers zich in voor de zwarte zaak. Met een rotsvast vertrouwen in de rechtvaardige loop van de geschiedenis - een soort eigen versie van de Verelendungs-theorie van de marxisten van weleer - verkondigen ze hun blijde boodschap, zoals in 'Good Newz Comin’: 'Good news everyone, the last Day is right around the corner. Down the block and up the boulevard. The oppressed will be saved from oppression. The Ghetto will be TransAfriKanedExpressed to the heavens, the “Righteous Playgrounds”.’ In de titelsong 'Done by the Force of Nature’ legt de rapper uit dat 'het makkelijker is voor een kameel om door het oog van een naald te kruipen dan voor een rijke man om de hemelpoort binnen te gaan.’ Back to the roots, zo luidt de boodschap - niet alleen naar Afrika maar ook naar Moeder Natuur, die wordt gepersonifieerd door de zwarte moeder (Black Woman) als bron van leven en wijsheid.
Vergeleken met de Jungle Brothers zijn de teksten van de Asian Dub Foundations veel militanter. Waar de meeste rappers geestverwanten of lotgenoten aanspreken, richt rapper Master D zich in dreigende bewoording tot het blanke deel der natie: 'Ik ben pas tevreden als je rug is gebroken’ en 'De eenheid van de hindoes en moslims zal je tirannie beëindigen’ ('Rebel Warrior’). En de verbitterde constatering in het nummer 'Box’ luidt: 'You think you know my mind by the colour of my skin…’
TEGENOVER DE gangsta- en radicaal-politieke rappers staan de vredesduiven. Spearhead, dat muzikaal een fusion tussen rap, hiphop, jazz en funk vertegenwoordigt, scoorde een paar jaar geleden met de cd Home. De teksten van Michael Franti zijn niet gespeend van cynisme ('It’s a crime to be black in America’), maar te allen tijde doet hij een oproep tot vrede en verdraagzaamheid ('Piece o’ Peace’). Een hot item voor deze softies is aids. In het nummer 'Positive’ wacht een jongen op de uitslag van een aids-test. 'How I’m gonna live my life if I’m positive? Is it gonna be a negative?’ vraagt hij zich vertwijfeld af, terwijl hij besmuikt toegeeft dat zijn seksleven niet erg 'veilig’ is geweest en dat hij eerder over leven en dood had moeten nadenken.
Waar Spearhead in verkapte vorm een lesje aidsvoorlichting geeft, laat het meidentrio Salt 'n’ Pepa zelfs elke muzikale pretentie varen. 'The best cure is not to get and not to spread it’, zo declameert een van de drie meiden alvorens de microfoon door te geven aan het groepje We Talk. dat op de cd Very Necessary een gastoptreden doet. Dit ontpopt zich tot een tenenkrommend hoorspel waarbij een meisje met overslaande stem tegen haar vriendje schreeuwt dat ze zich heeft laten 'testen’. 'O nee, je gaat me toch niet vertellen dat je zwanger bent!’ luidt zijn subtiele reactie. Er ontstaat een verhitte ruzie waarbij de jongen ontkent dat hij hier iets mee te maken heeft, zijn vriendinnetje van vreemdgaan beschuldigt en meedeelt dat hij niet meer van haar houdt. Gelukkig komt hij, eenmaal alleen, tot inzicht: 'Who am I fooling?’ Spijt krijgt hem in de greep, want had hij niet eigenlijk gewoon zijn school willen afmaken en dan een gezin stichten? Nu staat zijn toekomst in het teken van de dood.
Rap is de taal van de straat. Criminelen en straathoekwerkers treffen elkaar dagelijks maar interpreteren dezelfde situatie op hun eigen manier. Waar de macho-gangsta-rappers menen dat geweld de enige manier is je uit de stront omhoog te werken, pleiten de sociaal bewogen rappers juist voor een oppassend en deugdelijk leven. Ook Salt 'n’ Pepa, dat in muzikaal opzicht evenveel spierballen toont als de gangsta-rappers, keert zich expliciet tegen de zinloosheid van het vele bloedvergieten in de zwarte wijken. In het nummer 'Heaven or Hell is on Earth’ klinkt het rauw: 'Kids killing kids just for the juice/ Now Africa is looking for the truth.’
Des te strijdbaarder zijn de dames waar het de onderdrukking van (zwarte) vrouwen betreft. 'None of Your Business’ is een onverbloemde feministische peptalk waarin de vrijheid voor vrouwen wordt opgeëist om hun eigen liefdes- en seksleven te leiden. En voor de mannen die het nu nog niet begrepen hebben, legt Salt 'n’ Pepa het nog een keer uit: 'So the moral of this story is: Who are you to judge? There’s only one to judge and that’s God. So chill.’
Een Veluwse dominee had het ze niet verbeterd.