GERT VLOK NEL EN KOOS DU PLESSIS

Donkere troubadours

De Zuid-Afrikaanse zanger en dichter Gert Vlok Nel is in Nederland om te zingen op het Weerwoord Festival in Amsterdam. Koos du Plessis is zijn inspiratiebron.

Als de Zuid-Afrikaanse zanger en dichter Gert Vlok Nel vertelt dat hij een grote fan van Pussycat is (Pussycat!), dan shockeert het mij dat ik precies weet wat hij bedoelt. En als hij zegt dat Pussycat-zangeres Toni Willé de ‘beste zangeres van de hele wereld is’, dan voel ik tegen wil en dank aan dat het weinig zou kosten mij ook van dat feit te overtuigen. Want Gert Vlok Nel ís een dichter, een profeet en heilige als Bob Dylan, wat betekent dat je luistert als hij praat. En zingt.
Dat was zeven jaar geleden. Gert Vlok Nel was pas doorgebroken. Met zijn album Beaufort Wes se Beautiful Woorde maakte hij in eigen land furore en in Nederland viel hij in hetzelfde jaar op doordat Gerrit Komrij acht gedichten van hem opnam in zijn bloemlezing De Afrikaanse poëzie in 1000 en enige gedichten. In een mislukt gesprek met hem – hij ontwijkend, in zichzelf gekeerd, ik niet in staat dat te begrijpen en te doorbreken – vertelde Gert over zijn bewondering voor Toni Willé en over zijn droom haar op te zoeken. Zou dat hem gelukt zijn?

  1. Gert Vlok Nel is opnieuw in Nederland, nu om op het Weerwoord Festival in Amsterdam te zingen. En opnieuw zal hij, volgens ingewijden, nummers van Beautiful Woorde ten gehore brengen. Van nieuw werk lijkt nog geen sprake. Niet dat dat zo nodig hoeft. Gert is nog steeds hot, misschien meer dan ooit. Vorige week is Beautiful Woorde voor de tweede keer de Album Top 100 binnengekomen. Dat is een merkwaardige prestatie voor een plaat van bijna tien jaar oud.

Wat is het met hem? Destijds vertelde hij hoe moeilijk het was een kunstenaar in Zuid-Afrika te zijn, hoe hij op de universiteit, waar z’n studie mislukte, gedwongen was een baan als beveiligingsbeambte te nemen. Gert zag het somber in, in 1999, en hij droomde over Toni Willé…

Verlangen en verlies zijn grote thema’s bij Gert Vlok Nel. Een van z’n inspiratiebronnen, behalve Toni, is Koos du Plessis (1945-1984), een legendarische figuur in de cultuur van de Afrikaans sprekenden. Qua vorm en inhoud is de geest van de in 1984 overleden Du Plessis alom aanwezig in het werk van Gert Vlok Nel. Het best blijkt dat uit zijn elf minuten durende gothic meesterwerk Waarom ek jou roep vannaand. Het is een lied dat je koude rillingen geeft, een postmoderne nachtmerrie over God, verdriet, geesten, Kuifje, bier en wasmiddel. En over Koos du Plessis.

Dat Gert Vlok Nel in Nederland meer bekend is dan Koos du Plessis komt niet alleen doordat Du Plessis vroeg is gestorven. De reden is vooral ook dat Du Plessis zijn artistieke hoogtepunt bereikte in een tijd waarin Zuid-Afrika vanwege de apartheid in toenemende mate werd geïsoleerd. De culturele boycot begon te bijten. Juist in die tijd, begin jaren tachtig, kwam Du Plessis, die behalve liedjesschrijver ook dichter was (zie Komrij), met zijn album Skadu’s teen die Muur. Het bracht een revolutie teweeg in de behoudende Afrikaanstalige cultuur. Hier was een singer-songwriter die niet alleen beeldschone, bitterzoete teksten schreef, maar die ook de man op straat met zijn werk aansprak. Maar ook dat was relatief. Hij was wit, zong in het Afrikaans en was bovendien voornamelijk journalist; hij werkte als eindredacteur bij diverse Afrikaanstalige dagbladen in Johannesburg en Pretoria. Pas na zijn dood in januari 1984 onder mysterieuze omstandigheden bij een auto-ongeluk – er waren hardnekkige geruchten dat het zelfmoord was – werd hij echt beroemd. Belangrijke hedendaagse artiesten wezen ‘Koos Doep’ aan als hun grootste inspiratiebron, van wijlen Johannes Kerkorrel, in Nederland bekend door zijn samenwerking met Stef Bos, tot nu, Gert Vlok Nel.

Als je Skadu’s teen die Muur na Waarom ek jou roep vannaand beluistert, wordt de invloed van Koos du Plessis op Gert Vlok Nel duidelijk, met als kernbegrippen: eenzaamheid, angst, melancholie en weemoed. Wat Gert Vlok Nel evenwel van Koos Du Plessis onderscheidt is een eigen soort postmoderne ironie. Neem de begintekst van Waarom ek jou roep vannaand: ‘Gert bo die grond roep na Koos onder die/ grond kom in Koos kom in kom in.’ Ik, Gert, roep jou op, Koos, alsof ik een geest oproep, Koos, want ik wil wat tegen je zeggen. Het lied spint vervolgens uit in een hallucinerende spiraal van betekenissen: is het een zelfmoordbrief, deze tekst, waarbij Koos de ‘lezer’ is (‘Koos, ek raai ek is besig om koebaai te sê’, wat wil zeggen: Koos, misschien ben ik bezig afscheid te nemen…)? In ieder geval is er sprake van ontnuchtering en verlies van onschuld: ‘Jy was lank my swartste troebadoer jy’t die/ troebel water van my troebel hart geroer/ Maar eintljk weet ek my hart was toe nog/ kouewateromoskoon vir die Here en Tintin om in te woon.’ Zo puur was hij, zegt Gert, dat niet alleen God in zijn hart kon wonen, maar ook Kuifje. Deze tekst is op zichzelf magnifiek door de mix van ironie en verontrustende emotie, een eigenschap die het hele album kenmerkt. Maar de puurheid van eenvoud, daar gaat het om: een gitaar, een mondharmonica. En Gert. En Koos, postuum, als een geest in de tekst. Gert en Koos. Donkere troubadours.

De muziek van Koos du Plessis blijkt bij iTunes te koop te zijn. Het album Skadu’s teen die Muur is werkelijk onmisbaar. Luister als eerste naar Sprokie van een stadskind. Een nummer om aan kapot te gaan, over een grote stad (Johannesburg), over het zoeken naar geluk: ‘Volg hom elke nag/ oor swart riviere/ oor kranse van beton…’ Wat zoekt de dichter dan, hier tussen de wolkenkrabbers en de donkere wegen? Dit: een ‘neonboog’.

Gert Vlok Nel treedt 28 januari om 16.00 uur op in Paradiso, Amsterdam, in het kader van het Weerwoord Festival