Opera - Ariadne auf Naxos

Dood en blijspel

Gevoel voor humor hadden ze zeker, operacomponist Richard Strauss (1864-1949) en librettist en dichter Hugo von Hofmannsthal (1874-1929).

Medium opera

Richard Strauss had in 1905 en 1908 artistiek succes gehad met twee moderne, donkere opera’s over vrouwen die bezeten zijn van de dood: Salome en Elektra. Met de librettist van Elektra, Von Hofmannsthal, maakte Strauss vervolgens in 1910 een groot publiekssucces: Der Rosenkavalier, een vrolijk spektakel à la Mozart of Rossini, dat modernistische muziekliefhebbers zwaar tegenviel.

Hoe nu verder? Zou je beide elementen niet kunnen combineren? Een vrouw die alleen maar naar de dood verlangt en allerlei vrolijke blijspelfiguren daaromheen? Dat werd uiteindelijk in 1916 Ariadne auf Naxos, een grappige opera met daarin een ernstiger opera over de door Theseus op het eiland Naxos achtergelaten Ariadne. Het werd een bewust hybride, bijna postmodernistische onderneming. Eerst een lang voorspel waarin op komische wijze een operavoorstelling wordt voorbereid en dan de echte, wagneriaanse, opera, waarin Ariadne de dood zoekt maar een nieuwe liefde, de god Bacchus, vindt, dankzij een dubbel misverstand. Want Bacchus denkt dat zij de tovenares Circe is in een zoveelste vermomming en zij denkt dat hij de god Hermes is die haar naar de Hades zal brengen.

Van deze wonderlijke opera, die in Nederland niet zo vaak te zien is, brengt de Nederlandse Reisopera nu een zeer fraaie voorstelling, waarvoor Antonino Fogliani het goed spelende Noord Nederlands Orkest dirigeert. Regisseur Laurence Dale plaatst het in het nu: de protserige villa van de rijkste man van Wenen, vol enorme witte neoklassieke beelden (decor Gary McCann). In het tweede deel, de opera-in-de opera, maken die plaats voor een rotsformatie en schitterende videobeelden van water, golven, wolken, een zee en een baai (video-ontwerp Silbersalz Film).

We zien om te beginnen chique partygasten, ijdele operazangers en een vertwijfelde componist (een overtuigende, zeer herkenbare travestierol van mezzosopraan Karin Strobos). Op ironische wijze hebben Strauss en Von Hofmannsthal in deze rol al hun eigen frustraties gelegd: noodzakelijke inkortingen en onnodige aantastingen, en vooral hun wanhoop over de onverschilligheid van geldschieters en producenten. Maar er lopen ook commedia dell’arte-spelers rond en het wordt bijna een parodie als de componist nu precies verliefd wordt op Zerbinetta, de leidster van de komedianten (Jennifer France die zich wonderwel door de moeilijkste coloraturen heen slaat).

Sopraan Soojin Moon-Sebastian is in het eerste deel een hautaine operadiva en vervolgens een sombere, prachtig zingende Ariadne. Voor haar nu eens geen liefdesdood, zoals die van Isolde bij Wagner, maar een liefde die uit de dood voortkomt. Zij wordt omgeven door dansers, die zeer sensueel en mooi bewegen, maar die, liggend en bijna naakt, ook de dood kunnen vertegenwoordigen, waar Ariadne zo naar zegt te verlangen. Misschien is het eerder een curieuze dan een geniale opera, maar ik vermoed dat we deze Ariadne auf Naxos nooit meer zo mooi uitgevoerd en scherp vormgegeven te zien zullen krijgen.


Ariadne auf Naxos van de Nederlandse Reisopera is t/m 8 oktober te zien, onder meer op 6 en 8 oktober in Carré, Amsterdam;

reisopera.nl


Beeld: Ariadne auf Naxos, Nederlandse Reisopera (Marco Borggreve/Nederlandse Reisopera)