Puur op gevoel

Doorlezen

Dat kan toch niet.


Kan niks wezen.


Al die vrouwen!


Kan toch niks wezen.


Heb je van die Marjet van Zuijlen gelezen? Dat boekje over d’r persoonlijke sores. In wat voor tijden leven we? Zit zo’n burgertrutje een beetje pagina’s lang te foezelen over dat ze bang is voor Melkert. Bang voor Melkert! Kun je het je voorstellen? Die melkmuil, die postbode. Ik zou niet bang zijn voor Melkert.


Ik ook niet. Mietjes zijn het, vrouwen.


Zo’n Ponnie Palmen — hoor je me: Ponnie, zo noem ik haar altijd. Dat wijf heeft toch alleen maar aandacht omdat ze onder honderd kilo intellectueel vlees gaat liggen. Zelf afmaken — of die wijverij doet het onder elkaar wel. Dat kat elkaar ook gerust dood.


Ach, echte literatuur wordt nog steeds alleen door mannen geschreven.


Ach man, al die lekkere schrijfstertjes. Grote toeten en kleine pennen. Weten toch helemaal niks van schrijven. Al dat gelul over gevoelens en emoties. Direct neersabelen, zeg ik je. Literatuur, dat heeft toch niks met gevoelens te maken? Echt grote literatuur, dat is pure ratio.


Heb jij dat wel eens: gevoelens?


Nou ja, soms.


Ik ook wel, hoor. Als ik dan zo’n catalogus van een uitgever zie en al die blonde tandpastakoppen erin…


Ja, precies!


Best wel kut voel ik me dan, hoor.


Ja jongen, harde tijden — Lulu.


Ik heb het dan ook wel eens, hoor.


Wat?


Nou, dat ik dan aan mijn tafeltje zit en het allemaal op wil schrijven.


Wat dan?


Nou, gewoon wat ik voel.


Hoezo, wat je voelt?


Nou, dat ik mijn moeder zo mis. En dat hier hè, als je hier drukt dat het dan daar altijd pijn doet. Of dat ik me soms zo eenzaam voel.


Jezus ja jongen, dat heb ik ook.


Gelukkig heb ik dan altijd mijn vrouw, daar kan je dan dat soort dingen tegenaan zeggen.


Ja, ze zijn wel ergens goed voor.


Dan kan ik daarna altijd gewoon weer schrijven over literatuur.


Ja, met veel wit en wind en weiland.


Mooi! En dan met verstilling, boven een bureau of zo.


Jaha, en met een afwezige vader.


Van die thema’s, en dan het liefst heel ingetogen opgeschreven. Dat vind ik trouwens een heel mooi woord, ingetogen. Vreselijk gevoelig, dat woord. Mij doet het altijd wel wat.


Dat ken ik, ja. Dat heb ik vaak met sereen. Het woord sereen. Daar kan ik kippenvel van krijgen. Stel je voor dat iemand opschrijft: ‘Het was een serene zomerdag, toen ze opstond en ingetogen glimlachend de ochtend begroette.’ Dan heb ik het niet meer.


De tranen lopen over mijn rug. Wat een gevoel! Zouden vrouwen dat nou ook hebben?


Jongen, ik raak helemaal opgewonden. Twee kopstoten, Harry.