Draagbaar

Te zien tot en met 10 november op het terrein van de Westergasfabriek. Dagelijks van 12.00 tot 18.00 uur.
Mijn computer is er een uit het stenen tijdperk. Log en loodzwaar. Als-ie naar de PC-dokter moet - die is gelukkig om de hoek - leg ik hem liefdevol in de kinderwagen (wat voor een gezicht je daarbij moet trekken is weer een heel apart probleem). Binnenshuis verplaatsen gaat met zuchten en steunen. Diep onder de tafel duiken op zoek naar de stekkers. Onderdelen loskoppelen en stuk voor stuk het smalle trapje afsjouwen. De hele boel weer aansluiten. Het is duidelijk niet de bedoeling om een computer als deze te verplaatsen. Hij is gemaakt om het middelpunt te vormen van een werkkamer, of op z'n minst van een bureau.

Zo'n logge computer mag dan onhandig zijn, het ding geeft wel houvast. Er kan alleen binnenshuis, en dan nog op één plek worden gefaxt en gemodemd; daar bevindt zich de toegangspoort naar de wijde vertakkingen van het communicatienetwerk. Net zoals het televisievenster op een vaste plek uitzicht geeft op het televisiebestaan. Tv-kijken doe je op de bank. Computeren aan het bureau.
Het zijn ouderwetse ideeën, die langzaam maar zeker worden ondergraven. Steeds lichter en handzamer wordt de apparatuur en steeds mobieler de gebruiker. De grens tussen binnen- en buitenwereld, tussen de virtuele en de dagelijkse werkelijkheid, wordt dun en beweeglijk.
De walkman koppelde de luisteraar los van de stereotoren. De zaktelefoon verbrak de draadverbinding met de telefooncentrale. Nu is het de beurt aan de vingercamera’s, polscomputers en beeldschermbrillen. Apparatuur die je aantrekt als een tweede huid - Marshall McLuhans extensions of men. Het bastion waarin de moderne mens zich aanvankelijk terugtrok om met de wereld te communiceren, wordt opengebroken. Binnenkort kun je netwerken in de natuur.
De tentoonstelling Should I Stay, Should I Go?, komende week voor het laatst te zien in Amsterdam, geeft uitdrukking aan de veranderende ideeën over media en mobiliteit. Elf toercaravans zijn door evenzoveel kunstenaars ingericht of getransformeerd.
Linda Pollack maakte van haar caravan een reizend archief: The Archive of Immobility. Per post, e-mail of fax kunnen er naar Pollack berichten worden gestuurd waarin mensen vertellen over de grenzen die zij ervaren in hun dagelijkse functioneren. Je kunt in dit archief verhalen vinden over immigranten en politieke gevangenen, maar ook het handgeschreven beklag van een meisje van twaalf over haar ouders die te vaak weggaan om iets voor zichzelf te doen. De intieme caravan met al die kartonnen mapjes en het schrijftafeltje geeft het archief het aanzien van een kleinschalig, lokaal initiatief. De media die erbij betrokken zijn, doen het daar meteen bovenuit stijgen. Alsof het rondreizend archief door die media de mogelijkheid heeft uit te groeien tot een wereldwijd offensief.
De caravan van Edwin Janssen kun je niet betreden. Donkere gordijnen voor de ramen. Het enige wat je blik ontmoet is een televisie die terugkijkt. Op het dak van de caravan een schotelantenne. Dit schamele huisje vangt informatie op uit de hele wereld. Op de tv een Amerikaans programma over Nederland. Toeristische non-informatie voor reizigers met geld. De bezoeker die door de gordijnen spiedt, wordt tot buitenstaander gemaakt. Z'n blik wordt weerkaatst. Het is een mediamieke schil, ter bescherming van het binnenste van de caravan. Alsof Janssen een nieuwe grens trekt tussen binnen en buiten. Een ondoordringbare.