Draai je om!

Moet ik nu mijn vader of moeder haten, of kwaad zijn op mezelf? Mijn vader was de boeman van het gezin. Mijn moeder was, vond hij, alleen maar goed om te koken en kinderen te baren. Tot zes keer toe. Hoe ze ook haar best deed, zij schonk hem alleen maar meisjes.

‘Ik probeer het voor de laatste keer met je’, riep m'n vader op een dag.
'Draai je om. Ik wil je niet meer zien.’
Toen ik negen maanden later geboren werd, durfde mijn moeder niet toe te geven dat het alweer een meisje was. Ik werd in plaats van Martina Martin gedoopt en als zodanig ingeschreven bij de burgerlijke stand. Om mijn moeder te dekken heb ik, zolang zij leefde, mij als een man gedragen. Ik vloekte als een ketter en kneep de meisjes routineus in hun derrière, die mij in feite geen moer interesseerde.
Toen mijn moeder was gestorven, liep ik dan ook linea recta naar mijn vader en trok mijn broek uit.
Zo hadden we meteen twee begrafenissen op een dag. Mijn half dozijn zusjes waren werkelijk kapot van al die sterfgevallen en huilden uit op mijn door bodybuilding sterk ontwikkelde schouderpartijen. 'Lieve broer’, snikten zij, 'als we jou niet hadden…’
Waarom vertel ik u de waarheid en hen niet?
Omdat ik een lul ben, een kut eigenlijk, die zijn leven lang de kool en de geit probeert te sparen. Leek ik maar op mijn vader! Helaas lijk ik op mijn moeder.